Sukilove :: Good Is In Your Bones

Het is niet omdat iets moeilijk is, dat het daarom ook interessant
is. Gelukkig geldt deze stelling niet voor ‘Good Is In Your Bones’,
het derde studioalbum van de Belgische formatie Sukilove. In
verschillende fases ontstond Sukilove als een akoestisch, rustig
zijproject van Pascal Deweze, die vooral bij Metal Molly grote faam
had verworven. Wie Sukilove kent van hun vroegere werk (anno 2002)
en de country indiepopnummers als ‘As Long As I Survive Tonight’ en
‘Talking in the Dark’ onder de douche zachtjes meezingt, en wie hun
‘You Kill Me’ (2004) heeft overgeslagen zal even van zijn of haar
stoel opwippen en zich luidop de vraag stellen: “Is dit wel
Sukilove?” Hierop antwoorden wij volmondig: “Zo staat het toch op
uw kasticket.” Wie ‘You Kill Me’ niet links heeft laten liggen,
weet dat Pasal Deweze en de mensen die hem omringen, nogal graag
van richting veranderen en wie af en toe een interview leest, weet
dat het hen niet te doen is mooie, welomlijnde pop te maken. Als
het niet hun bedoeling was om gestroomlijnde, mooie nummers te
schrijven die er bij de tweede luisterbeurt al ingaan als een euro
in een winkelkarretje, dan zijn ze hierin maar half geslaagd, want
nagenoeg alle nummers mogen beslist mooi genoemd worden. Veel heeft
er mee te maken hoe je ‘mooi’ interpreteert. Op ‘Good Is In Your
Bones’ gaat het om ‘slepend mooi’ en ‘wringend mooi’. Het is een
plaat die tijd vraagt, ook aan de fans. Als alles eenmaal
doorgedrongen is, dan begin je te merken hoe verdomd interessant
dit alles klinkt, en dat er geen enkel nummer op staat dat
teleurstelt.

Er zit veel venijn in ‘Good Is In Your Bones’. Deweze wil iets van
zich afschrijven, met iets afrekenen. Zo is dat al bij de opener
‘Blood And Milk Makes Holy’. Dit nummer is zo zenuwachtig en
gejaagd dat het je bijna aanzet om je vuist in je computerscherm te
rammen. Ook ‘Good Friends’ heeft een erg wrange bijsmaak. Het lapt
de regels van de modelpop aan zijn laars en laat Deweze en zijn
backing vocals horen die halfweg het nummer de moeite niet doen om
mooi te zingen, maar daar gaat het hem in dit nummer niet om. Dit
is een aanklacht, zo getuige ook de sombere tekst. Het is bijzonder
functioneel, maar voor sommigen een reden om de forward
button
te zoeken.

Dat het niet allemaal de haren op de armen doet rijzen door
opborrelende woede en frustratie op te wekken, bewijzen nummers als
‘Snow’, ‘Let’s Dive’ en ‘Moon’. ‘Snow’ slaagt erin om een
spookachtige sfeer op te roepen en combineert dit met een gitzwarte
tekst waarin liefde filthy love wordt. Een koor dat tegen
het einde invalt, fungeert als de klaagzangen in een klassieke
Griekse tragedie. Al even pessimistisch van toon is afsluiter
‘Moon’. Hier staat ons dichtste hemellichaam symbool voor een
veronderstelde zekerheid die toch geen houvast meer biedt want de
maan is stuk en moet hersteld worden. Dat niemand erom schijnt te
geven, maakt het alleen maar erger. Deweze maakt duidelijk waar het
echt om gaat in “And all romance is forbidden / Here by
law”
. Het hele thema wordt nog eens herhaald, zij het zonder
tekst. Een vleugje van de oude Sukilove brengt ons ‘Let’s Dive’, de
meest klassieke ballade die de melancholie akoestisch hoog houdt.
‘Let’s Dive’ is verscheurend mooi, en ditmaal in de klassieke
betekenis.

De naam ‘Ballad Of No Apology’ is wat misleidend, want een ballade
kunnen we dit niet noemen. Opnieuw gaat het over een mislukte
situatie, komen verwijten boven, waarbij de partij aan het woord
niet inziet waarom hij zijn verontschuldigingen zou moeten
aanbieden. Een van de weinige nummers waar een vorm van vrede
overheerst, is de (halve) ode aan de vrouwelijke verwekker ‘Mama’.
Toch is het een scheefgetrokken vrede, want weinige nummers over
moeders maken gebruik van een bedreigend, gevaar aankondigende
gitaarbegeleiding. ‘Mama’ barst dan ook los in een poel van noise
en distortion.

Gelukkig zijn de tijden voorbij waarin een Neil
Young
voor de rechter werd gesleept omdat hij niet meer als
Neil Young klonk en zijn platen niet verkochten. Een beetje fan van
Sukilove kreeg en krijgt heel wat te verduren, maar een kleine
volharding en een beetje goede wil volstaan om van dit ‘moeilijke’
album te gaan houden als een van de meest boeiende releases van
2006. Straf werk, jongens!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

elf − negen =