2025, een jaar vol willekeur. Wereldleiders wisselen vaker van bondgenoten en oorlogsrivalen dan wij van onderbroek, AI-modellen hallucineren erop los en het weer beslist soms even zestien graden prijs te geven op een half dagje. In onderstaand lijstje kan je dan ook evenmin consistentie verwachten, en daarom geen top tien maar wel: een zootje van tien niet-gerangschikte platen die weliswaar 2025 voor altijd gefossiliseerd hebben. Neem even een kom cornflakes met champagne, geserveerd in een bloempot en vier de willekeur met ons mee!
Geese :: Getting Killed Oké, we doen dus niet mee aan een top tien, werd gezegd, maar toch staat deze bovenaan, foert. “Foert”, lijkt op het eerste gezicht ook het adagium van Geese te zijn op Getting Killed, een plaat die afwisselend kletst als vallend bestek dan wel meurt naar een bezweet hawaïhemd. Maar laat je niet misleiden: onder deze goedkope air zitten songs die je diep zullen raken. Is het de aandoenlijke stem van zanger Cameron Winter die hij er telkens net van kan behoeden van de track te donderen? Zijn het zijn prekerige lyrics die een treffend tijdsdocument vormen? Niemand die het precies weet, maar we voelen het allemaal: Winter murwt hiermee definitief zijn vettige krullen tussen de groten der aarde.
Little Simz :: Lotus Wat Geese deed in de indiewereld, doet Little Simz in hiphopland. Ze trekt op Lotus alle muzikale registers open en weet op magistrale wijze brede arrangementen, Caraïbische ritmes en kalasjnikov-rhymes perfect te doen samengaan in een geheel dat beter pakt dan de beste mayonaise. Grotesk als een Elon Musk van de hiphop? Allerminst; de plaat straalt net erg veel menselijkheid en breekbaarheid uit. Want hoe groot ook de standbeelden, de kop zit toch steeds onder de duivenpoep.
Rosalía :: Lux // Anna Von Hauswolff :: ICONOCLASTS Nu we het toch over breedvoerige producties hebben: kon er dit jaar iemand om die nieuwe Rosalía heen? Als een barokke gigant pootte de Spaanse een kathedraal van een plaat neer, een Sagrada Familia midden in het poplandschap van vierakkoorden-refreintjes en autotune-niemendalletjes. Genres worden overstegen: we krijgen opera, modern klassiek, flamenco, latin enzovoort aan een rotvaart. Elk nummer een ander leven, een andere Sterke Vrouw en haast telkens in een andere taal – we vermoeden dat enkel het West-Vlaams nog ontbrak. Dit is geen popplaat, het is een doctoraatsthesis, een encyclopedie. Maar in tegenstelling tot al die slaapverwekkende kanjers wel eentje die het herlezen waard is.
Nu, in 2025 gooien we toch alle regels op een hoopje, dus frommelen we in dezelfde categorie ook even Anna Von Hauswolffs ICONOCLASTS onze lijst binnen: de Zweedse mismeestert ook nu weer een kerkorgel ergens te kerke en komt met de kracht van een ineenstortende ijskap over ons heen gebulderd. Al is het net als bij Rosalía net de combinatie met het kleine, in dit geval die dolende freejazz saxofoon, die het geheel zo pakkend maakt.
Tyler, The Creator :: Don’t Tap The Glass Tyler, The Creator heeft al langer zijn strepen verdiend qua grootschalige producties, maar op Don’t Tap The Glass weet hij zijn hiphopmachinerie-op-voetbalstadionschaal in te zetten om tot een verdomd catchy plaat te komen. Een beetje zoals Stevie Wonder deed ten tijde van Songs In The Key Of Life: geef iemand toegang tot alle knoppen, alle registers, en hoop dat hij het meesterschap bezit om deze te beheersen in plaats van omgekeerd. Dat doet Tyler hier. En de niet mis te verstane boodschap is er eentje om ook in die goede voornemens voor 2026 op te nemen: laten liggen, die smartphone. Zonde, net nu we zo’n handig appje gedownload hadden om juist die goede voornemens in op te volgen.
caroline – caroline 2 Een knotsgekke hutsepot van alternative, emo, folk en postrock, verpakt in een verraderlijk lieflijke meisjesnaam: een stinkbommetje dat werkt. Op hun tweede plaat, cryptisch getiteld caroline 2, vervolgt het achtkoppige gezelschap de lijn – of eerder gezegd, de elfdimensionale curve – waarmee het zich met kop en schouders van de concurrentie weet te onderscheiden: een zootje ongeregeld dat bij elke noot in elkaar lijkt te gaan storten als een kaartenhuisje, maar net daardoor een breekbaarheid uitstraalt die haast aandoenlijk is. Ook pluimen op de hoed van – nog meer Carolinelol – Caroline Polacheck die “Tell me I never knew that” verheft naar iets wat van de hand van boygenius had kunnen zijn. We kijken nu al uit naar caroline 3 en het blik aan bekende Carolienen dat daarbij opengetrokken zal worden.
Mogwai :: The Bad Fire We zijn al lang de tel kwijt van plaat nummer hoeveel dit intussen is voor de Schotse sterkhouders van de postrock, en om eerlijk te zijn verschilt deze ook niet zo sterk van zijn voorgangers. The Bad Fire leunt iets meer aan bij het vroege geluid dat in de jaren negentig de band onsterfelijk maakte, maar ook de elektronicatripjes van de laatste jaren blijven aanwezig. Exact krijgen waarvoor je gekomen was – is daar iets mis mee? Neen. Mogwai bewijst dat in het jaar van de willekeur je ook gewoon kan blijven doen waar je goed in was, en daar loeihard mee scoren, zie bijvoorbeeld hun triomftocht afgelopen jaar in de Ancienne Belgique. Scotland, one-nill!
Squid :: Cowards Op hun derde plaat Cowards toont het Britse postpunk-schorem Squid niet meer de spastisch samentrekkende tentakels, maar wel de kleur van de inkt die het herbergt: zwarter dan zwart. Met ijzige kalmte dringen ze laag per laag, cel per cel, door tot in ons binnenste. Een dreigende, kale sound etaleert nog maar eens het muzikaal vernuft van deze veelzijdige bende, maar wees gewaarschuwd: deze ijspriem doet je bibberen, zelfs bij die kaasfondue op kerst.
Kassa Overall :: CREAM Kassa Overall klinkt dan weer alsof hij op elk album uit weer een ander universum het onze binnengeschoten komt. Gelukkig is datgene waarin CREAM ontstaan er een waar ze weten wat groove is. Overall maakt zijn handen vuil aan nineties hiphopgrootheden als Wu-Tang Clan en Notorious B.I.G. en laat hen klinken als de hardbop platen waaruit deze heren kwistig sampleden. Een zeer geslaagde omgekeerde beweging, met andere woorden. Want uiteraard vragen we ons al langer af hoe pakweg RZA eruit zou zien als hij een jazzpianist in een rokerige hotellobby in de sixties zou zijn geweest. En neen. We vragen het niet gewoon even aan Chat GPT.
Black Country, New Road :: Forever, Howlong De rist aan personeelswissels die het Britse Black Country, New Road doormaakte, was van die aard dat het aanvoelt alsof we een Audi besteld hebben en een wasmachine krijgen. De muzikale metamorfose was ongeveer even groot: weg van de hoekige en experimentele “post-indie”, we krijgen plots een knotsgekke musical – wel nog steeds druipend van het muzikaal vernuft. Het zevenkoppig gezelschap komt de hoofdstraat binnengemarcheerd en zet alles op zijn kop. Voor je het weet, zijn ze weer weg, een supernova aan confetti en bloesems achterlatend. Wat was me dat?
Mac Miller :: Balloonerism Onze messen waren al geslepen bij het uitkomen van deze postume Mac Miller-plaat. Welke vriend-van-het-zoveelste-knoopgat waagt het nu weer munt te slaan uit een serie halfslachtig opgenomen demo’s en tot afgewerkte nummers verheven tooggelul? Niets is minder waar, zo blijkt. Aan het stuur zit Macs liefhebbende moeder Karen Meyers, die met de grootste zorgvuldigheid een haast afgewerkte maar nooit eerder uitgebrachte plaat alsnog tot wasdom liet komen. Uit liefde voor haar zoon en zijn werk. En wat een geschenk: we krijgen een nog onbevangen Miller te horen vlak voor zijn grote doorbraak, vol van talent en goesting. Een tijdsdocument, fotografisch verstild in de eeuwigheid.


