The Mountain Goats :: Heretic Pride

Je zou verwachten dat een groep die al 15 platen lang — wonderbaarlijk genoeg in minder jaren — op dezelfde muzikale invulling teert, zijn verzadigingspunt ondertussen wel bereikt heeft. Dat is echter buiten John Darnielle en The Mountain Goats gerekend, die met Heretic Pride bewijzen dat te veel van het goede soms ook gewoonweg beter is.

Darnielle’s nummers zijn als kortverhalen die — als ze zich niet zo standvastig op de achtergrond van de muziekscène zouden houden — niet zouden misstaan in de betere bestsellerlijst. Op The Sunset Tree en Get Lonely ging de man eventjes de autobiografische toer op, maar op Heretic Pride keert hij terug naar de wereld van hoofdzakelijk fictieve personages en hun meeslepende avonturen. Onder andere de filmpsychopaat Michael Meyers passeert de revue maar bijvoorbeeld ook de vermoorde reggaemuzikant Prince Far I of pulpschrijver Sax Rohmer; iedereen, zolang het Darnielle zelf maar niet is.

De introspectie moet dus ook nu weer het onderspit delven voor uitstekend vervaardigde vertelseltjes. Niet langer bespioneert de luisteraar Darnielle in zijn persoonlijke overpeinzingen maar zit hij als een kleuter tijdens het verteluurtje gebiologeerd te luisteren naar al het fascinerends dat de man met zijn ongebreidelde en grenzeloze fantasie weet te verzinnen.

In het prachtige, op een frisse bries van cello zwevende "San Bernadino" beschrijft hij zo op een heel onschuldige manier hoe een vrouw in het bad van een motelkamer bevalt van een kersverse zoon, en in zijn stem weerklinkt de trots die de vader daarbij overspoelt. Minder romantisch maar minstens even meeslepend is bijvoorbeeld "In The Craters On The Moon" dat vanaf de eerste noot aangrijpt met een dreigende cello — perfect bespeeld door Erik Friedlander – en met agressieve gitaarakkoorden.

Daarin verschilt Heretic Pride nu net van de vorige albums: voor het eerst wordt ook de muzikale ondersteuning echt naar de voorgrond gehaald en komt ze letterlijk in dialoog te staan met Darnielle’s teksten. De onschuldige setting van "Tianchi Lake" weerspiegelt zich in een frivole pianopartij en de nervositeit van "In The Craters On The Moon" krijgt een nieuwe dimensie door het staccato van de gitaar. Cello, piano en percussie eisen hun plaats op in het geheel en constitueren zo niet enkel een voller geluid maar ook een over de hele lijn rijker en spannender album.

Wie zich voordien liet afschrikken door Darnielle’s nasale stem kan zich nu dus laven aan het prominenter instrumentarium en de overtuigend rockende uitbarstingen die hier en daar de kop opsteken. Het ietwat verontrustende "Lovecraft In Brooklyn" overtreft die uitspattingen zelfs door een heel nummer lang de drums en de elektrische gitaren hun gang te laten gaan.

Heretic Pride beschikt echter ook over een aantal klassiekere The Mountain Goats-nummers die in principe genoeg hebben aan een akoestische gitaar, een simpele drumpartij en niet te evenaren lyrics ("Marduk T-Shirt Men’s Room Incident", "Heretic Pride" en het overtuigend uitgepuurde "So Desperate"). De combinatie van deze rustige met de meer uitgesproken en dominante nummers en het samengaan van tragische, romantische en grappige songs (al was het maar dankzij de referentie naar Cheers in het lichtjes fantastische "Autoclave"), maakt van Heretic Pride een perfect uitgebalanceerd album dat naast een plaatsje in de bestsellerlijst ook in elke platenkast verdient te staan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijftien + vijf =