The Sugarland Express

Het zou unfair zijn om te zeggen dat de supersonisch snelle
lancering van Steven Spielbergs carrière aan het begin van de jaren
zeventig een kwestie van geluk was (talent had er ook wel wat mee
te maken), maar toch had het jonge wunderkind al vanaf
zijn eerste stapjes blijkbaar een paar verdomd goeie
engelbewaarders. Zijn debuut, de tv-thriller ‘Duel’, werd gemaakt
met weinig meer ambitie dan het vullen van een time
slot
van anderhalf uur, maar werd zo goed ontvangen dat een
internationale bioscooprelease volgde. Als doorbraak van tv naar
cinema kan dat tellen. En wat misschien nog belangrijker is: de
film trok ook de aandacht van het legendarische productie-duo
Richard D. Zanuck en David Brown, dat destijds de plak zwaaide over
de studio Universal. Zij namen het jonge talent onder hun hoede en
gaven Spielberg zijn eerste bioscoopfilm: ‘The Sugarland Express’.
Zelfs toen ‘Sugarland’ geen commercieel succes bleek, gaven ze hem
een tweede kans met ‘Jaws’, en we weten allemaal hoe die gok
afliep.

‘The Sugarland Express’ gaat over Lou Jean Poplin (een jonge
Goldie Hawn), die net is vrijgekomen uit de gevangenis en te horen
heeft gekregen dat haar baby, Langdon, bij een pleeggezin is
geplaatst. Ze krijgt het kind niet terug, en bijgevolg besluit ze
dan maar om haar man, Clovis (William Atherton) uit zijn
minimum security nor te helpen ontsnappen, slechts vier
maanden voor zijn tijd om is. Samen zakken ze af naar Sugarland in
Texas om hun zoontje te gaan halen. Onderweg verandert hun verhaal
echter steeds meer in een farce: ze gijzelen agent Maxwell Slide
(Michael Sacks), en worden dan ook achtervolgd door meer
politiewagens dan de Blues Brothers. Hun verhaal doet als een
lopend vuurtje de ronde, en in elk dorpje waar ze passeren, worden
Lou Jean en Clovis ontvangen als de mediahelden die ze razend snel
geworden zijn.

Wat meteen leidt naar een belangrijk thema van de film: ‘The
Sugarland Express’ anticipeert voor een deel de hedendaagse
mediatisering van de wereld. De kranten, de radio en het tv-nieuws
springen op het verhaal van Lou Jean en Clovis, wat leidt tot soms
groteske taferelen, zoals één waarin een radioreporter uit zijn
wagen gaat hangen om hen tijdens het rijden te kunnen interviewen.
Op die manier krijgen de Texanen een beeld van de twee als een
soort van Robin Hoods, die vechten voor hun kind – terwijl ze door
de main street van een klein dorp rijden, krijgen ze
geschenkjes (waaronder zelfs een klein varkentje) in hun handen
gestopt. Je kijkt er naar en je ziet in aanleg de mediageile wereld
van vandaag.

Typischer voor de Spielberg die we allemaal zouden leren kennen,
is het idee van kinderen en kinderlijkheid. Er is natuurlijk het
centrale plotgegeven van ouders die hun kind gaan terughalen, maar
veel sterker nog is er de vertolking van Goldie Hawn, die van Lou
Jean een groot kind maakt. Met haar 25 jaar lijkt ze nauwelijks in
staat om de gevolgen van haar eigen daden in te schatten – ze maakt
continu beslissingen die op dat moment zelf een goed idee lijken,
zonder verder te kijken dan het huidige ogenblik. Er hangen
misschien wel honderd politiewagens achter haar kont, maar ze is
gelukkig als een kind wanneer ze een bus haarlak en krulspelden
cadeau krijgt. Ze staat er niet bij stil dat wanneer ze in
Sugarland aankomt, de politie er misschien wel eens zou kunnen zijn
om haar op te wachten.

Het werk van Spielberg zit vol met dergelijke grote kinderen,
waaronder Richard Dreyfuss in ‘Close Encounters of the Third Kind’,
de verwondering van Keys (Peter Coyote) in ‘ET’, Peter Pan in
‘Hook’ en ga zo maar een uurtje door. Het vermogen van volwassenen
om het kind in zichzelf te bewaren staat vaak centraal in zijn
films, maar dan wel op een erg dubbelzinnige manier – zelf kind
blijven is mooi en zorgt voor een soort van onschuld. Maar het
zorgt er ook voor dat je als ouder vaak grof te kort schiet. Lou
Jean is lief en onschuldig, ja, maar is ze ook in staat om een kind
te op te voeden? Op net dezelfde manier is Roy Neary uit ‘Close
Encounters’ een sympathiek personage, maar hij laat op het einde
wel mooi zijn hele gezin stikken om met de aliens te gaan spelen.
En ook Peter Pan moet in ‘Hook’ aan het einde beseffen dat
volwassen worden het grootste avontuur van allemaal is. Die
ambiguïteit over kind-zijn versus volwassen-zijn wordt vaak
genegeerd wanneer er over Spielbergs werk wordt gesproken, maar ze
is er wel, en is ook hier al volop aanwezig.

De technische bekwaamheid van Spielberg staat ook al in deze
vroege film buiten kijf: de visuele stijl trekt zelden de aandacht
op zichzelf, maar ondertussen beweegt hij zijn camera wel
moeiteloos van de voor- naar de achterbank van een auto en terug.
Actiescènes zijn glashelder geënsceneerd en we krijgen als
uitsmijter nog een paar prachtige magic hour-shots. ‘The
Sugarland Express’ was overigens ook Spielbergs eerste samenwerking
met John Williams, die de strijk- en blaasorkesten nog even thuis
laat, om een subtiele score te verzorgen, met mondharmonicawerk van
niemand minder dan Toots Thielemans. De muziek ligt hier veel
dichter tegen de roots van Williams als jazzcomponist dan eender
welke latere partituur die hij voor de regisseur schreef.

De problemen die ‘Sugarland’ dan toch heeft, draaien veelal rond
het evenwicht tussen karakterstudie en actiefilm die Spielberg moet
zoeken. Het grootste deel van de film zien we de personages in hun
auto zitten, terwijl we uitgebreid de gelegenheid krijgen om hen
beter te leren kennen. Ondanks de eindeloze reeks wagens op de
snelweg, is ‘Sugarland’ in essentie een intieme film. Het is dan
ook wanneer de actie losbarst, met shoot-outs en echte
car chases, dat de prent de lijden krijgt onder een soort
van schizofrenie – opeens ben je naar een andere film aan het
kijken. Zanuck en Brown durfden het allicht niet aan om het publiek
naar huis te sturen zonder dat soort van oppervlakkige thrills,
maar in principe had het verhaal die niet nodig.

Goldie Hawn – nochtans een dame die niet echt herinnerd zal
worden als een groot actrice – zet een uitstekende Lou Jean neer.
Ze smijt zich vol overtuiging in een rol die haar toestaat om het
kind in zichzelf naar boven te brengen. Ze gilt, ze lacht en ze
krijst, maar onder dat alles weet ze de menselijkheid van het
personage perfect te bewaren. William Atherton is minder opvallend,
maar meer dan degelijk als haar man Clovis. Ook de wisselwerking
met agent Michael Sacks is erg sterk: de flik heeft al snel door
dat die twee onnozele kinderen hem geen haar zullen krenken, en de
sympathie die er ontstaat komt oprecht, ongeforceerd over.

‘The Sugarland Express’ is niet één van de grote Spielbergfilms,
maar wel een klein, fijn verhaal over ouders en kinderen, en de
manier waarop die twee soms inwisselbaar zijn.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × 4 =