Clash of the Titans




Ze zeggen altijd dat sequels ‘bigger, faster, and
louder
‘ moeten zijn dan hun voorgangers. Als dat waar is, dan
moeten er aan ‘Clash of the Titans’ – nu al de foutste productie
van het jaar – zeker een tiental films zijn voorafgegaan. Dit
digitale sandalenepos voor de Playstation-generatie is immers een
van de domste, luidste en meest frenetieke blockbusters sinds de
‘Pirates of the Caribbean’-trilogie haar sluitstuk kende met een
van luidste en domste films aller tijden. Maar gelukkig valt er
hier, in tegenstelling tot dat gewraakte ‘At World’s End’, wél wat
stiekem B-filmplezier te beleven. Een digitale CGI-brij, dialogen
die grenzen aan het potsierlijke en het hoogste testosterongehalte
sinds ‘300’ moet je er wel bijnemen, als je toch nog een klein
beetje wil genieten van dit crapfest spectacular.

Deze losse remake van de gelijknamige film uit 1981 draait rond
de held Perseus (Sam Worthington). Als baby wordt hij, met zijn
dode moeder ronddobberend in een gesloten sarcofaag, op zee
gevonden door een arme visser (Pete Postlethwaite – cursed be
that name!
). Jaren later, wanneer Perseus een stoere jonge
manskerel is geworden, is hij met zijn adoptiefouders en zijn
kleine zusje getuige van de ontering van een godenstandbeeld. Het
is de uiting van een ongenoegen dat al lang onder de oppervlakte
suddert: de mensen zijn het beu om te leven onder de genade van de
goden en komen in opstand. Daarop laat Zeus (Liam Neeson) zijn
broer Hades (Ralph Fiennes) op de mensen af, om ze te herinneren
aan ‘the order of things‘. Wanneer Perseus in de strijd
echter zijn gezin verliest, zweert hij wraak tegen Hades en trekt
hij ten strijde tegen de krachten van Olympos. Alleen: hij is zelf
een halfgod. Let the clash begin!

Het is spijtig dat ‘Clash of the Titans’ zo zelfbewust en
onafgewerkt is gebleven. Als je de trailer bekijkt, zou je denken
dat het hier gaat om de slechtste film in járen, en hoewel het
eindproduct stukken beter is, kun je nog altijd moeilijk spreken
van een aangename verrassing. De film had nochtans potentieel. Sam
Worthington is bijvoorbeeld, net als in ‘Avatar’, een goeie
leading man. Akkoord, voor films als deze moet je weinig
meer kunnen dan stoer in de lens kijken, rollen met je spieren en
af en toe even grommen, maar Worthington heeft in ieder geval het
charisma om dat ook overtuigend te doen. Ralph Fiennes
lijkt als slechterik dan weer als enige door te hebben dat hij in
een B-film zit en kiest voor een meer lachwekkende aanpak. En zo
schippert ook de film zelf voortdurend tussen serieus en idioot,
plezierig en vervelend.

Het verhaal kiest duidelijk voor de vervelende kant. Soms is de
plot aangenaam grappig in zijn onnozelheid, maar meestal is-ie
gewoon – welja – onnozel. Hoofddoel van Perseus is om Hades te
verslaan. Daarvoor moet hij eerst de Kraken (het monster van Hades)
een kopje kleiner maken. Om te weten hoe hij dat moet doen, heeft
Perseus de raad nodig van de Graiai (de mythische heksen die één
oog delen onder hun drieën). Die vertellen hem dat alleen het hoofd
van Medusa de Kraken kan verslaan. Op naar Medusa.
Chop-chop, en daarna komt dan de confrontatie met de
Kraken. Dat leest op zich al als de samenvatting van enkele
levels uit pakweg de laatste ‘God of War’, maar het helpt
ook niet dat de plot continu wordt aangedikt met overbodige scènes
en dialogen waar geen touw aan vast te knopen valt (dat mechanische
uiltje, iemand?). Al weet je tenminste wel – in tegenstelling tot
films als ‘Transformers 2’ of ‘G.I. Joe’ – telkens waarom
de personages ergens zijn.

Tussen elk belangrijk plotpunt in zitten natuurlijk een paar
stevige battles om het geheel wat vaart mee te geven, plus
enkele romantische dan wel overbodige terzijdes. Dat die
battles niets, maar dan ook werkelijk niets, ter zake doen
out of the blue beginnen ze soms te vechten, die
Grieken! – is wel spijtig. Ook jammer dat de nevenpersonages er
maar bijlopen voor piet snot. Mads Mikkelsen zet een coole
vechtersbaas neer – oké – maar hij en een vijftal andere
sidekicks blijven wel beperkt tot eendimensionale vechters
waar verder niets mee wordt gedaan. Wacht eens even… Perseus óók!
En Gemma Arterton, die Io (wiéjo?) speelt, mag nu al de prijs komen
ophalen voor Overbodigste Filmpersonage van 2010. Is dat erg? Ja,
absoluut. Maar ‘Clash of the Titans’ is een B-film en de van de pot
gerukte plotwendingen, personages en situaties dat hier aan bod
komen, deden ons gelukkig ook al eens grijnzen in plaats van
meewarig het hoofd schudden.

De graphics – ‘Clash of the Titans’ ziet er voldoende
uit als een middelmatige videogame om het ‘graphics’ te noemen –
zijn een nog verwarrender mixed bag. De set
pieces,
bijvoorbeeld, ogen soms behoorlijk indrukwekkend
(Argos, de stad op de kliffen), maar muteren op andere momenten
(het hol van Medusa) in een slaapverwekkend onoriginele pixelbrij.
De vreemdste schommelingen in kwaliteit zien we echter bij het
creature design (toch niet onbelangrijk in dit soort
films). Waar het origineel zweerde bij de ambachtelijke monsters
van Ray Harryhausen, kiest de nieuwe ‘Clash of the Titans’ resoluut
voor special effects. Soms is dat leuk (de Olympos ziet er
in al zijn onverdunde kitsch best toepasselijk uit), soms levert
dat de lelijkste plaatjes op uit de moderne filmgeschiedenis (denk
maar aan Medusa: als daar binnen twintig jaar niet duchtig mee
gelachen wordt, dan weet ik het ook niet meer). Wanneer er dan toch
even beroep wordt gedaan op ouderwetse kostuums – de Graiai hebben
het art design van ‘El Laberinto del Fauno’ en ‘Hellboy 2’
meegekregen – is het resultaat al een stuk grimmiger, realistischer
en cooler. Want, make no mistake, soms ziet ‘Clash of the
Titans’ er zeker oké uit.

Een ramp van epische proporties is het dus gelukkig niet
geworden, maar veel meer hoeft u van ‘Clash of the Titans’ ook niet
te verwachten. Machistische actie, krakkemikkige speciale effecten,
een streepje humor, brallerige dialogen en a whole lotta
nonsense
maken van deze filmische brulboei een onnozele
hack ‘n’ slasher die wat ons betreft genietbaar blijft,
zij het in wel erg beperkte mate. In hoeverre deze classicistische
retrokitsch voor actiefanaten u zal kunnen bekoren, zal dan weer
vooral afhangen van uw voorliefde voor slechte films, uw aparte
gevoel voor humor en de grootte van uw testosteronspiegel.
Ladies and gentlemen, pick your sides.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × vijf =