Short Term 12

Op onze lijst “actrices die binnen dit en een paar jaar onwaarschijnlijk hard gaan doorbreken”, prijkt, in vette, fluorescerende hoofdletters, de naam Brie Larson. Larson is al een tijdje aan de weg aan het timmeren, met voornamelijk optredens in off-beat films aan de marge van het Hollywoodsysteem, zoals Don Jon en The Spectacular Now. Met Short Term 12 mag ze voor de eerste keer een prent volledig op haar schouders dragen, en het resultaat werd een meeslepend independent hitje, waarin de actrice zichzelf profileert als een volgende Michelle Williams. En zo lang Larson dan maar niet begint mee te spelen in rommel als Oz the Great and Powerful, is dat vooralsnog een stevig compliment.

Short Term 12 speelt zich af in een opvangcentrum voor jongeren in probleemsituaties. Tieners die aan de drugs zitten, misbruikt werden, zelfmoord hebben willen plegen of om een andere reden opvang nodig hebben, kunnen er tijdelijk terecht voor begeleiding en psychologische hulp. Die krijgen ze onder andere van Grace (Larson), een sociaal werkster die zelf een – nog steeds onverwerkte – traumatiserende jeugd achter de rug heeft. Grace heeft een relatie met haar collega Mason (John Gallagher Jr.), maar de demonen uit haar verleden weigeren haar los te laten en langzaam maar zeker zien we haar emotioneel in elkaar stuiken. Dat proces gaat opeens een pak sneller wanneer Jayden (een zeer sterke Kaitlyn Dever) opduikt: een jonge puber met een wazige thuissituatie, die Grace net iets te nadrukkelijk aan haar eigen jeugd herinnert.

Met die opzet had Short Term 12 een voor de hand liggende, didactische schoolfilm kunnen worden, maar schrijver en regisseur Destin Cretton weet de meeste clichés te vermijden (zij het lang niet allemaal). Hij zoekt nuance en subtiliteit op, en ook al weet hij die dan niet altijd te vinden, hij lijkt in ieder geval zijn eigen personages heel goed te begrijpen en toont hen aan ons met een ontwapenende dosis affectie. Af en toe gaat hij er over, ja. Zo voert hij Marcus (Keith Stanfield) op, een jongen die zijn frustraties van zich af heeft geschreven in een rapnummer. Marcus zingt dat nummer in een enkele, ongeveer vijf minuten durende take (You don’t know what it’s like / To live a life not knowing / what a normal life’s like), en je voélt de regisseur gewoon denken: “Dit is ‘m, dit is Betekenisvol, dit is Diepzinnig!” Maar in de praktijk komt die scène over als een nogal makkelijke manier om de gedachten en emoties van dat personage met de paplepel aan het publiek te voeren.

Dus ja, die scènes zijn er wel. Soms gaat Cretton uit de bocht. Maar veel vaker schiet hij wél raak. De interactie tussen Grace en Jayden is volkomen geloofwaardig en ook de manier waarop de dagelijkse routine in Short Term 12 wordt voorgesteld, smaakt naar het echte leven. De regisseur mikt op een spontane, naturalistische sfeer, waarin de personages voorrang krijgen op geforceerde verhaallijnen, en voor het grootste deel van zijn film bereikt hij dat ook.

Het helpt dat Cretton geen voor de hand liggende politieke of sociale agenda nastreeft. We zien dat het opvangcentrum te weinig werkmiddelen heeft – het gebouw kan een opknapbeurt gebruiken, de mensen die er werken worden te weinig betaald voor de uren die ze draaien – maar Cretton laat zich nooit verleiden om op een preekgestoelte te kruipen. Hij observeert en laat de kijker zijn eigen conclusies trekken. En hij doet eigenlijk hetzelfde met de kinderen – we merken op dat ze allemaal afkomstig zijn uit wat je dan de “lagere sociale klasse” noemt, maar hij maakt van zijn film géén exploiterende freakshow van marginalen. In tegendeel, wanneer een nieuwe sociaal werker hen “underprivileged” noemt, reageren ze beledigd. Op die manier schetst Cretton een overtuigend beeld van een Amerika dat er in faalt om een fundamentele oplossing te bieden aan probleemjongeren, waardoor alles afhangt van de goodwill en de inzet van mensen zoals Grace en Mason. Maar hij laat zijn film nooit een pamflet worden – in plaats van Het Systeem aan te klagen, vertelt hij gewoon het individuele verhaal van enkele zeer individuele personages, en dat is genoeg. Door dat te doen, klaagt hij het systeem automatisch op een subtiele manier aan.

Meer nog dan in de romance tussen Grace en Mason, is het de relatie tussen haar en Jayden die het hart van de film vormt. Dit is opnieuw een verhaallijn die clichématig of sentimenteel had kunnen zijn, maar de personages worden helder geschetst en bovenal uitstekend ingevuld door de beide actrices. Larson geeft een emotioneel bloedeerlijke vertolking, waarin ze zich niet wegsteekt achter tics of trucs (iets wat de meeste acteurs nochtans doen als ze iemand moeten spelen die niet echt stabiel is). Geen hysterisch gekrijs, geen flapperende handjes, geen drama queen-toestanden die uitschreeuwen “zie mij hier eens mijn best staan doen!”, maar een relatief ingehouden prestatie, die volledig in de lijn van het personage ligt. Kaitlyn Dever, op haar beurt, is minstens even sterk: zij had op een voor de hand liggende manier de kwetsbare bad-ass kunnen spelen, die zich naar de buitenwereld sterk voordoet maar eigenlijk een tenger bloempje is, maar ze maakt van Jayden meer dan dat. Geholpen door het sterke schrijfwerk, zet ze een veelgelaagd personage van vlees en bloed neer. En hoe sterk de rest van de cast ook wel mag zijn, het is de interactie van die twee personages, en die twee actrices, die je achteraf bij blijft.

Cretton kan dus niet vermijden dat hij af en toe té zeer on the nose te werk gaat, maar los van die paar scènes heeft hij hier een bewonderenswaardig ingehouden, onsentimenteel drama afgeleverd, dat nog eens een niveau hoger wordt getild door de acteerprestaties. Nu hopen we enkel dat Brie Larson zo veel mogelijk in de indie-sfeer blijft hangen en zich niet laat headhunten door de grote Amerikaanse studio’s.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in