Windkracht 10 :: Koksijde Rescue




Van veel bescheidenheid kun je de makers van ‘Windkracht 10’ in
ieder geval niet verdenken: overal waar ze gaan, verkopen ze immers
hun film luidruchtig als “de eerste Vlaamse blockbuster” en de
“duurste Vlaamse film aller tijden” (met een budget van 4,5 miljoen
euro). Er wordt telkens opnieuw de nadruk gelegd op de (dat vinden
ze zelf toch) fantastische actiescènes, op de speciale effecten, op
de steun die ze hebben gekregen van het echte 40ste
smaldeel van Koksijde en op al die andere dingen die ons moeten
overtuigen van de uitzonderlijke grootschaligheid van de productie.
Van nature wantrouw ik films die hun budget als kwaliteitsgarantie
proberen te gebruiken. “De duurste Vlaamse film ooit” – ja, en dàn?
Als het verhaal niet boeiend is, zul je ver springen met dat
budget.

Van een plot is nauwelijks sprake, maar zover ‘Windkracht 10’ al
érgens over gaat, gaat het over Rick Symons (nieuwkomer Kevin
Janssens, die er ook niets aan kan doen), een militair met een
trauma en een slechte attitude. Wanneer de landmacht zijn streken
definitief beu is geworden, wordt hij overgeplaatst naar Koksijde
rescue, waar hij als duiker weduwen en wezen mag gaan redden op zee
en ondertussen het hart en de oestrogeenproductie van
medic Alex (Veerle Baetens) op hol mag brengen.

Wat dan volgt is een voorspelbare opeenvolging van situaties die
op geen enkel moment voldoende samenhang dreigen te vertonen om
door te kunnen gaan voor een volwaardig verhaal. Rick en Alex
bekijken elkaar met hun zwoelste blikken, maar ondertussen heeft
Alex ook nog een wekelijkse hide the salami-afspraak.met
teamleider Mark (Koen De Bauw). Tussen de bedrijven van deze
relationele soap opera door, komen we te weten dat het onpeilbare
schuldgevoel van Rick iets te maken heeft met zijn beste vriend
Koen (Axel Daeseleire). En wanneer scenarist Pierre De Clercq écht
langs geen kanten meer weet wat hij nog moet aanvangen met zijn
personages, voegt hij dan maar een schijnbaar willekeurig
uitgekozen reddingsopdracht in, waarin de mannen van het
40ste hun heldenstatus mogen bevestigen.

Dat is een eerste, en vrij doorslaggevend zwak punt aan
‘Windkracht 10’: de film bestaat uit enkele losstaande elementen
die nooit in het gareel getrokken worden om netjes dezelfde
richting uit te gaan. Dit is een erg fragmentarische prent, met een
heleboel scènes die in principe moeiteloos verwijderd zouden kunnen
worden zonder dat het ook maar enig verschil zou uitmaken. Neem
bijvoorbeeld een scène waarin Rick en zijn vrolijke vrienden het
slachtoffer van een auto-ongeluk redden. Die kun je er zó uithalen
en het zou geen enkel verschil maken. Het verhaal (voor wat het
waard is) zou gewoon voortkabbelen zoals het bezig was, de
personages zouden zich nog steeds gedragen als voorheen. Dat is in
feite een irrelevante scène, en zo zijn er nóg heel wat. Er zit
geen sterke lijn in de film, en juist als big budget publiekscinema
heb je dat wel nodig.

Regisseur Hans Herbots maakte een jaar geleden ‘Verlengd Weekend’, een
volstrekt middelmatig tragikomedietje, en ook hier schiet hij als
regisseur nu niet direct de hoofdvogel af. Hij kan niet vermijden
dat zijn verhaal als los zand aan elkaar hangt, en bovendien heeft
hij het moeilijk om emoties in z’n film te stoppen zonder te
vervallen in wat prententieuze mensen wel eens “hyperbolen” durven
te noemen. Ik noem het daarentegen liever “pathetiek”: het soort
dialogen dat een reëel menselijk wezen nog in geen honderd jaar
over z’n lippen zou krijgen, maar waar acteurs met de regelmaat van
een klok mee opgescheept worden. Voorbeelden: Axel Daeseleire wil
iets illegaals doen en wanneer Rick hem aanbiedt bij hem blijven,
kijkt Daeseleire hem bloedernstig aan om te zeggen: “Dit moet ik
alleen doen.” Nog zo eentje: Alex die Rick vertelt dat: “Wij
bepalen met ons werk of iemand ‘s avonds thuiskomt of niet.”
Nope, de personages van ‘Winkracht 10’ zitten nooit om een
hoog woord of een protserige zinssnede verlegen. Elke emotie wordt
er vingerdik bovenop gelegd, liefst nog versterkt door een streep
al te nadrukkelijke muziek.

In feite is ‘Windkracht 10’, met z’n rammelend verhaaltje en z’n
goedkoop melodrama, weinig meer of minder dan een twee uur durende
reclamespot voor het leger. De mannen van het 40ste
mogen dan wel hun onderlinge geschillen hebben, maar als het erop
aan komt, riskeren ze wel hun leven voor ons in de meest
waanzinnige heldendaden. En let’s face it, ze zien er ook
gewoon cool uit in hun uniformpje. Wat dat betreft meende ik zelfs
soms overtonen van ‘Top Gun’ te bekennen in ‘Windkracht 10’: de
vliegeniers hier zijn zodanige supermannen dat je je bijna afvraagt
of ze niet gewoon hun engelenvleugeltjes kunnen gebruiken om tot
aan de problemen te vliegen. Geen wonder dat de producenten de
steun van de echte reddingsdiensten van Koksijde kregen: het
scenario hangt dan ook op alle punten een fantastisch beeld van hen
op. Het enige dat ze nog nodig hebben, zijn aureooltjes.

Kevin Janssens doet in zijn eerste grote rol zijn best om iets
van zijn personage te maken, maar hij krijgt ook gewoon niet veel
om mee te werken van het scenario. Hij kijkt na zowat elke scène
mistroostig en peinzend voor zich uit, wat denk ik een poging tot
diepgang of doorgronding van het personage is – enkel een bekwaam
dokter kan daar uitsluitsel over geven. Veerle Baetens is beter als
Alex, en voor de rest is het hoofdzakelijk gezichten tellen: de
BV’s vliegen je om de oren, vaak in slechts kleine rolletjes. Koen
De Bauw, Ludo Busschots en Warre Borgmans krijgen bedroevend weinig
te doen, zodat ze plaats kunnen maken voor ons centrale koppel, en
dan is er nog Jelle Cleymans, gruwelijk miscast hier als crewmember
van de Sea King. Cleymans is niet eens geloofwaardig als hij in de
bioscoop naar een KNT-film wil gaan kijken, kun je nagaan….

De fotografie, eens te meer in handen van Danny Elsen, is wél
oké: de hele prent is gefilmd met een gele filter, waardoor er een
sterke nadruk wordt gelegd op gele en groene kleuren. Of dat
kleurenpalet nu ook een goeie inhoudelijke motivatie heeft, daar
durf ik nog wel aan te twijfelen, maar bon: ‘Windkracht 10’ is in
ieder geval visueel wel goed aangepakt.

Visueel dus wel. Artistiek daarentegen, dat is een andere
kwestie. Een verhaal is er niet, personages ook al niet en de
dialogen zijn soms echt schabouwelijk. De eerste echte Vlaamse
blockbuster? Ik wacht er nog altijd op.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 + dertien =