WERCHTER 2004 :: De goddeau-files

Dag vier: In de solden

Hoe ver de overgang van beschaafd naar barbaars na drie dagen Werchter al was gevorderd, werd ons al snel duidelijk: omcirkeld door zwermen niet aflatende vliegjes begaven we ons armzwaaiend als een Lord of the Flies naar de festivalweide terwijl we horen dat er ’s nachts iemand een mes in de hals kreeg geploft.

Er waren voortekenen: de aarzelende zon, de dreigende wolken en nog net een flard Zornik: Mordor leek dichter dan gedacht. Buyse’s uithalen galmden snerpend en een tikkeltje vals over de vlakte. We werden verwelkomd met een spierverlammende versie van “Goodbye”. Een prima welkom trouwens: “bol het af”. En dat op het moment dat uw ouderdomsdeken na veertien jaar afwezigheid op de wei terugkeert.

De lamlendigheid is ingetreden op het grasveld. Zou de murwmeppende Danko Jones het dan toch geflikt hebben en werd de wei door hem platgespeeld? We twijfelden en hielden het erop dat drie dagen rocken, hoppen en hossen niet in de besmeurde kleren was gaan zitten.

Al werd er toch nog een poging tot heupbewegen genoteerd toen het Britse Starsailor iets na tweeën aftrapte met een zelfzeker “Poor misguided fool”. James Walsh bleek erg goed bij stem, die hij jammer genoeg ook iets te vaak gebruikte om onzinnige opmerkingen de groep in te gooien als dat er nog veel lekkers op het menu stond met Pixies en Placebo. Wij hadden een programmaboekje, en waren voldoende geïnformeerd.

Overbodig was het optreden van Starsailor dan weer zeker niet. Au contraire: even leek U2 opnieuw door de boxen te galmen (wat op het eind ook nog gebeurde door een solo gezongen “Where the streets have no name”), het zette gelukkig niet meteen aan tot vaandelzwaaien. Wij onthielden vooral een stampend “Four to the floor” en een subliem “Alcoholic”. Je zult het altijd zien: we kregen er dorst van.

Waar kan je op zondagmiddag beter zijn dan in het charmante gezelschap van Louise Rhodes, de Emily Watson van de popmuziek? Lamb speelde een hemels concert dat uitmondde in een stukje opzwepende percussie. Rhodes brak moeiteloos tientallen harten met haar breekbare stem, terwijl Andy Barlow er op een energieke manier alles aan deed om die brokken terug te lijmen. Het voorste gedeelte van het publiek sprong uit dankbaarheid vinnig op en neer tijdens “Sun” en maakte een herkenningsknikje bij het nog steeds tragisch mooie “Gorecki”. Wij waren alweer even snel verkocht als waren we een soldenartikel bij de Wibra.

Net als Rhodes had Polly Jean Harvey ook korting gekregen bij de kleermaker en zag er ravissant en dreigend uit: torenhoge roze stiletto’s en een kanariegele lap stof, die net voldoende verhulde. De gitaren spuwden vuur en PJ ging compromisloos tekeer. Met “Who the fuck” werd allesverterende haat omgezet in snedige powerrock, waarbij Rob Ellis, Josh Klinghoffer en Dingo de versnelling van onze favoriete Catwoman met succes counterden. Minpuntje was het flauw afgehaspeld “Down by the water”, dat echter onmiddellijk rechtgezet werd door een krachtig “Good fortune”. Geluk was hier niet in het spel: sterk concert.

Een halfuur voor het moment suprème daagt het ons plots: “daar staan straks Pixies“. En plots kunnen we het niet geloven dat het ook effectief gaat gebeuren. En toch: de herenigde Pixies speelden op Rock Werchter 2004 met de vingers in de neus de concurrentie naar huis. 21 nummers op een uur tijd joegen Boston’s finest er op een hels tempo door. De Ramones zouden trots geweest zijn.

Van het heftig meegebrulde “Bone Machine” tot het bezwerende “Vamos” raasden Black Francis en co door de succulente set. Joey Santiago kon zijn losgeslagen gitaar tijdens “Vamos” nog maar net bedwingen, legde het met een paar welgemikte snokken het zwijgen op, haalde achteloos de schouders op en liet een verblufte wei achter met een acuut gebrek aan zuurstof. De sardonische glimlachjes op de lippen van Deal, Santiago, Lovering en Francis kreeg u er zomaar bij.

We voelden wat mee met Placebo dat door omstandigheden de twijfelachtige eer had gekregen om nog bij daglicht het festival te mogen afsluiten. Brian Molko liet het niet aan zijn hart komen en knalde er een vlekkeloze set uit waar “Bitter End” het feest vroeg op gang trok. Single na single bewees vervolgens dat Placebo al heel lang best een sterke band is geworden. We kregen welgeteld één bis, maar “Nancy Boy” deed haar naam allerminst eer aan: het was een welkome hengst voor de kop. Waarna we tevreden voor pampus konden gaan: er kwam toch geen Bowie meer en aan feestjes met de broertjes Dewaele valt al jaren niet te ontsnappen. Het hoefde voor ons even niet meer. Zeker niet met de wetenschap dat de deal met Morrissey bijna rond was voor die beslissing werd genomen.

Zonder Bowie was Werchter 2004 vooral een geamputeerd festival. Wij misten iets als een afsluiter en verder ook veel sterke concerten. Rock Werchter mag dit jaar dan wel verkozen zijn tot beste festival van de wereld, dit was een erg fletse editie. Het beste — baddabing! — Fletsival van de wereld zal het dus zeker wel geweest zijn. Volgend jaar beter (weer)?

1
2
3
4

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

5 × vijf =