Tortoise :: Beacons Of Ancestorship

Toegegeven, in 2004 geloofde niemand er nog in, postrock was definitief geclaimd door de luid-zachtdynamiek zoals die door Mogwai populair gemaakt was. De andere twee bekendste namen van het genre Godspeed You! Black Emperor en Tortoise hadden er respectievelijk het bijltje bij neergelegd en een zwakke plaat uitgebracht. Met de compilatie A Lazarus Taxon zag het er bovendien naar uit dat het ook voor Tortoise niet meer hoefde.

Maar in 2008 bracht de band wel een sterke set op het Dour-festival, zelfs al greep hij dan vooral terug naar Standards en was vooral "Glass Museum" van doorbraakalbum Millions Now Living Will Never Die de smaakmaker van de avond. Ondanks het in 2006 uitgebrachte coveralbum The Brave And The Bold (met Will Oldham) zag het er naar uit dat Tortoise weliswaar de boeken niet voorgoed zou sluiten, maar net zo min geneigd was om nog werk van de band te maken, laat staan een album uit te brengen.

Geen wonder dus dat Beacons Of Ancestorship na een eerste beluistering al meteen op knallende champagnekurken onthaald wordt. De groep slaagt er immers in om moeiteloos aan te sluiten bij de huidige tijdsgeest en tezelfdertijd het beste van zijn oude werk in herinnering te brengen. Neem nu het nauwelijks een minuut durende "Penumbra" dat schaamteloos met de cheesy keyboardklanken van jaren tachtig cartoonsongs (Mask!) aan de haal gaat maar er wel een hoogst eigenzinnig nummer mee brouwt.

De Indische tonen uit "Gigantes" worden dan weer snel omgewisseld voor een ritmisch herhalend patroon dat drums, keyboards en gitaren samenbrengt rond een bepaald thema. Het trancegevoel dat de song opwekt wordt gepareerd door "Penumbra" enerzijds en "Northern Something" anderzijds. Die laatste neemt dance in al zijn vormen onder handen waarna een gemuteerde spacefunkversie met dolgedraaide blieps afgeleverd wordt opdat ook de Sint Vitus-dansers zich eens uitleven zouden kunnen.

De vuige punkrocker "Yinxianghechengqi" (een smerig stuk vreten klassevol geserveerd) camoufleert vernuftig zijn meesterschap en haalt zonder twijfel zijn neus op voor het stotterende "Monument Six One Thousand" dat schijnbaar op goed geluk een dubby bas, afgemeten drum en wat verloren keyboard en gitaargeluiden samen gooit. De schizofrene track laat zich het moeilijkste kennen van de plaat, maar verdient zonder twijfel zijn plaats op het album.

Met "The Fall Of Seven Diamonds Plus One" wordt ongegeneerd gesolliciteerd naar de soundtrack voor James Bond nieuwe stijl. De loungesong laat zich de martini’s welgevallen waarna hij met Burt Bacharach, Ennio Morricone en John Barry het bed induikt voor een wilde nacht. Met "de Chelly" (een briljante hommage parodie aan de jaren tachtig) volgt het naspel. De kater van die nacht wordt weggespoeld met het rustige "Minors" dat zo uit een van de oudere Tortoise-albums geplukt had kunnen worden.

Het is een opmerking die net zo goed op openingstrack "High Class Slim Came Floatin In" van toepassing is. De schuifelende drum, nadrukkelijk aanwezige bas en gitaren/keyboards die allesbehalve als dusdanig klinken grijpen terug naar de succesformule die de eerste drie platen van Tortoise onmisbaar maakten. En eenzelfde geldt ook voor het jazzrockende "Chateroak Foundation" en — uiteraard — de vooruitgeschoven single "Prepare Your Coffin" die hier tussen zijn broers en zussen nog meer tot zijn recht komt.

Vijftien jaar geleden werd Tortoise voor de eerste maal een begrip, een status die hij vijf jaar en vier platen wist op te houden. Want ook al verdiende It’s All Around You niet de scherpe kritiek die het bij zijn release ontving, een gedenkwaardige plaat was het evenmin. Iets wat met Beacons Of Ancestry meteen rechtgezet wordt. Vijftien jaar na zijn baanbrekende debuut zet Tortoise nogmaals de bakens uit en laat hij horen hoe goede muziek echt moet klinken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × drie =