Bandler Ching :: Coaxial

Zoals het ooit terecht geponeerd werd door Homer Simpson bij het oprichten van zijn barbershop quartet: ‘Een goede groepsnaam is er een waar je de eerste keer om moet lachen, en die vanaf de tweede keer perfect normaal klinkt’ In navolging van groepsnamen als Ross From Friends, Kenji Minogue en Com Truise konden wij ook nu een initiële giechel niet onderdrukken bij het horen van groepsnaam Bandler Ching. Na de kennismaking met dit geesteskind van Brussels saxofonist Ambroos De Schepper met debuutplaat Coaxial klinkt de groepsnaam echter zo doordeweeks als ‘file op de E314’. Geslaagd dus!

Goed, over naar de orde van de dag: hoe klinken deze lolbroeken? Wel, wat dat betreft is het makkelijker te schetsen uit welke scene ze komen dan de muzikale stijl te benoemen. Bands als ECHT!, Bombataz, LũpḁGangGang of STUFF. zijn De Schepper en co vermoedelijk niet onbekend – van eerstgenoemde kreeg hij zelfs hulp in de vorm van Federico Pecoraro als bassist. Ingrediënten voor hun sound komen uit jazz, hiphop, trap, house, tribale Afrikaanse muziek en ga zo maar door. Alles lekker de pot in, een paar uurtjes laten sudderen met een stevige kwak bruin bier en een sneetje brood met mosterd erbij: stoverij voor de oren. Die eclectische mix die ontstaat waar muzikale genres vervagen vinden we ook bij grote namen buiten onze landsgrenzen; kijk bijvoorbeeld maar naar het Canadese BADBADNOTGOOD, de Libanees-Franse Ibrahim Maalouf, Resavoir (de Amerikaanse groep rond Whitney-trompettist Will Miller) of de Noren van Jaga Jazzist.

Maar hier is het dus de beurt aan Bandler Ching. Na een eerste donderslag aan het firmament in 2020 met de EP Sub Surface is er nu de eerste echte langspeler Coaxial. Een plaat gemaakt door een saxofonist, maar dat wil niet zeggen dat die in elke track centraal staat. Veeleer is het als het stokje van de dirigent: hij bepaalt het tempo en kiest wie eruit mag springen. In openingstrack “You Call It” neemt de wat groezelig klinkende koperblazer zelf nog het voortouw over een frisse begeleidingswind, maar halverwege demarreert de bas en geeft hij het peloton het nakijken. Enkel de drum weet zijn tred bij te houden, de rest echoot op de achtergrond. Mooie thema’s die – soms zelfs wat te abrupt – gebroken worden met tempowisselingen. Iets dat we later op het album nog tegenkomen.

In “Awpril” horen we een silly discoriedeltje, uitgespuwd door een wild flikkerende kermisattractie die ver over zijn theewater is. Een smooth riffje tussenin doet deze kermistristesse vergeten, maar tegen het einde stoot het mechanische onding toch nog zijn laatste adem uit. In “Roodgroen”, de enige track die van lyrics gediend wordt (in dit geval door de Brusselse rapster/streat poet Vieze Meisje) wordt het relaas gedaan van de leegheid van het bestaan in een grootstedelijke hipsterjungle waarin de woordkunstenares tot waanzin gedreven wordt. Na een uitbarsting hiervan stoot ze knarsetandend uit: ‘Ik denk, ik denk’ Descartes? Nou, deze keer dan wel met een iets stevigere trapbeat eronder.

Andere songs klinken dan weer meer als de larger than life soundtrack van een stevig in CGI gedopte ruimteschipfilm, iets wat we bijvoorbeeld ook horen bij stadsgenoten Glass Museum. “Dag Na Naamdag” laat een plechtige hymne horen om vervolgens te vervagen in knetterend geschal in alle richtingen. Hysterie breekt los op het einde van deze mars. “Rave Fever” en “Delice” steunen ook op etherische synthklanken die de grote emoties niet schuwen. Met een traan in de ooghoek wuiven we het opstijgend ruimteschip vaarwel. Het kosmische jazzgeluid wordt dan weer vertaald naar de grote danstempels anno 2023 met het intense “You Have Got Me”. Dit nummer wordt opgevolgd met het breekpunt op de plaat, de meditatieve afsluiter “Kitsune”. Bij een repetitieve en zachte trommel sluiten we de ogen en gaan in lotushouding zitten – oké, daarvoor zijn we niet lenig genoeg; we zitten gewoon op de grond met de benen wat vreemd bijeengevouwen. Kopers puffen hun weg richting het slot, de hartslag vertraagt. Fin.

Op Coaxial bewijst Bandler Ching dus zeker in het rijtje te passen van de bands die in het begin van deze tekst genoemd werden. Een geslaagde mix van stijlen, kundig en met veel spelplezier gebracht. Ook klinkt het weer nét iets anders dan wat collega’s brengen, zodat er een beperkt risico is op eenheidsworstisme. Ja, hier en daar is het nog wat bruusk en onaf, maar dergelijke balorigheid kan de groep live wel eens ten goede komen. En aangezien er slechts een manier is om daar achter te komen, kunnen we enkel meegeven: hup, de planken op, Bandler. Als het gegiechel van het publiek na het omroepen van de groepsnaam vervaagt, is het aan jullie om hen definitief het zwijgen op te leggen.

8
SDBAN Ultra
SDBAN Ultra

verwant

Bandler Ching :: “We houden van het Brusselse je m’en foutisme”

Bruxelles, ma belle: het blijft een moeilijk te beminnen...

aanraders

My New Band Believe :: My New Band Believe

Het bezwijken van progrockvehikel Black Midi onder het gewicht...

Grace Ives :: Girlfriend

Taylor Swift zwalpte in haar huwelijksbootje op The Life...

The Me In You :: Ida Fischer is niemand 

Al dan niet bewust wist The Me In You...

The Rats :: Boxing Days

Of het nu om oudere (post)punkiconen als Gang Of...

Diverse :: Help(2)

‘War! What is it good for?’ Het antwoord is...

recent

Beginnings (Begyndelser)

Sommige films fluisteren. Beginnings doet dat niet. Die sluipt...

My New Band Believe :: My New Band Believe

Het bezwijken van progrockvehikel Black Midi onder het gewicht...

Boards Of Canada :: Tape 05

Een VCR-cassette uit het jaar 2165 om je te...

Dead Man’s Wire

Gus Van Sant was een van de boegbeelden van...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in