Beauty and the Beast


‘Beauty And The Beast’ werd in 1991 uitgebracht, twee jaar nadat ‘The Little Mermaid’ de Disney studios uit het slop had gehaald waar ze tijdens de late jaren zeventig en de jaren tachtig in waren geraakt. De film werd haast unaniem de hemel ingeprezen en een enorm commercieel succes. Het was de eerste animatiefilm die genomineerd werd voor een oscar voor beste film. Tot vandaag staat ‘Beauty And The Beast’ geboekstaafd als een hoogtepunt in Disney’s geschiedenis.

Niet zo lang geleden werd de film opnieuw de zalen ingegooid, zeer notenswaardig in de IMAX in Brussel, waar we hem op een monsterlijk groot formaat konden bewonderen, met verbeterd beeld en geluid én een toegevoegd liedje. Het werd een blij weerzien.

Het sprookje waarop de film gebaseerd is, was één van de laatste grote vertellingen die Disney nog niet had aangepakt: ‘Sneeuwwitje’, ‘Doornroosje’, ‘Assepoester’… Die hadden allemaal als de Disney behandeling gekregen. ‘Beauty And The Beast’ was dan ook een terugkeer naar de traditie van klassieke Disney tekenfilms: een gekend verhaal, met operette-achtige liedjes verteld en nevenfiguren zoals een pratende klok en kandelaar voor de komische noot. Net zoals vroeger, in de jaren veertig en vijftig, toen Disney haar hoogtepunt kende met de eerste grote resem sprookjesfilms.

Het verhaal is algemeen bekend: mooi meisje wordt gevangen genomen door een monster in een betoverd kasteel. Het monster is eigenlijk een prins, die zodanig de smeerlap uithing toen hij nog mooi en jong was, dat hij nu als verre neef van Chewbacca uit ‘Star Wars’ door het leven moet gaan tot hij iemand zo gek krijgt van hem te houden. Het meisje wordt verliefd op het monster, het monster wordt opnieuw een knappe jongeman, en ze leven nog lang en gelukkig.

Klassieker kan het haast niet, maar regisseurs Kirk Wise en Gary Trousdale brengen een aantal opmerkelijke nieuwe elementen aan de formule. Ten eerste is er het visuele aspect; ‘Beauty And The Beast’ heeft voor een tekenfilm een opvallend goed uitgewerkte mise-en-scène; kijk gewoon al eens naar het allereerste shot in de film, of naar de reprise van het liedje ‘Belle’, wanneer Belle zingend van haar voordeur naar de weide daarachter loopt. De manier waarop de camera beweegt, lijkt zo weggelopen uit een echte musical. Voordien, in maar al te veel animatiefilms, werd voor de camera gewoon een plek gezocht van waaruit het makkelijk tekenen was, en al te veel bewegingen waren er niet in terug te vinden. In ‘The Little Mermaid’ werden eerder al pogingen gedaan om meer visuele flair in de films te leggen, maar het is in ‘Beauty And The Beast’ dat die pogingen hun beloftes ruimschoots inlossen.

Ook vinden we hier het eerste gebruik van computeranimatie terug; de dansscène – de mooiste in de film, trouwens – werd met de computer gecreeërd om die adembenemende afdaling van het plafond (vogelperspectief) naar de vloer (kikvorsperspectief) te bereiken. Het resultaat is een naadloze mengeling van computer – en handwerk én, wat nog beter is, een scène die emotioneel precies de juiste toon aanslaat. We krijgen nooit de indruk dat de makers proberen op te scheppen met hun vermogen om mooie beelden tevoorschijn te toveren; het heeft een functie en vervult die prachtig. De dansscène is een klassiek romantisch Disney-moment, net zo krachtig als pakweg de spaghetti-scène uit ‘Lady And The Tramp’ of het wakker kussen van Sneeuwwitje. Noem eender waar de titel van de film en dàt is de scène die mensen zich herinneren als een prachtig romantisch moment. De animatie heeft daar veel mee te maken.

De animatie… en de muziek, die het tweede aspect van de film vormt waardoor ‘Beauty And The Beast’ er zo uit springt. Howard Ashman en Alan Menken (die stierf aan de gevolgen van aids voor de film uitkwam), maakten van de film een Broadway musical. Waar de liedjes in Disneyfilms eerder louter dienden om emoties te onderstrepen of komische momenten te bezorgen, brengen de twee muziekschrijvers hier duidelijk een musicalstructuur aan. Alle verhalende sequenties in de film worden via muziek aan ons verstand gebracht. De dialoogscènes tussendoor zijn enkel de verdere uitwerking van wat ons via de muziek werd aangegeven. De narratieve kracht van de muziek is opmerkelijk: het eerste liedje, ‘Belle’, zet de hele beginsituatie van de film op in drie minuten en half. Buiten het Beest hebben we alle belangrijke personages gezien, we weten wie ze zijn en wat ze willen en de film kan beginnen. Hoe lang zou je daar anders voor nodig hebben, denk je? Een kwartier? Twintig minuten? En gewoon, veel eenvoudiger, blijft het prachtige muziek: niemand, nergens, nooit, zingt het titelnummer zo mooi als Angela Lansbury. Laat Céline “count my ribs” Dion nu eens ferm oprotten, de versie van Lansbury die in de film zit is gewoon de allermooiste, de enige echte.

Zoals het hoort in een Disneyfilm, is ook ‘Beauty And The Beast’ een film met een moraal, maar het mooie is dat die er niet al te dik wordt opgelegd. Echte schoonheid zit van binnen, we weten het allemaal, maar die boodschap wordt tenminste geen tien keer herhaald over de loop van de film. Het is gewoon het hoofdthema van het verhaal, de plot zelf is voldoende indicatie en moet dan ook volstaan. Trouwens, ik zou heel die boodschap niet al te serieus nemen, want schoonheid mag dan wel van binnen zitten, maar zodra zowel Belle als het Beest dàt begrepen hebben, verandert het Beest toch maar mooi in een knappe jonge prins. Principes zijn allemaal goed en wel, maar je moet ook niet overdrijven.

De herstelde versie van de film ziet er schitterend uit, met opgepoetst beeld, dat vooral de achtergronden veel scherper uitwerkt, zodat de personages nog meer dan vroeger een volledig afgeronde wereld bewonen. Ook het geluid is glashelder, en dan werd er nog een liedje toegevoegd, ‘Human Again’, dat op zichzelf nu niet mijn favoriet uit de film is maar in ieder geval een groot nut dient: we zien Belle het Beest meer en meer benaderen. Ze leert hem lezen (met Shakespeare’s ‘Romeo & Juliet’ nog wel; had ze echt niet met iets eenvoudigers kunnen beginnen?) en terwijl de bedienden van het betoverde kasteel zingen over de tijd dat ze weer mensen zullen zijn, wordt de verliefdheid tussen Belle en haar Chewbacca weer iets geloofwaardiger.

‘Beauty And The Beast’ werd omschreven als een ‘Sneeuwwitje’ voor deze generatie. En ze hebben gelijk. Dit is echt een film om van te houden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 × drie =