The Pains Of Being Pure At Heart :: The Pains Of Being Pure At Heart

Zelden klonk een groepsnaam kiger en minder op zijn plaats als bij The Pains Of Being Pure At Heart. Deze band serveert immers geen hartsplijtend slechte emo, maar okselfrisse popsongs die met grote onschuldige ogen baden in een wolk van fuzzy gitaren. Het spelt E-N-G-E-L-A-N-D 1-9-9-1 in koeien van letters, en dat is goed zo.

Come on down, the furthest reaches of your nowhere town/They suck you in, the black hole kids won’t let you free again
Don’t you try to shoot up the sky/Tonight we’ll stay alive
When it’s gone, you sit and stare/Until the golden dawn/Can’t you see his arms are a hell and you won’t ever leave?

Zoals elke goeie popgroep, zag ook The Pains Of Being Pure At Heart het eerste daglicht in een tienerdagboek. Eentje waarvan de eigenaar leefde op een dieet van Stone Roses en My Bloody Valentine, zo lijkt het wel: met zijn in grofkorrelige geluidswolken verpakte pure popsongs staat de tijd in de wereld van dit viertal voor eeuwig stil, ergens tussen de magische jaren 1989 en 1991. Maar hoort u ons "retro" zeggen? Welneen!

Het is immers alweer verdomd lang geleden dat we zulke heerlijke popsongs hebben gehoord of het soort fijne John Squire-gitaartjes dat "Stay Alive" (""Elephant Stone" van The Stone Roses achterstevoren", schreven we bij een eerste luisterbeurt) doet openbarsten. Dit is heimwee naar een tijd dat popmuziek eenvoudiger was en nog op gitaar kon worden gespeeld. Bij voorkeur op gitaar. Veel franjes heeft The Pains Of Being Pure At Heart immers niet nodig. Af en toe een keyboard, ja, maar dan enkel voor wat discrete toetsen in een dromerig nummer als "A Teenager In Love" dat drijft op een beat die zo van The Strokes had kunnen zijn. Noblesse oblige, als je uitvalsbasis New York is.

Het songschrijverschap van Kip Berman staat buiten kijf. Elk nummer heeft een melodie die in het oor blijft hangen en een refrein met venijnige weerhaakjes. "Come Saturday" is lollipop-onschuld verbonden met de distortionranzigheid van Jesus And Mary Chain; A Place To Bury Strangers vóór de nucleaire holocaust is losgebarsten. Maar er is meer, zoals "Young Adult Friction" dat over een stampende beat mooie backing vocals meekrijgt van toetseniste Peggy Wang-East.

Kom, we gaan nog wat nummers opsommen, want het stopt daar niet. "This Love Is Fucking Right!" heeft niet alleen een lekker dramatisch uitroepteken, maar ook een behoorlijk dubbelzinnige tekst. En natuurlijk: een heerlijk jengelende Britpopgitaar van heb ik u daar. En dan is er nog het ab-so-lu-te hoogtepunt "Everything With You": net geen drie minuten sheer bliss. En dan is er nog dat gitaarbreakje.

Zonder omwegen: we zijn er verliefd op, op dat gitaarloopje dat — zo rond 2'01'' — het nummer een laatste keer heerlijke hoogten injaagt. U kent het soort wel: gitarist wandelt naar de rand van het podium, snokt het daar achteloos uit de zes snaren, het publiek wordt gek. Even met vijf noten een festivalweide in vuur en vlam zetten. Dat is wat gechargeerd in het geval van dit wat wazige indiebandje — toegegeven — maar u begrijpt wat we bedoelen.

We gaan er niet meer woorden aan vuil maken. Koop dit plaatje, u zult er u geen buil aan vallen. En voor alle zekerheid spellen we het nog even voor u uit: K-W-A-L-I-T-E-I-T.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 5 =