UM! laat de verwachtingen achterwege en ruilt op Pulse de hiphop van zijn debuut in voor een donkerder, meer elektronisch geluid. Met succes.
Een ‘pulse’ is een hartslag, het tempo waarop het hart je bloed door je aderen pompt en zuurstof vervoert naar lichaam en geest. Pulse is zo’n plaat: de persoonlijkheid van UM! Defoort emaneert uit deze tien nummers. Ze is er niet snel gekomen na dat van hiphopbeats bulkende debuut uit 2020, maar is het gevolg van een stap terug nemen, van terug gaan léven om ervaringen op te doen, van nieuwe en andere muziek te beluisteren en te absorberen. Na zo’n zoektocht is het enige logische eindstation jezelf. UM! komt in het reine met zijn roots en met wie hij is. Hiphop was nog een vorm van rebellie tegen de jazz van vader Kris Defoort, maar nu mag de pianolijn van “Pink Rose/Rework” honderduit een herwerking zijn van het eerste liedje dat UM! ooit als klein kind zelf schreef en dat door zijn vader op muziek werd gezet. Bovendien krijgt het genre van vader Defoort ook een plaats in de vorm van de saxofoonstoten van Jeroen Van Herzeele – meteen de enige feature op het hele album. De muzikale fundering komt uit de omgeving, de beats en breaks zijn puur UM! zelf. Er gaat met andere woorden leven uit van Pulse – hét kenmerk van een goed elektronisch album.
Een ‘pulse’ is ook een uitgezonden signaal zoals dat door een pulsar in een oneindig groot en leeg universum wordt uitgestuurd, onverschillig of het nu iemand bereikt of niet. Dat gevoel van eenzaamheid hangt, samen met een zweem van melancholie, over dit album. De adaptie van Korgisklassieker “Everybody’s Got To Learn Sometime” in “Look Around You” zet de toon als eerste nummer en in het tedere “Feel/Fear” wordt niet prijsgegeven wie of wat UM! gekwetst heeft, maar het zat blijkbaar diep. Het album is bovendien getekend door de nacht – ook al is die niet altijd even vriendelijk voor Defoort. “Wake Me Up” gaat over een door nachtmerries gekwelde periode en dwaalt rond in dezelfde achterstraatjes waar Burial zijn beats in de muren krast. UM! neemt je mee doorheen zijn verhaal, zonder expliciet te verduidelijken. Wat niet gezegd wordt, moet de luisteraar zelf invullen.
Een ‘pulse’ is ten slotte een beat, het ritme van de muziek, die in het beste geval in de loop van het album synchroniseert met het ritme van de luisteraar. Pulse is zeer clever opgebouwd, elke plaatkant is een spiegel van de andere: de bovengenoemde jazz heeft op kant A een tegenhanger in “Inter()Space”, “Control” dreigt waar “One Inch Punch” verschroeiend uithaalt.
Hoewel er nergens echt gedanst moet worden, trekt UM! op elke afsluiter van de plaatkant de schuiven net iets meer open. “Leftfield” galmt met ruimte als een fabriekshal en in “The World Goes Round, It’s Always Now” ruimt de melancholie baan voor euforie van een nacht raven. In het leven telt soms alleen het moment.
Dat is wat UM! op Pulse ten volle aanvaardt. Dit is een album als een tijdscapsule, een portret dat zijn invloeden wel doet vermoeden, maar vooral helemaal staat voor wie de producer op dit moment in zijn leven is. Het is meer doorleefd dan dansbaar, maar bovenal uiterst genietbaar.




