Bright Eyes :: Digital Ash For a Digital Urn / I’m Wide Awake, It’s Morning


Conor Oberst, dàt is de man… Althans, dat leiden we toch af uit de
euforische persartikels die de afgelopen weken als een zwerm
opgewonden kirrende tortels de Blijde Inkomst begeleidden van
‘Digital Ash For a Digital Urn’ en ‘I’m Wide Awake, It’s Morning’,
de twee cd’s die hij gelijktijdig op de markt gooide. U heeft er
waarschijnlijk wel van gehoord: op ‘I’m Wide Awake…’ toont hij zich
van zijn beste singer-songwriterkant; op ‘Digital Ash…’ meet hij
zich met het kruim van de indierockwereld.

Het is moeilijk te zeggen aan welke Bright Eyes we nu de voorkeur
geven. Verwacht van ons dan ook geen koopadvies voor mensen met een
krappe beurs. Het ligt er allemaal een beetje aan in welke stemming
ik me bevind. Bovendien is het verschil tussen beide platen nu ook
niet zooooo verschrikkelijk groot: we hebben tenslotte twee keer te
maken met dezelfde componist met zijn eigen werk- en
schrijfpatroon, met dezelfde stem, dezelfde leefwereld en dezelfde
persoonlijkheid.
Oberst is het snoepje van de week, the flavour of the month,
en wie zijn wij om daar iets op tegen te hebben? De man is
inderdaad uitermate getalenteerd, maar zeggen dat we te maken
hebben met twee mijlpalen in de muziekgeschiedenis, zou de waarheid
geweld aandoen zijn. Dat neemt echter niet weg dat het gros van de
nummers op beide cd’s van een erg hoog niveau zijn.

Laten we het een beetje overzichtelijk houden en beginnen met
‘I’m Wide Awake, It’s Morning’, het “conventionele” album
dat bulkt van de tijdloze klassesongs. De tien liedjes baden in een
authentiek folk- en countrysfeertje. Ze zijn sober, zonder franjes,
als een ontblote zenuw. Oberst is hier de fragiele, teergevoelige
troubadour, die er meer dan eens in slaagt de luisteraar kippenvel
te bezorgen. Vooral tijdens de drie songs waaraan legende Emmylou
Harris haar medewerking (en stem) verleende, lopen de rillingen ons
als kille palingen over de rug. ‘We Are Nowhere and It’s Now’, ‘Old
Soul Song (For the New World Order)’ en ‘Landlocked Blues’ deden
ons nog een keer teruggrijpen naar ‘GP’ en ‘Grievous Angel’, de
twee soloalbums van legende Gram Parsons, de man aan wiens zijde
het allemaal begon voor Harris. We hopen wel dat Oberst het iets
langer zal uitzingen dan Parsons. Een andere fijne gast is Jim
James, van het fantastische My
Morning Jacket
. Harris en James geven de tracks van de plaat
duidelijk een meerwaarde, wat echter niet wegneemt dat de andere
zes liedjes van veel mindere kwaliteit zouden zijn. ‘First Day of
My Life’ bijvoorbeeld (misschien wel het hoogtepunt), ‘Lua’ en
‘Train Under Water’ bewijzen dat Oberst het ook alleen kan, en met
klasse.

‘Digital Ash in a Digital Urn’ is wat we het ‘interessante’
album kunnen noemen. Geen songs die hun schoonheid van bij de
eerste noten prijsgeven; de plaat is als een toverbal die elke keer
weer andere kleurtjes vertoont. Geen voer voor ongeduldige
luisteraars dus, die alleen maar instant classics willen horen.
Toch loont ook deze schijf de moeite. Op deze plaat doet
elektronica haar intrede. Gelukkig leidt dit niet tot potsierlijke
creaturen, zoals die soms de wereld worden ingestuurd door
artiesten die “eens iets anders” willen uitproberen, of die hun op
klassieke leest geschoeide songs wat willen opsmukken en doen
passen in de tijdsgeest. In dat opzicht is het gegeven van die twee
totaal verschillende cd’s een zegen geweest voor Oberst. Op deze
plaat klinkt hij even geloofwaardig als op ‘Wide Awake…’. Hij koos
er dan ook niet voor de hipste en hotste producers uit het
elektronicawereldje uit te nodigen, maar trok ook hier weer met
slechts een handvol soulmates de studio in.
Critici noemen het wel eens de ‘Kid A’ van Bright Eyes, maar toch
staan ook hier de songs en de stem centraal. Oberst krijgt de hulp
van Nick Zinner van de Yeah Yeah
Yeahs
, producer Mike Mogis voorziet onder de naam Digital Audio
Engine de songs van de juiste dosis beats en ook Jimmy Tamborello
vanThe Postal Service wipte even
binnen om ‘Take It Easy (Love Nothing)’ mee vorm te geven.

Over welke van de twee we nu de beste vinden, gaan we geen
uitspraak doen. Daarvoor zijn ze toch een tikkeltje té verschillend
(gelukkig maar). Wie zich een volledig beeld wil vormen doet er
best aan zijn tijd te nemen voor beide platen, die je nog het best
kan beschouwen als de yin en de yang van Obersts capaciteiten.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

8 + 12 =