Sharon Van Etten :: Tramp

“Take my hand and help me not to shake/Say I’m alright, I’m alright” ijlt Sharon Van Etten halverwege Tramp. Zelden zult u zich als luisteraar zo rechtstreeks aangesproken voelen. Dat de broers Dessner van The National haar hand muzikaal vasthouden, maakt het er op de beste momenten niet minder intens op: nog maar denken aan tweede nummer “Give Out” doet de ogen van deze (pn) al branden. Leest u even mee waarom.

“There he goes/He finally closed the door/I turn the lock feeling more confused than before”, zingt Van Etten in de openingslijnen van het naar Cohen vernoemde “Leonard”. Tramp laat zich luisteren alsof ze vlak daarna naar haar schrijftafel sloft en alle gevoelens tussen ondergaan, verbijten en terugvechten in songs laat gulpen. “I’ll never let myself love like that again” klonk het nochtans op haar vorige plaat Epic, maar twee jaar later blijkt het slechts een loos voornemen te zijn geweest. Dit is een plaat waarop wonden worden gelikt – “I want my scars to help and heal” jammert ze in “All I Can”. Dat doen ze, zij het moeizaam.

Die Liebesschmerz is al sinds haar debuut Because I Was In Love uit 2009 eigen aan Van Etten, maar elk akkoord en elke zanglijn doet oprecht aan. Buiten de studio is ze best goedlachs en alles relativerend, maar op haar platen is ze bloedserieus. Of zoals ze zelf mijmert in “Ask”: “It hurts too much to laugh about it.” Met dat akoestische fluisterdebuut bleef ze wat onder de radar, een jaar later rukte ze met Epic al op naar een potiger geluid waar haar songs en stem veel beter in aarden. Het nummer “Love More” (met zinsnedes als “You chained me like a dog in our room”) trok de aandacht van The National-gitarist Aaron Dessner. Niet veel later prijkte het op de setlist van de band en stond Van Etten in hun voorprogramma.

Dessner was danig van zijn melk en wilde de volgende plaat van Van Etten producen. Zo geschiedde. Tramp werd tussen het touren van hen beide in een tijdsspanne van een jaar opgenomen. Het mondde uit in een typische derde plaat waarop quasi alles plots klopt. Niet in het minst door al het schoon volk dat meedoet, aangetrokken door het potentieel dat Van Etten al liet horen: naast de broers Dessner zijn dat onder andere Jenn Wasner van Wye Oak, Beirut (zingt mee op “All I Can”, geen toeval aangezien hun stemmen uitstekend blenden) en Matt Barrick van The Walkmen, die het meeste indrumde. En toch is Tramp een strak en solide geheel.

Dat komt mede door de ontzettend meeslepende zang van Van Etten, die niet zelden aan Thom Yorke doet denken, zoals in “In Line”, inclusief Ed O’ Brien-like echo’s. Toch gedijt die stem het beste als de muzikale teugels strak worden gehouden. Zoals in “Serpents”, dat in de beste The National-traditie op het eerste gehoor ongemerkt laag per laag wordt opgebouwd en vijf luisterbeurten later steevast belletje trek komt doen in uw hoofd. Heel Tramp bulkt van The National-invloeden: niet zelden doen koperblazers sommige songs beheerst richting climax schuifelen, zoals in het grillige “I’m Wrong” dat qua arrangementen lepeltje ligt met het broeierige van “Start A War” en het meer theatrale van “England” tegelijk. Als het al eens breder mag uitwaaieren, zoals in het epische “All I Can” wordt er een U-bocht genomen zodra pakweg de afrit Snow Patrol in zicht komt.

Maar Dessner zorgt er mee voor dat Van Etten vooral haar eigen smoel behoudt. Daar zijn haar songs immers sterk genoeg voor. Wie een nummer als “Give Out” kan schrijven, moet onontkoombaar zijn. “There was your breath on the back of my neck/The only one holding/The only one I had felt in years”, en zo voelt dit nummer ook aan, met een harmonie die uw huid doet stuiptrekken. Gelatenheid als in “You’re the reason why I’ll move to the city/You’re why I’ll need to leave” klonk zelden zo mooi, al was het maar door zanglijnen die zoals die eerste alles versmorende verliefdheid hun gelijke niet kennen. Kippenvel alleen al door dit nummer te beschrijven. De lat van 2012. Dat is “Give Out”. Plak deze link maar even in uw browser: http://www.youtube.com/watch?v=uWUs4ZxMRWs.

Vanzelfsprekend wordt dat niveau niet de hele plaat aangehouden, of u had al veel eerder van haar gehoord. Tramp — verwijzend naar haar nomadenbestaan tijdens het touren de laatste jaren, niet naar een (tent)sletstatus — is immers niet perfect, heel soms op het dreinerige af (het had een betere afsluiter dan “Joke Or Lie” verdiend). Maar dit is voor de derde plaat op rij zo’n stap vooruit voor Van Etten dat ze nog niet aan haar plafond lijkt te zitten. Meer Alligator dan Boxer, als het ware. Fijn dat zulke groeiverhalen nog kunnen vandaag. “Like cigarette ash the world is collapsing around me”, zingt Van Etten in het bittere “Ask”. Niets is minder waar. Het begint nog maar voor haar.

Sharon Van Etten speelt op 3 maart in de Botanique.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in