Blue Velvet


 

‘Blue Velvet’ was een schandaalsucces toen de film uitkwam in 1986 – de kinky seks en het geweld waren voldoende om heel moralistisch Amerika op z’n achterste poten te zetten, en de film kreeg zowel ongefundeerde loftuigingen van iedereen die De Vernieuwende Filmmaker als eerste herkend wilde hebben, en waanzinnig boze reacties van iedereen die geshockeerd was door Dennis Hoppers euh… complexe relatie met Isabella Rosselini.

Het valt op hoe de waanzin in Lynch’s films heel vaak afkomstig is uit een overdreven normaliteit. Denk maar aan de mensen uit ‘Twin Peaks’, die zo verdomd vriendelijk zijn dat ze ronduit eng worden. Hoe vaak gaan ze je nóg een kop koffie aanbieden? In ‘Mulholland Drive’ heb je de absurde oudjes die Naomi Watts vergezellen uit het vliegtuig. Het ziet eruit als normaal gedrag, maar dat dan zodanig doorgedreven dat het bijna angstaanjagend wordt.

In ‘Blue Velvet’ is het niet anders. Kyle McLachlan speelt Jeffrey, een student die terug naar huis komt om zijn zieke vader te bezoeken, en tijdens een wandeling een menselijk oor vindt tussen het gras. Wanneer hij met dit oor bij de politie komt, houdt de inspecteur steeds een glimlach op z’n gezicht terwijl hij het bekijkt, en beaamt: “That’s a human ear, allright.”

Jeffrey gaat zelf verder op onderzoek, geholpen door de dochter van de inspecteur, Laura Dern, en komt terecht bij nachtclubzangeres Isabella Rosselini. Zij wordt geterroriseerd door de geflipte crimineel Dennis Hopper (van typecasting gesproken), die schijnbaar verslaafd is aan lachgas en haar dingen toefluistert als: “baby wanna fuck.”

Vanaf het begin wordt het duidelijk dat we ons in Lynchland bevinden, een mysterieus oord waar het voor de fans goed toeven is, maar waar een toevallige toerist niets te zoeken heeft. Witte hekjes, bloeiende bloemen, onmogelijk groen gras, glimlachende mensen… Maar dan gaat de camera letterlijk door het gazon van al die vriendelijke mensen heen en toont ons het ongedierte dat eronder verborgen zit – de corruptie onder de oppervlakte. En daar gaat de film over, over het oneindige kwaad achter de facade van kleinburgerlijke gezelligheid.

Dat is een thema dat veel uitgebreider zou terugkomen in de serie ‘Twin Peaks’, waarvan dit, niet in het minst door de aanwezigheid van Kyle ‘Cooper’ McLachlan, wel een prequel lijkt. Ook andere elementen zouden we later in het werk van Lynch zien terugkomen. Muziek is steeds belangrijk gebleven in zijn bizarre films: hier is Rosselinni een nachtclubzangeres, in ‘Lost Highway’ is Bill Pullman een muzikant en in ‘Mulholland Drive’ heb je natuurlijk de scène in club Silencio. Zelfs Roy Orbison komt hier voor het eerst kijken – het nummer ‘In Dreams’, waarvan ‘Mulholland Drive’ wel een verfilming lijkt, speelt hier een sleutelrol, en in die latere film vormt een Spaanse versie van zijn nummer ‘Crying’ een emotioneel hoogtepunt. Het is, denk ik, dan ook geen toeval dat Jeffrey aan het begin juist een oor vindt. Muziek geeft in het universum van David Lynch toegang tot zaken die onze ogen niet kunnen waarnemen en ons verstand niet bewust kan verwerken.

Ook hier heb je het onschuldige blondje en de getroubleerde brunette – net als in ‘Lost Highway’ en ‘Mulholland Drive’. In ‘Twin Peaks’ draaide Lynch die structuur om en werd het blondje vermoord, waarna twee brunettes (Mädchen Amick en Sherilyn Fenn) de heldinnen werden. Ja, er valt behoorlijk wat te ontleden in het werk van David Lynch, maar dat neemt niet weg dat ik het zeer goed kan begrijpen indien bepaalde mensen finaal op zijn films afknappen. Je moet er maar het geduld voor kunnen opbrengen twee uur lang naar haast onbegrijpelijke, vaak choquerende gebeurtenissen te zitten kijken in de hoop toegang te krijgen tot het één of ander groot geheim. Waarom vinden mensen dat eigenlijk leuk, waarom kijken ze naar zijn films en doen ze het graag? Waarom kijk ik graag naar zijn films? Eerlijk gezegd weet ik het niet zeker. Het zou in ieder geval makkelijker zijn naar een romantische komedie met Julia Roberts te kijken. Maar aan het einde van een Lynchfilm krijg ik het gevoel deel te hebben uitgemaakt van iets speciaals, een mysterie dat misschien niet direct een oplossing heeft, maar dat hoeft ook niet. De vorm van het raadsel zelf is fascinerend genoeg.

Blue Velvet staat bol van voyeurisme, sadomasochisme, verkrachtingen en geweld, hoewel we ondertussen natuurlijk al wel meer gewend zijn. We laten ons zo snel niet meer schokken. Is dat een afstomping van onze gevoeligheid, die we moeten betreuren? Misschien, maar in dit geval staat het ons wel toe de film afstandelijker, objectiever te bekijken. De mise-en-scène van David Lynch, zijn beeldcomposities, zijn hier meer dan waar ook van grote klasse. Het zou waanzin zijn om deze film in iets anders dan zijn originele breedbeeldformaat te bekijken.

Kyle McLachlan is goed als Jeffrey en Laura Dern als de – opnieuw, bewust enigszins overdreven – incarnatie van hoop en zuiverheid, maar het is het infernale duo Rosselini/Hopper die het meeste indruk maakt. Hij is de duivel, zij is zijn gewillig slachtoffer. De scènes tussen de twee zijn er met de jaren niet schokkender op geworden, maar de manier waarop ze zijn gestructureerd en gespeeld door de beide acteurs, zorgen ervoor dat we ons voelen alsof we hen vanuit de kast aan het begluren zijn, en dat is geen comfortabel gevoel. Voor Dennis Hopper was dit een come-back rol, voor Rosselini één van de hoogtepunten uit haar carrière, ook al vereiste het dan een ongetwijfeld zeer intense emotionele inspanning.

Vergeleken met‘Lost Highway’ en ‘Mulholland Drive’ is ‘Blue Velvet’ relatief makkelijk te volgen – ik spreek nu wel naar Lynch-normen. Er blijft een rode draad door lopen, hoe moeilijk die soms ook te zien is. Maar typisch voor de regisseur is dat die draad eigenlijk helemaal niet belangrijk is. Het gaat om de achterliggende ideeën en, nog belangrijker, om de emoties die op het moment zelf worden bovengebracht. David Lynch is een regisseur die een welwillend publiek bespeelt als een piano. Op een bepaalde manier is hij Dennis Hopper die ons vastgrijpt en confronteert met dingen die we helemaal niet gevraagd hadden te zien op een zaterdagavond in de multiplex. Maar als we, net als Rosselini in de film, maar de juiste, min of meer sadomasochistische aanleg hebben, dan genieten we ervan en willen we meer. Zijn films zijn ongelooflijke trips, waarvan ik niet kan garanderen dat u ervan zult houden. Maar u moet het beslist eens geprobeerd hebben.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × drie =