Lily Allen :: It’s Not Me, It’s You

Een stukgelopen relatie met een Chemical Brother, het onthullen van een derde tepel, een miskraam, een vete met Katy Perry, … Lily Allen was de afgelopen maanden vooral voorpaginanieuws van de tabloids. Een mens zou haast uit het oog verliezen dat de Britse spring-in-’t-veld in de eerste plaats muziek maakt.

De dikke twee jaar sinds haar debuutplaat Alright, Still lijken dan ook een eeuwigheid, in een muziekland waar picareske popdilettantes tegenwoordig de plak zwaaien. Je zou bijna vergeten dat Lily Allen dateert van voor Amy Winehouse, Kate Nash, Adele en Duffy. Komt daarbij dat er met Lady GaGa, VV Brown en Little Boots alweer een nieuwe lading popsnoepjes klaarstaan om geconsumeerd te worden. Zo valt het te begrijpen dat Lily eind vorig jaar furieus tekeer ging toen haar platenfirma besloot de release van haar nieuwe album met enkele maanden uit te stellen. "They don’t know how to run a creative business/ I wish I could get dropped, but it won’t happen", fulmineerde ze stellig.

Om maar te zeggen dat de platenbonzen maar al te goed weten dat er geld te verdienen valt met Lily’s straffe tong. Op It’s Not Me, It’s You laten ze de zangeres dan ook nog steeds als een ontuchtig roodkapje door haar eigen sprookjesbos dartelen. Op een toon waarvoor zelfs veel van haar mannelijke rockcollega’s terugschrikken, vertelt Allen vrijuit over de wereld rond haar heen. Dit leidt in "Not Fair" tot erg komieke ontboezemingen over een vriendje — "I want to get to know you/ And then you make this noise/ apparently it’s all over… You never make me scream" —, maar in "Fuck You" evengoed tot rake beschuldigingen aan het adres van George Bush: "Look inside your tiny mind/ You’re just some racist who can’t tie my laces/ Your point of view is medieval".

Die grote mond speelt haar voor It’s Not Me, It’s You helaas ook parten. Toen Allen voorgesteld werd om haar plaat in de Parijse banlieues te laten producen, reageerde de Britse tomboy snedig: "I’m like, do you want me to get raped and killed?" Resultaat: exit Franse avontuur. De Amerikaan Greg Kurstin, die er op het debuut ook al bij was maar toen volledig in de schaduw van Mark Ronson opereerde, neemt nu de volledige productie op zich. En hier wringt Lily’s muiltje: waar Ronson voor een boeiend, retrogetint en veelzijdig geluid koos, trekt Kurstin de kaart van een veiliger, artificiëler, noem het gerust "Amerikaanser " geluid. In opener "Everyone’s At It" wordt Lily net niet opgezogen door een overvloed aan synth-effects en ook andere tracks als "Back To The Start" klinken nogal vlak.

Daarmee is de speeltuin afgebakend, net als Lily’s bewegingsvrijheid. Er is geen plaats meer voor een bekoorlijk borrelwalsje, noch voor een jazzy kauwgumbel als "Shame For You". "Fuck You" wordt geleid door een speels pianootje en het banjoriedeltje in "Not Fair" weet te verrassen, maar in vergelijking met het debuut is het aantal muzikale vondsten op zijn minst gehalveerd. Zo steken "22" en "I Could Say" in dezelfde electrokleedjes waarmee men terminale gevallen als Britney probeert te reanimeren. Kortom: Kurstin mocht gerust wat meer Amy en wat minder Kylie in de tweede Lily injecteren.

Graag hadden we hier geschreven dat Lily Allen met It’s Not Me, It’s You alle toenemende belagers tot Mini Allens degradeert. Hiervoor heeft het schelmachtige zangeresje nog steeds die kwaliteit om ogenschijnlijk naïeve deuntjes met ondeugende verhalen te doorspekken. Jammer genoeg klinkt de productie vaak te vlak en zijn sommige liedjes te onopvallend. Nu wordt het vooral uitkijken naar wie beter doet.

Mattias Baertsoen

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

veertien − 2 =