Medeski, Martin and Wood :: Radiolarians Series



Indirecto, 2008-2009

Een samenleving die nooit stilstaat, een tijdrovende maar
onderbetaalde job, dagelijkse activiteiten die je liever kwijt bent
dan rijk: zoveel verplichtingen die ons ervan weerhouden even de
pauzeknop in te drukken, even buiten de conventies te stappen en
het wonder der natuur te aanschouwen. John Medeski, Billy Martin en
Chris Wood hebben het begrepen: ‘Radiolarians’ – of
stralingsdiertjes – zijn kleine eencellige organismen die voor
velen ongetwijfeld totaal onbekend zullen zijn. Nochtans behoren
deze diertjes, in symbiose met microscopische algen levend, tot de
bouwstenen van onze leefwereld. Geen mensenmaatschappij zonder de
minuscule radiolaria. Op ‘Radiolarians’ gaan Medeski,
Martin and Wood met een eclectische blik op zoek naar hun
microscopische natuur: de bouwstenen van hun verleden en
muziek.

Deze concepttrilogie kan aldus beschouwd worden als hét MMW-album
bij uitstek in hun nu al rijk gevulde discografie: de Amerikaanse
oeuvrebouwers trekken alle registers open en geven het beste van
zichzelf. Daarbovenop koos het jazztrio voor een unieke aanpak
tijdens de realisatie van het nieuwe project: het materiaal voor de
drie cd’s ontstond op het podium tijdens de vele livesessies, en
werden pas achteraf in de studio opgenomen. Zo werd het volledige
opnameproces omgekeerd met een totaal nieuwe muziekervaring tot
gevolg. De eerste twee delen werden al een tijdje geleden
uitgebracht, maar met de release van het slotalbum was dit de
perfecte gelegenheid om Medeski, Martin and Wood in volle glorie en
volledigheid te mogen aanhoren!

Radiolarians I

Vanuit een volledig niets komen elektronische geluiden met een
buitenaards karakter tot ontstaan. In ‘First Light’ worden bij
aanvang al de grenzen van de moderne jazz even onder druk gezet,
met een lange maar geleidelijk doorsijpelende expressie als
introductie tot de fascinerende muziekwereld van Medeski, Martin
and Wood. Een zeer herkenbare stijl, met tal kleinigheden die hun
ontstaan te danken hebben aan soul, funk en fusion.
Weliswaar altijd bedrukt met een persoonlijk watermerk, een
eigenzinnige en afwijkende perceptie die elke compositie tot een
boeiend en luisterrijk juweeltje maakt. Zo start ‘Muchas Gracias’
met herkenbare toonstructuren, maar de kleine details en de vele
verdraaiingen creëren een uniek en onherkenbaar geheel.

Dat gevoel doet zich voor bij zowat ieder nummer op ‘Radiolarians
I’: een voortdurend jongleren met traditionele en experimentele
concepten. Het gebeurt regelmatig dat een klassieke melodie op de
piano wordt gecombineerd met een intens en explosief basritme of
een vrije percussieopstelling. Die smeltkroes aan ideeën wordt
bijvoorbeeld uitstekend vertaald in ‘Free Go Lily’, dat inspiratie
put uit zowel jazz, soul als blues maar zich nooit laat verleiden
tot makkelijke en voorspelbare muziek. Dat is ook het geval bij
‘Rolling Son’ met zijn losse en beweeglijke Afrikaanse ritmes en de
uitheems aandoende melodische muzieklijnen. De sfeer wordt goed tot
leven gebracht door een onheilspellend orgel met zijn langgerekte
dissonante muzieksluiers.

De grootste verrassing van ‘Radiolarians I’ is misschien wel
‘Hidden Moon’, dat op sublieme wijze een romantische tangosfeer
suggereert. Het is fenomenaal om te horen hoe veel elementen
subtiel worden verwerkt in het melodische kader, zonder ook maar
een seconde te vervelen.

Radiolarians II

In tegenstelling tot deel één start ‘Radiolarians II’ met een
krachtige tour de force. We horen een ferme basslap die
regelmatig wordt afgewisseld met een angstaanjagend aandoende
melodie op de organ. Verder in het nummer wordt een
klassiek stuk op de piano geënsceneerd in dat kader. Over
enscenering gesproken: ook bij ‘Junkyard’ worden op indrukwekkende
wijze schijnbaar losstaande geluiden als vloeibare grondstoffen tot
een duistere desolate sfeer gemengd. Uitblinker is vooral de
harmonicanabootsing, die ook op andere nummers nog aan bod komt.
Een ander staaltje van sfeeropbouw is ‘Padrecito’, dat doet denken
aan de romantiek en melancholie van ‘Alhambra
Love Songs
‘. Verder in het nummer horen we nog vurige
tempoversnellingen met veel contrasten die uiteindelijk uitmonden
in zachte beroeringen van de toetsen op het klavier.

Uitblinker van ‘Radiolarians II’ – en misschien wel de volledige
trilogie – is het explosieve ‘Amber Gris’. Startend met een
meeslepende pianomelodie en diepe bassen, beleven we meermaals een
extatisch moment wanneer alle instrumenten tot leven komen in een
hecht verband. Net zoals in de natuur lijkt het alsof alles
verbonden is. Een verstillende en uitzinnige ervaring op eenzelfde
moment. Pandora’s doos geopend: wat een grandeur!

En na al dat moois hebben Medeski, Martin en Wood nog twee
verrassingen voor ons in petto: ‘Amish Pintxos’ is een funky
jazznummer dat swingt als geen ander. Vooral wanneer alle
klankkleuren en instrumenten samensmelten tot één geheel zien we de
kracht van deze muziek: een goed geoliede machine. Ten slotte is er
ook nog ‘Baby Let Me Follow You Down’ dat spelenderwijs omgaat met
de flinterdunne grens tussen wanorde en harmonie, spanning en
ontspanning. Een zes minuten durend gevoel van intimiteit en
verbondenheid, puur en onversneden, zonder zeemzoeterig en
voorspelbaar gedoe. Romantiek die ons geen clichébeeld
voorhoudt.

Radiolarians III

Medeski, Martin en Wood is een groep die makkelijk de tand des tijd
heeft doorstaan en na vele jaren nog altijd jong en fris klinkt.
Dat tijdloze karakter heeft men vooral te danken aan een
interessante tijdsdimensie: verleden en heden worden naadloos aan
elkaar genaaid. Opener ‘Chantes des Femmes’ is funky en exotisch,
maar kan op geen enkel moment als kitscherig of gedateerd te
bestempeld worden. Een losbandige melodie en een vrij ritme dat
dwingt tot bewegen.

Van de drie albums is ‘Radiolarians III’ misschien wel het meest
verrassende: ‘Satan Your Kingdom Must Come Down’ is een vurig,
bijna infernaal pianostuk dat gerust kon dienen als filmscore bij
een zwart-witte stomme film uit de jaren twintig. Daarnaast is
‘Kota’ een extatische uiting van cultuurversnippering: wat begint
als een zacht en teder klassiek stuk, begeleid door opwellende
bastonen, ontwikkelt zich in een Oost-Westdialoog tussen sitar en
piano. Ook een typisch MMW-nummer als ‘Wonton’ is een aards
paradijs voor elke orgelliefhebber – een groep waar we onszelf toe
rekenen.

Wat op het einde volgt, is een klap van Thors hamer: ‘Broken
Mirror’ is een verbluffend originele compositie die bij aanvang
herkenbaar lijkt, maar zich ontpopt tot een kippenvelmoment van
jewelste! Een eigenzinnig creatuur waarbij elke consensus overboord
wordt gegooid. Een uitvoerig geflirt tussen traditie en avant-garde
dat in al zijn pracht en praal rustig wegebt in de schaduw. Het is
enkel een spijtige zaak dat men ‘Broken Mirror’ niet als slotnummer
heeft gekozen. ‘Gwyrai Mi’ is verdienstelijk en allesbehalve slecht
maar mist de final punch die elke muziekliefhebber
knock-out zou slaan.

Het driedelige ‘Radiolarians’ is een conceptplaat die we innig
willen liefkozen, maar ons immer als een femme fatale doet
verstenen. Een drie uur durend magnum opus met een onnoemelijke
veelheid aan kleine miraculeuze organismen. Muziek die tot in zijn
diepste vezels is verbonden met het mysterium mundi van
ons bestaan. Net zoals die kleine stralingsdiertjes.

www.mmw.net
www.myspace.com/medeskimartinandwood

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × drie =