Blonde Redhead :: 23

Blonde Redhead ontstond in 1993 in New York, onder de vleugels van
Sonic Youth.
Hun muziek liet zich toen omschrijven als No Wave, minimalistisch
en sterk geënt op de stijl van hun beschermheren (en -dame). Van
dit alles is er geen sprake meer op hun laatste album ’23’. Het
trio, dat nog steeds bestaat uit Kazu Makino en de tweelingbroers
Simone en Amedeo Pace, gaat verder op hetzelfde elan als op hun
vorige plaat, Misery is a Butterfly,
maar gebruiken ditmaal een breder spectrum aan instrumenten en
technieken. Blonde Redhead is geëvolueerd, zoveel is zeker.

De opnames voor deze plaat schenen geen pretje geweest te zijn. Ze
besloten om de zaak zelf te produceren en dit resulteerde in een
intense en zenuwslopende bezigheid. De spanningen binnen de groep
liepen naar verluidt hoog op. Op een bepaald moment werd toch
producer Mitchell Froom (McCartney, Richard Thompson, American
Music Club) erbij gehaald om te helpen met enkele tracks. Het was
de moeite van het proberen waard: met ’23’ leveren ze een pracht
van een plaat af. Bij de eerste luisterbeurt waren wij echter nog
niet overdonderd. Pas na enige tijd bleken de nummers ons meer en
meer te bekoren, tot ze op een bepaald moment niet meer uit de
cd-lader en hoofd te branden waren. Geen instapklare muziek dus,
maar muziek die men gaandeweg gaat appreciëren en die op uw huid
groeit. De nummers ontvouwen zich langzaam en pas na een tijdje
geven ze hun geheimen prijs.
Het geheel klinkt heel filmisch, alsof het album de soundtrack is
van een niet gemaakte film. Er hangt een zweem van magie overheen,
als elfenstof. IJle stemmen, strijkers, subtiele percussie,
precieze synthesizers, een stevige electro-injectie en brede
arrangementen, gecombineerd met steviger gitaarwerk en pulserende
drums. ’23’ is gelaagder én verfijnder dan hun vorig werk. En
hoewel alles licht en luchtig klinkt, zijn de weerhaken zijn nooit
veraf.

Met de titeltrack wordt de toon gezet voor het hele album. Kazu
Makino zingt als een hese engel. Haar stem bereikt hoogtes die ze
zelf waarschijnlijk niet voor mogelijk achtte. Dromerig wordt een
wondere magische wereld bezongen ondersteund door een stevig ritme
en gitaareffecten. Met ‘Dr. Strangelove’ zakt het tempo en wordt
alles in een nevel van synthesizers geplaatst. Tijdens ‘The Dress’
wordt deze sfeerschepping op een heel intieme, melancholische wijze
verdergezet. Amedeo neemt de leadvocals voor zijn rekening in
‘SW’. Een duistere tekst die wordt bijgestaan door een
blazersectie: “It’s not, it’s not what you give but it’s what
you kept. It’s not, it’s not who you kill but it’s who you
left”
. ‘Spring and by Summer Fall’ is een sterk middelpunt van
de plaat met een noisy gitaarrif en pulserende bas die doet denken
aan hun beginperiode. Reeds vijf nummers ver en nog geen dipje,
faut le faire! ‘Silently’ is een liefdesverklaring van Makino, op
haar eigen onnavolgbare wijze: “Silently, I wish to sail into
your port, I am your sailor. Quietly, I drop my weight into your
sea, I drop my anchor”
. Met ‘Publisher’ en ‘Heroine’ wordt de
sfeer een stuk grimmiger. ‘Top Ranking’ baadt in een dubsfeertje en
werkt als het ware hypnotisch, bedrieglijk eenvoudig. ‘My Impure
hair’ sluit de rangen, een moeilijk nummer, een uitsmijter die aan
de ribben blijft plakken.

Voor deze plaat moet men zijn tijd nemen. Er rustig bij gaan zitten
in een comfortabele zetel, glas rode wijn in de hand, en de muziek
langzaam tot zich laten komen. Pas dan komt ’23’ volledig tot zijn
recht. Een mooie adempauze in een steeds snellere wereld. Blonde
Redhead is in goede doen, en dit belooft voor hun volgende
albums.

Blonde Redhead speelt op 30 juni op Rock Werchter

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × vijf =