Closer




‘Closer’, het nieuwe relatiedrama van Mike Nichols, drijft op een
eigenaardige paradox: hoe eerlijker de personages pretenderen te
zijn tegen elkaar, hoe hypocrieter ze eigenlijk worden. Wat we hier
krijgen, is het verhaal van twee mannen en twee vrouwen. Ze worden
verliefd op elkaar, hebben seks, bedriegen elkaar, verbreken hun
relatie, komen weer samen, zeggen dat ze van elkaar houden
enzovoort. De hele tijd proberen ze zo eerlijk mogelijk te zijn:
één van de mannen komt thuis na een zakenreis naar New York en
bekent aan zijn vriendin dat hij met een prostituée heeft geslapen.
Wanneer zij vraagt waarom hij dat vertelt, antwoordt hij: ‘Ik wilde
niet tegen je liegen.’ Maar gaat het daar wel over, of gaat het
toch maar over z’n eigen geestesrust? De protagonisten van ‘Closer’
schermen met grote woorden als liefde, oprechtheid en trouw, maar
weten ze wel wat die echt betekenen? Mike Nichols, die z’n carrière
begon met een min of meer gelijkaardige film, ‘Who’s Afraid Of Virginia Woolf?‘, geeft ons
hier een soms beenharde, oprechte, overtuigende blik op vier
fundamenteel egoïstische mensen die samen in een soort van seksuele
arena worden gegooid en het daar dan maar moeten uitvechten. Het
resultaat is fascinerend om naar te kijken.

De film begint met de ontmoeting tussen Dan (Jude Law) en Alice
(Natalie Portman). Hij schrijft overlijdensberichten voor een
krant, maar droomt ervan een roman te schrijven, zij is een
stripper die New York ontvlucht is. De twee ontmoeten elkaar
toevallig en ze kunnen het meteen met elkaar vinden. Cut naar
enkele maanden later: Dan heeft een boek geschreven, over het leven
van Alice. Hij laat een auteursfoto nemen bij Anna (Julia Roberts)
en begint schaamteloos met haar te flirten. Zij slaat zijn avances
af, maar via Dan leert ze wel Larry (Clive Owen) kennen, een
dermatoloog. Larry en Anna trouwen uiteindelijk, maar dat is
slechts het begin van een relationele tango die nog lang niet
uitgedanst is: Anna en Dan beginnen uiteindelijk een relatie, Larry
zinkt weg in een diepe depressie terwijl Alice opnieuw als stripper
begint te werken.

‘Closer’ begon als een toneelstuk, geschreven door scenarist
Patrick Marber, en dat valt eraan te merken: we krijgen een serie
duidelijk afgebakende scènes, die zich telkens afspelen tussen twee
van de vier hoofdpersonen en die in wezen bestaan uit lange, soms
briljant geschreven dialogen. Filmdialoog is een eigenaardig
beestje: gewoonlijk worden de teksten enkel aangewend om informatie
mee te delen. Wat de personages zeggen moet bondig en duidelijk
zijn – maar zeer weinig conversaties in films duren langer dan
hooguit twee of drie minuten. In ‘Closer’ daarentegen, krijgen de
dialogen tien tot vijftien minuten om zich te ontwikkelen. In
plaats van een dialoog krijg je een gesprek dat zich op een
natuurlijke manier kan ontplooien. Dit zijn mensen die iets te
zeggen hebben, en welbespraakt genoeg zijn om het uit te drukken:
we krijgen fantastische regels tekst zoals: ‘I don’t stalk
people. I lurk’
, en: ‘You know what a heart looks like? Like
a fist of blood!’
De meeste films tegenwoordig lopen vol met
personages die niets te melden hebben en niet zouden weten welke
woorden ze moesten gebruiken indien dat wel het geval was (al eens
gelet op de dialogen in pakweg ‘National
Treasure’
?). De teksten in ‘Closer’ zijn wel gestileerd (de
meeste mensen in de echte wereld zijn zo rad van tong niet), maar
ze klinken haast muzikaal door de kracht van hun
intelligentie.

Mike Nichols en Patrick Marber brengen hun eigen sombere blik naar
het slagveld van de menselijke relaties: misschien is het niet
onmogelijk voor twee mensen om samen gelukkig te zijn, maar dat is
het zeker voor de vier individuen van dit verhaal. Waar het
uiteindelijk over gaat, is dat dit vier personages zijn die
verliefd zijn op de notie van het verliefd zijn zelf: ze flirten
graag, ze spelen graag met grote woorden zoals “voor altijd” en “ik
hou van jou”, maar als puntje bij paaltje komt, denken ze in de
eerste plaats aan zichzelf. Neem een scène waarin Julia Roberts aan
Clive Owen bekent dat ze al een jaar lang een relatie heeft met
Jude Law. Hij begint haar meteen te ondervragen: een normale
menselijke reactie. Maar let op wélke vragen hij precies stelt:
‘Hoe vaak hebben jullie seks gehad? En waar? Ben je klaargekomen?
En hoe dikwijls? En wat deed hij precies met je?’ En, meest
typerend van allemaal: ‘Was hij beter dan ik?’ Dan kun je zeggen
dat die vragen, en vooral Roberts’ niets of niemand ontziende
antwoorden daarop, een staaltje van brutale, mentaal slopende
eerlijkheid zijn. Maar wat hebben die vragen met eerlijkheid te
maken? Want wat hij haar niet vraagt, is waarom, of hoe zij zich
voelde dat ze naar Jude Law is toegegaan. Hoe eerlijker ze zijn met
elkaar over alle kleine dingen die er niet toedoen, hoe meer ze
vermijden te praten over de dingen die echt belangrijk zijn. Want
dat willen ze niet. Het gaat de personages van ‘Closer’ niet over
liefde, maar over bezit: ze willen dat hun partner helemaal van hén
is. Ze willen niet van iemand houden, met alles wat daarbij hoort,
maar ze willen kunnen zeggen dat ze iemand hebben die aan hen
toebehoort. Dat is geen oprechtheid, maar de schijn van
oprechtheid. Geen liefde, maar de schijn ervan.

Dat is allemaal zware kost, en inderdaad, er zitten een aantal
dialogen in ‘Closer’ die zich qua emotionele impact bijna kunnen
meten met de emotionele afslachting van ‘Who’s Afraid of Virginia Woolf’, Nichols’
eersteling. De scène tussen Owen en Roberts, natuurlijk, maar ook
een latere tussen Owen en Portman in een stripclub. Op die momenten
voél je die personages tot leven komen, tot ze bijna beangstigend
reëel lijken, alsof ze zo uit het scherm kunnen springen om je bij
je nekvel te grijpen.

Nichols toont behoorlijk wat lef om deze film te maken zoals hij
dat gedaan heeft: hij behandelt een zware thematiek, hij weigert om
z’n personages sympathieker te maken dan ze zijn, hij verlangt van
z’n publiek dat ze dik anderhalf uur stilzitten en luisteren naar
mensen die interessante dingen te zeggen hebben zonder dat ze iets
bijzonders doen én hij geeft ons daarenboven ook nog eens
personages die meer vragen oproepen dan ze beantwoorden. Zo is en
blijft Alice, Portmans personage, een soort van raadsel: wat voor
mysterieus iets zit er in haar verleden dat haar ertoe drijft om te
doen wat ze doet? Wat voelt ze? We zullen het nooit weten, maar het
is ook absoluut niet Nichols’ taak als regisseur om ons dat
allemaal voor te kauwen. Wij, als kijkers, zijn toch ook denkende
mensen, dat we eens wat moeite doen en er zelf over nadenken, zelf
onze hypotheses opstellen. Het is fantastisch dat Nichols ons als
publiek voldoende vertrouwt om het aan te durven bepaalde vragen
open te laten.

De acteurs zijn zonder uitzondering sterk, maar Portman en vooral
Owen zijn fenomenaal. Voor Portman is dit wellicht een eerste
zware, volwassen rol en ze toont dat ze die moeiteloos aankan.
Owen, op zijn beurt, zet een formidabele klootzak neer, die toch
ook weer geen klootzak is. Alle personages bevinden zich in een
morele grijze zone, en zonder afbreuk te willen doen aan de
prestaties van Law of Roberts, zijn het Portman en Owen die écht
schitteren.

‘Closer’ is een harde, volwassen film over mensen die enkel het
uiterlijk vertoon van liefde kennen, maar met een volstrekt lege
emotionele kern zitten – liefde moet over de àndere persoon gaan,
niet over jezelf. Een zeer indrukwekkende film.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig + twaalf =