John Zorn :: O’o

Tzadik, 2009

Verandering van spijs doet eten. Na successen als ‘Masada’ en
‘Naked City’ zit de in New York verblijvende componist en
saxofonist er niet om verlegen zijn concept overboord te gooien en
zich op iets nieuws te storten. De afgelopen jaren toonde hij een
vergrote interesse voor allerlei exotische melodieën en
instrumentaria, waarbij vooral de invloed van percussionist Cyro
Baptista moeilijk te onderschatten is. Hoewel Zorn zijn
grensverleggende muziek nog regelmatig live bracht, kregen we met
‘The Gift’, ‘The Dreamers’ en ‘Alhambra
Love Songs
‘ enkele veelbesproken, verrassend ‘aangename’ en erg
populaire platen voorgeschoteld.

Het exotisch klinkende – maar moeilijk uitspreekbare – ‘O’o’
verwijst naar een prachtige Hawaiiaanse vogel, die beschikt over
een benijdenswaardig geluid. Met een uiteenlopende groep van
eigenzinnige muzikanten zoals Cyro Baptista, Joey Baron en Marc
Ribot, leek het ons een koud kunstje om de fluitende vogels in de
huiskamer te laten weerklinken.

‘O’o’ neemt een relaxerende start met ‘Miller’s Crake’, een
opgewekt maar zwoel klinkende melodie die gesterkt wordt door tal
van jazz- en bluesinvloeden. Vooral de vibrafoon zweeft al swingend
door de lucht en geeft de muziek een serieuze meerwaarde. Elk
instrument krijgt voldoende ruimte, maar schildert telkens netjes
binnen de lijnen zodat de sfeer zelden of nooit verstoord wordt.
Elk nummer bestaat uit een centraal genrethema dat meermaals wordt
herhaald en uitgediept door technische variaties.

Zo worden vaak country- of bluesakkoorden gebruikt en liet Zorn
zich bij ‘Little Bittern’ inspireren door de rockmuziek van het
einde van het vorige decennium. De gitaarsolo doet onder andere ook
denken aan ‘Los Cristenos’ van ‘El General’, Zorns recentste
soundtrack. We kunnen ons echter nooit van de indruk ontdoen dat
alles klinkt alsof het van op te grote afstand wordt gespeeld. Zo
blijkt het moeilijk om echt intens te genieten van de muziek, omdat
het allemaal een indirecte en behouden indruk geeft. Een (kleine)
zonde, want er is nauwelijks iets aan te merken op het vlak van
technische uitvoering. Wou Zorn zich te veel beperken tot de
creatie van een sfeeralbum? Misschien ontplooit de kracht van deze
muziek zich pas op het podium.

Met de veelheid aan stijlen en het uitdiepen van de melodische
muziek komt Zorn ook gevoelig dicht bij de sound die Medeski,
Martin and Wood al jarenlang produceren. Het zachte en lieflijke
deuntje van ‘Laughing Owl’ kon mits een toepasselijke tekst zonder
problemen op ‘Let’s Go Everywhere’, het album dat het trio
componeerde om kinderen te introduceren in de jazzmuziek. Toch laat
Zorn zich nooit verleiden tot al te makkelijke muziek. Met
‘Archaeopteryx’ hebben we een schijnbaar rustig en zeer afgewogen
gitaarnummer, dat ondergronds gevoed wordt door een licht
dissonante en onheilspellende sfeer (bemerk de piano, subtiel
aanwezig in de compositie).

“The Shadows meets jazz” zou het gevoel kunnen beschrijven dat ons
bekruipt, maar laat het duidelijk zijn: ‘Archaeopteryx’ is een zeer
amusante verrassing! Dat gevoel voor experiment en complexiteit
herhaalt zich ook bij ‘Solitaire’, dat vooral gekenmerkt wordt door
een vlot Afrikaans percussieritme. Intrigerende maar ook
geestverruimende wereldmuziek. Gitaarlegende Gabor Szabo lijkt ook
nog rond te zwerven in het New Yorkse bij het horen van ‘Piopio’,
dat geïnspireerd is door Oosterse muziek.

Het is misschien moeilijk om te spreken van grensverleggende
muziek, maar Zorn weet telkens een eigenzinnige versmelting van
stijlen te bewerkstelligen die we slechts zelden in het verleden
hoorden. Is dit dan dé muziek van de toekomst of enkel een korte
reflectie over de muziek van de voorbije vijftig jaar? Zo is
‘Zapata Rail’ een boeiende fusion (orgel, elektrische
gitaar en krachtige percussie inbegrepen) die meermaals het
verleden om haar vinger windt. Datzelfde nostalgische gevoel
bekruipt ons ook tijdens afsluiter ‘Magdalena’, die met haar
langgerekte tonen op het orgel, de duellerende elektrische gitaar
en het algemeen contemplatieve sfeertje een mooie en oprechte
knipoog is naar ‘In A Silent Way’ van Miles Davis.

Het exotisch geïnspireerde ‘O’o’ resulteert na meerdere
luisterbeurten altijd in een tweestrijd tussen nostalgie en
verrassing. Een halve eeuw muziek geschiedenis, volgepakt en
beladen met ritmes en melodieën, opnieuw bij elkaar gebracht tot
een bijzonder boeiende en beklijvende luisterervaring. Niet het
meest intense en veeleisende werk van Zorn – vandaar waarschijnlijk
het succes – maar samen met ‘The Dreamers en ‘The Gift’ een must
voor iedere luisteraar met een gezonde interesse in
muziek(geschiedenis).

http://www.tzadik.com/
http://www.myspace.com/tzadikrecords

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien − 15 =