Lamb of God + God Forbid


Lamb of God: Wrath **

Blijkbaar was ik niet de enige die ‘Sacrament’ te gelikt vond. Lamb
Of God zette om dezelfde reden producer Machine aan de deur en
vroeg ene Josh Wilbur om achter de knoppen plaats te nemen. De band
wilde weer zoals in de beginjaren klinken en Josh zou hen daarbij
moeten helpen. Dat zoiets echter faliekant kan aflopen, bewees
Metallica vorig jaar nog met Death Magnetic. In het geval van Lamb
Of God komt het gevaar echter uit een geheel andere hoek …

Het eerste kwart van ‘Wrath’ is nochtans allesbehalve slecht. ‘The
Passing’ klinkt lekker episch, terwijl zowel ‘In Your Words’ als
‘Set To Fail’, dankzij de splijtende riffs van de tandem
Morton/Adler en de vette baslijntjes van Campbell, als
vintage Lamb Of God kunnen bestempeld worden. Maar waar
knelt het schoentje dan precies?

Hét probleem van Lamb Of God heeft een naam: Chris Adler. De
zelfverklaarde spilfiguur van de band heeft zo’n grote stempel op
‘Wrath’ gedrukt, dat het soms wel lijkt of je maar zijn solo-album
aan het luisteren bent. De drums werden zó hard in de mix gezet,
dat je bij momenten moeite moet doen om een gitaar te
onderscheiden. ‘Contractor’ en ‘Fake Messiah’ zijn daar de mooiste
voorbeelden van. In geen van beide songs is er ook maar één
gitaarsolo te bespeuren. Ook de vocale capriolen van Randy Blythe
moeten er uiteindelijk aan geloven. De enige die je hoort, is Chris
Adler.

Pas vanaf nummer zes lijkt Lamb Of God weer op het goeie spoor te
zitten. ‘Grace’ is een mooi opgebouwd nummer met op het eind zowaar
een heuse gitaarsolo, op ‘Broken Sands’ mogen Morton en Willie
Adler eindelijk tonen dat ze nog steeds een deftige en vingervlugge
riff kunnen neerzetten, terwijl ‘Dead Seeds’ de geschiedenis zal
ingaan als het snelste Lamb Of God-nummer tot op heden. Het laatste
gedeelde van ‘Wrath’ valt, op afsluiter ‘Reclamation’ na, dan weer
onder de noemer egotripperij en is er eentje om snel te
vergeten.

Zes matige tot goeie nummers zijn simpelweg té weinig voor een band
als Lamb Of God. Qua sound was ‘Sacrament’ misschien net een brug
te ver, de band klonk toen tenminste nog als een geheel. Door op
‘Wrath’ absoluut te willen bewijzen hoe goed hij wel is, verraadt
Chris Adler zijn andere bandleden. De verkoopcijfers gaan me
misschien tegenspreken, maar wat mij betreft, is Lamb Of God nu al
over zijn hoogtepunt heen. Met dank aan mister Chris Adler

God Forbid – Earthsblood ****

Nee,
geef mij dan maar God Forbid. Na het verschijnen van ‘IV :
Constitution Of Treason’ en de daaropvolgende DVD ‘Beneath The
Scars Of Glory And Progression’ lijkt het de band eindelijk een
beetje voor de wind te gaan. Al meer dan tien jaar werden de
broertjes Coyle en hun kompanen als één van de trendsetters binnen
het metalcoregenre beschouwd, maar toch slaagden ze er niet in om
voet aan de grond te krijgen in Europa. Aan de kwaliteit van de
platen kan het niet gelegen hebben, want zowel ‘Gone Forever’ als
‘IV : Constitution Of Treason’ waren kopstoten van jewelste.

Met ‘Earthsblood’ zijn we aan de vijfde studioplaat van God Forbid
aanbeland. Na het theatrale/instrumentale (schrappen wat niet past)
‘The Discovery’ verwerkt te hebben, wordt het gaspedaal al meteen
stevig ingedrukt. ‘The Rain’ maakt al meteen duidelijk dat God
Forbid weinig aan zijn succesformule heeft veranderd : Byron Davis
die als een bronstige stier tekeergaat en, waar nodig, vocaal door
de broertjes Coyle wordt ondersteund, lekker stevige gitaarsolo’s
van diezelfde broertjes en een ritmesectie die elk gaatje vakkundig
dichttimmert. Ook ‘Empire Of The Gun’ als ‘War Of Attrition’ kunnen
als typisch God Forbid omschreven worden.

‘The New Clear’ deed me dan weer even achter de oren krabben. Het
nummer komt, mede door de cleane zang van Dallas Coyle, lekker
rustig op gang. Brulboei Davis is gedurende enkele minuten dan ook
nergens te bespeuren. Pas wanneer die laatste het op een schreeuwen
zet, steekt de band een tandje bij en worden onze nekwervels voor
de zoveelste keer op de proef gesteld. Op ‘Shallow’ gaat het tempo
weer resoluut de hoogte in en mag drummer Corey Pearce zijn duivels
nog eens ontbinden. Het venijn van titeltrack ‘Earthsblood’ zit ‘m
dan weer in de staart : de song mondt uit in een stevig gitaarduel
tussen de broertjes Coyle. Om je vingers zowaar van af te
likken.

Dat Earthsblood een dijk van een plaat is geworden, lijdt geen
twijfel. God Forbid klinkt, in tegenstelling tot Lamb Of God, als
een goed geoliede machine die klaar is om de wereld te veroveren.
Eat this, Chris Adler …

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 5 =