Sky Captain and the World of Tomorrow




Deze film is uniek, schreeuwen de website en zowat alle andere
publicitaire materialen ons toe: de eerste prent die helemaal voor
een blue screen is opgenomen, een blauw scherm dat de plaats
in moet nemen van een reëel decor, zodat het later door de computer
kan worden ingevuld met wat voor ongein de regisseur dan ook wil
toevoegen. Jaja. Nounou. Ik krijg de indruk dat ik dat soort van
beschrijvingen de laatste tijd nogal dikwijls moet geven: “de
eerste film die dit of dat doet”, “een visuele vernieuwing”, “een
nieuwe stap voorwaarts in digitale animatie”. Om de andere maand
krijg je wel een film in de zalen die de grenzen verlegt van wat er
mogelijk is met computers, de trukendoos van moderne filmmakers
wordt steeds uitgebreider. Maar worden er met al dat ook nog wel
films gemaakt die de moeite van het bekijken waard zijn? Neem nu
‘Sky Captain and the World of Tomorrow’ van regisseur Kerry Conran:
visueel vernieuwend. Een nieuwe stap voorwaarts in digitale
animatie. Maar in de eerste plaats is dit ook crimineel slechte
cinema: een tempeeste van special effects, waarbij alle
menselijkheid, intelligentie, humor en klasse voor het gemak
overboord werden gegooid.

Het is 1939 en New York wordt aangevallen door een eigenaardig
soort van vliegende robots, die op zeer onsympathieke wijze en
zonder de minste uitleg alles in puin schieten dat ze zien (in het
midden-oosten noemen ze deze film naar het schijnt: ‘George Bush
and the World of Today’). Piloot-avonturier Joe ‘Sky Captain’
Sullivan (de alomtegenwoordige Jude Law) en journaliste Polly
Perkins (Gwyneth Paltrow) gaan samen op onderzoek uit naar het
boosaardig brein achter deze aanslagen. Eén en ander lijkt samen te
hangen met de mysterieuze dood van zeven wetenschappers die ooit
samenwerkten aan eenzelfde project. Sky Captain en Polly volgen het
spoor naar een zekere professor Totenkopf (die naam alleen al!),
die ergens in een van God verlaten hoekje van de Himalayas een
snood plan uitdoktert om – daar komt-ie, u vroeg zichzelf al af
waar hij zo lang bleef, allemaal samen – de wereld te veroveren.
Tja, waar zou u zich mee bezighouden, moest u een arsenaal aan
killer robots hebben? Geholpen door kapitein Franky Cook (Angelina
Jolie), een oude vriendin van Sky Captain, trekken hij en Polly er
manhaftig op uit om Totenkopf tegen te houden.

Deze plot werd ontleend aan zowat elke James Bondfilm met Roger
Moore, en bevat ongeveer evenveel logica. Maar goed, dit is dan ook
geen film die u voor het verhaal moet gaan bekijken. Als de term
style over substance ooit ergens van toepassing was, dan is het
hier wel. Dankzij de nieuwe technieken die Kerry Conran hier
gebruikt, is hij eindelijk geslaagd in de ambitie die George Lucas
al jarenlang koestert: hij heeft een film gemaakt die helemaal geen
film meer is, maar enkel een Playstation-spelletje waar schijnbaar
toevallig enkele mensen in verloren zijn gelopen. ‘Sky Captain’
komt van begin tot eind helemaal uit een computer, niets eraan is
echt behalve de acteurs. Het resultaat is een zwaar gestileerde
versie van de jaren dertig die eruit ziet als een ietwat vergeelde
foto die veel te lang tussen de pagina’s van een ongeopend boek
heeft gezeten. Alle kleuren zijn een beetje afgebleekt, er ligt een
vage sepia schijn over de film. De decors op hun beurt lijken echt,
maar… toch ook weer niet. Beeldt u zich in dat er gewone acteurs
rondliepen in ‘Final Fantasy’ of ‘The
Polar Express’
– dàt is het effect dat je krijgt in ‘Sky
Captain’. Is dat knap gedaan? Ja, ik veronderstel van wel. Op
zuiver technisch vlak moet dit een titanenwerk zijn geweest en het
is al een prestatie op zichzelf dat de film er gekomen is. We
krijgen hordes gigantische robots die door de straten van Manhattan
strompelen, vliegtuigen die willens en wetens de zee in crashen,
enkel om vervolgens in een duikboot te veranderen, prehistorische
monsters en rondvliegende raketten, en al die dingen zien er
ongeveer even realistisch uit als in uw favoriete videogame. Als
iemand die niet eens weet hoe hij met Photoshop moet werken, moet
ik daar wel van onder de indruk zijn.

Maar dat is allemaal uiterlijk vertoon – wat Conran niet kan
verdoezelen, is echter zijn totaal gebrek aan inspiratie of
vakkunde in het vertellen van een verhaal. Dat de plot volslagen
gesjeesd is, wil ik niet eens tegen hem gebruiken. Veel erger, is
de vreugdeloze manier waarop dat verhaal verteld wordt. Niemand van
de personages, laat staan de regisseur, lijken zich te amuseren in
‘Sky Captain’: ze lopen er allemaal bij met zure gezichten en
mompelen ronduit debiele dialogen. Op geen enkel moment knéttert
het tussen de hoofdfiguren: ze zijn geen mensen met herkenbare
karaktertrekken, maar bordkartonnen karaktertjes die geen bal te
vertellen hebben en nooit interessant dreigen te worden. In plaats
van een verhaal, degelijke personages, humor of spitse dialogen
(allemaal dingen waar Conran duidelijk niet voor in de wieg is
gelegd), kiest de regisseur dan maar voor nóg een actiescène, nog
een Playstation-moment van exploderende vliegtuigen en knallend
geweervuur.

Jaja, hoor ik u zeggen, maar zijn die actiescènes dan op z’n minst
de moeite? Nou… Niet echt. Natuurlijk heb je die digitale
achtergronden die zeer knap zijn ingevuld dankzij een oneindig
aantal en en ééntjes, maar de ideeën voor die scènes komen maar
al te vaak van roemruchte voorgangers uit het genre: de verzamelde
‘James Bond’-serie wordt lustig geplunderd, evenals ‘King Kong’,
‘Metropolis’, ‘War of the Worlds’ en ‘Indiana Jones’. Bovendien
lijken deze nochtans spannend bedoelde momenten vaak gemonteerd met
een slagersmes, zodat het lang niet duidelijk is wie wat doet en
waarom. Neem bijvoorbeeld een scène in de eerste helft van de film,
waarin Sky Captain en Polly in zijn vliegtuigje zitten, tijdens een
gevecht met de robots. Op een bepaald moment stevenen ze recht op
een reclamepaneel van Coca-Cola af (product placement ahoi!)… En
tja, dan gebeurt er plots vanalles waardoor ze toch vermijden om
tegen dat bord te vliegen, maar verdomd als ik op dat moment nog
kon volgen wat ze precies deden en hoe het precies werkte. Conrans
montage was zo hysterisch dat dat voor mij althans onmogelijk was
om te verwerken. En dat soort momenten waren er nog.

‘Sky Captain and the World of Tomorrow’ lijkt mij een foutgelopen
experiment, een film die enkel werd gemaakt omdat de regisseur
wilde kijken of het mogelijk zou zijn om dat te doen – kùn je een
film maken zonder reële sets, enkel met blue screen? Kun je zelfs
Laurence Olivier terug tot leven wekken voor een kort
cameo-optreden als Totenkopf (zijn verschijning hier werd gebaseerd
op archiefmateriaal)? Tja, dat kan allemaal, de technische middelen
zijn er. Maar wat ‘Sky Captain’ in de eerste plaats bewijst, is dat
dat allemaal geen enkele zin heeft, indien je geen scenario hebt om
al dat visuele geëmmer enigszins de moeite waard te maken. Deze
prent is dik anderhalf uur lang hersenloos lawaai en gedonder, dat
nergens naartoe gaat.

http://www.skycaptain.com/

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig + 3 =