Gnarls Barkley :: St. Elsewhere

Wie is Gnarls Barkley? Brian Burton en Thomas Calloway laten op de
site van hun muzikale project meer vragen rijzen over het
fictionele personage dat verantwoordelijk is voor ‘St. Elsewhere’
dan dat ze er beantwoorden. Deze geheimzinnigdoenerij rond Gnarls
Barkley mag dan lijken op een goedkope promotiestunt, de twee komen
er moeiteloos mee weg, want ze hebben met deze plaat een soundtrack
gecomponeerd die zelfs de meest druilerige regendag omtovert in een
zomers feestje met Hawaïaanse allures. ‘St. Elsewhere’ is namelijk
een atoombom, geprepareerd in de vele turbines van de hersencellen
van Burton en Calloway, die clichématige en oppervlakkige
hitlijstmuziek finaal van de kaart veegt. De explosie die
plaatsvindt wanneer je dit plaatje in de cd-lader steekt, heeft een
veelkleurige stofwolk tot gevolg, die elke muziekliefhebber zal
bedwelmen met het beste wat de pop-, funk-, hiphop- en soultraditie
te bieden heeft.

Voor velen zullen Burton en Calloway even enigmatische figuren zijn
als Gnarls Barkley zelf. Onder hun pseudoniemen zijn de twee echter
wel bekend. Burton zullen de hiphopliefhebbers beter kennen als
Danger Mouse. Onder deze naam heeft de man al samengewerkt met
avant-rapper MF Doom en produceerde hij ‘Demon Days’, de laatste
plaat van het virtuele ‘Gorillaz’. Burton is echter ook befaamd
vanwege ‘The Grey Album’, waarop hij de pop van The Beatles
confronteerde met de raps van Jay-Z. Thomas Calloway is beter
bekend als Cee-Lo Green, losvast lid van Goodie Mob en
gerespecteerd solo-artiest die de gospel- en soultraditie van het
Zuiden van de VS nieuw leven inblaast met zijn vocale wind. Samen
zijn ze verantwoordelijk voor ‘St. Elsewhere’: een plaat van 37
minuten die toch aanvoelt als een niet te versmaden 8 gangen-diner
bij het Hof van Cleve. Wat Danger Mouse en Cee-Lo Green hier
teweegbrengen is namelijk zowel copieus als verfijnd. In navolging
van Outkast en Jamie Lidell
maken deze twee creatieve geesten gebruik van verschillende genres
met een lange geschiedenis om er een okselfris, opzwepend plaatje
mee te smeden dat nu al aanspraak maakt op een plaats in de hoogste
regionen van het betere eindejaarslijstje.

‘St. Elsewhere’ is een echte muzikale deathride, want gas wordt er
niet teruggenomen: ‘I’m free‘, zingt Cee-Lo uitbundig als
een gospelzanger op LSD in opener ‘Go-go Gadget Gospel’, terwijl
feestelijke trompetten de strijd aangaan met een nerveus drum ‘n
bass-ritme. Voor je het weet, zijn de eerste beats van übersingle
‘Crazy’ al door de luidsprekers geschald. Het nummer verwierf de
eerste plaats in de Britse charts enkel op basis van downloads en
dat is niet verwonderlijk. Dit is pop zoals Moby ze vergeten te maken is sinds
‘Play’, eenvoudig maar o zo effectief: de ‘Hey Ya’ van 2006 heeft
niet meer nodig dan een simpele beat, droge baslijn, meeslepende
strijkers en een zanger in topvorm om het label ‘instant-classic’
opgeplakt te krijgen. Op de psychedelische soul van het titelnummer
zijn de vocale prestaties van Cee-lo (naamgenoot van Al Green) zo
mogelijk nog impressionanter. De Violent Femmes-cover ‘Gone Daddy
Gone’ zet dan even een domper op de feestvreugde, maar ‘Smiley
Faces’ is weer een overheerlijke cocktail van funk en soul, waarop
zowel Danger Mouse als Green de show stelen. Burton laat
elektronische effecten botsen met speelse synths en stuiterende
beats, terwijl Calloway boven zichzelf uitstijgt, bijgestaan door
een magistraal achtergrondkoor.

Het eclectische feestje op ‘St. Elsewhere’ kent geen rustpunten,
maar af en toe vormt de opzwepende sound van de plaat voor een
discrepantie met de teksten van Cee-Lo. Het beste voorbeeld is
huisfavoriet ‘Just A Thought’. ‘When I was lost, I even found
myself / Looking in the gun’s direction / And I’ve tried everything
but suicide / But it’s crossed my mind
‘, zingt Green. Het is
een overtuigende en o zo relevante aanklacht tegen geweld en
agressie, terwijl een Spaanse gitaar in de verte weerklinkt en
moddervette beats op de meest onvoorspelbare momenten invallen. Op
het gejaagde ‘Transformer’ lijkt Cee-Lo zijn ‘But I’m fine
van de vorige song kracht bij te zetten en probeert hij met zijn
raps de versnelde synths van Danger Mouse bij te benen. Ook in
‘Storm Coming’ tekent Danger Mouse voor een veelkleurige windhoos
waarin drum ‘n bass, funk en soul als weggeblazen huizen
rondvliegen. Wanneer de grandioze soulstem van Cee-Lo in afsluiter
‘The Last Time’ is weggestorven, zit er slechts één ding op: dit
extatische en orgastische feestje nogmaals door de boxen
jagen.

Pim, Katerine, Il Divo en noem maar op: onze kat hoest haarballen
op met meer charisma en credibility dan deze would be-artiesten.
‘St. Elsewhere’ is dan ook een grote middenvinger naar alle
voorgekauwde, plastieken Ultratop-pop. Het album bewijst dat
mainstream-muziek ook subtiel en fijnzinnig kan zijn zonder de
funfactor uit het oog te verliezen. Danger Mouse en Cee-Lo Green
gooien op deze plaat alles in de strijd en het resultaat is pop
zoals ze tegenwoordig veel te weinig gemaakt wordt: catchy en
dansbaar maar met een smerig, grillig randje. Gnarls Barkley is net
als honing: gezegend met een oneindige houdbaarheidsdatum!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + een =