Dirty Pretty Things :: Waterloo To Anywhere

‘Briljant debuut!’ of ‘eindejaarslijstje!’ wordt vrij vlug geroepen in recensies. Dirty Pretty Things is de nieuwe groep van Carl Barât, die we al kenden van The Libertines. Waterloo To Anywhere is dus geen echt debuut, maar toch: ‘briljant debuut!’ en zeker ‘eindejaarslijstje!’

Waarheidsgetrouwe dialoog:
“De cd van Dirty Pretty Things is echt geweldig. Beter dan Babyshambles.”
“Hmm, ken ik niet. Zijn dat nieuwe groepen?”
“Ja, je weet wel: de twee overblijfselen van The Libertines.”
“The Libertines, daar heb ik al wel eens van gehoord meen ik …”
“De groep van Pete Doherty?”
“Ah ja, die junkie die met Kate Moss was.”

Zo ver is het dus gekomen: Pete Doherty is een household name geworden. Niet omwille van zijn muziek, maar dankzij zijn pathetisch junkie-zijn. We gaan u het verhaal niet doen: sla er de wekelijkse muziekroddelpagina van uw favoriete blad voor radio en televisie maar op na. Hier zingen we liever de lof van het fantastische Waterloo To Anywhere: het debuut van de zogenaamd ongetalenteerde helft van The Libertines.

Als Carl Barât al minder getalenteerd zou wezen, is hij alleszins slim genoeg om dat talent niet te vergooien. Met Dirty Pretty Things bewijst hij een album vol goeie songs bijeen te kunnen schrijven. Nergens vernieuwend en nog net origineel, maar zo opwindend als popmuziek moet zijn. Punk die rammelt en jengelt zonder dat het eentonig wordt. Pop die je kan meezingen zonder dat het zeemzoeterig wordt. Alles wat je van Arctic Monkeys verwachtte op basis van “I Bet You Look Good On The Dancefloor” staat op Waterloo To Anywhere.

“Gin & Milk” verbergt bijvoorbeeld een geweldige, meeslepende popsong onder een smerige punkattitude. “Bang Bang You’re Dead” zit al bij de tweede passage van het refrein onwrikbaar in je geheugen gebeiteld. Ook “Wondering” is een perfect huwelijk van droompop en gitaargejengel. Fantastisch, pretentieus en op meerdere randjes is “Last Of The Small Town Playboys”: een collage van drie fijne songschetsen die een net imperfecte song oplevert.

Barât weet uiteraard waar de klepel hangt. Bij Thin Lizzy bijvoorbeeld, wiens “Whisky in The Jar” hij schaamteloos — welja — citeert in “Doctors And Dealers”. Van bij de eerste rammelende tonen van “Deadwood” is ook duidelijk dat Barât de Libertines-sound allerminst overboord gooit.

Gooi bij deze 11 songs het beste van Babyshambles (“Fuck forever”!) en je hebt een geniaal album van een supergroep. Door drugs en waanzin mocht het helaas niet zijn. Waterloo To Anywhere is alleszins het meest verslavende resultaat van de spijtige breuk tussen Doherty en Barât. Het album duurt nauwelijks 30 minuten: de ideale lengte voor de gemiddelde treinreis of een trip naar de supermarkt. Kort genoeg om meteen nog eens op te zetten. Maar vooral goed genoeg om binnen een half jaar nog te beluisteren. Bovendien is Carl Barât meestal wel present op concerten. Afspraak dus op Pukkelpop en in de eindejaarslijstjes.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 × 3 =