James McMurtry :: The Horses And The Hounds

Goede wijn behoeft geen krans. Voor grote muzikale veranderingen moet je niet bij James McMurtry zijn, voor consistente kwaliteit daarentegen wel. The Horses And The Hounds is weer meer van hetzelfde, maar bij McMurtry is dat eigenlijk uitstekend nieuws. 

Waar James McMurtry in de eerste jaren na zijn debuutalbum Too Long In The Wasteland uit 1989 met een zekere regelmaat nieuw werk uitbracht, is het tempo van releases sinds het uit 2008 daterende Just Us Kids  dat was album nummer acht  serieus gedaald. Complicated Game liet zeven jaar op zich wachten, dit nieuwe album kwam dan weer zes jaar na de voorganger. Niet dat dit het gevolg is van een drastische koerswijzigingen, integendeel. Want na al die jaren heeft McMurtry wel z’n sound gevonden en ook deze The Horses and The Hounds voelt bij de eerste luisterbeurt al even vertrouwd aan als die zetel waarin je je al jaren neerploft. 

Want laat ons eerlijk zijn. Dit is rootsmuziek die soms een beetje rockt, soms wat dichter bij folk aanleunt, maar op zuiver muzikaal vlak nergens verrast. Tel daar dan nog het beperkte stemgeluid van McMurtry bij. De slotsom zou dan logischerwijs zijn dat dit muziek is die geruisloos passeert, die de luisteraar nergens bij het nekvel grijpt. Het tegendeel is waar. Steeds weer weet McMurtry albums af te leveren die je aandacht opeisen, die zich langzaamaan aan je opdringen. 

Dat heeft niet geringe mate te maken met de verhalen die McMurtry steeds weet neer te pennen. Net zoals bijvoorbeeld Bruce Springsteen of Willy Vlautin is hij immers een meester in het vertellen van een kortverhaal in songvorm. Zo kruipt hij op “Canola Fields” in de huid van een oude man die op een roadtrip mijmert over het verleden, over de vergane liefde. “Jackie” is een kortfilm in songvorm over een vrouw die moedig probeert een paardenboerderij boven water te houden, waarbij het droeve einde de luisteraar bij de keel grijpt.

Eenmaal wordt hij zelfs onverwacht actueel. “Operation Never Mind” is een aanklacht tegen de forever wars van de VS, die buiten het zicht van de camera’s gevoerd worden. De implosie in Afghanistan na de Amerikaanse terugtrekking maakt het nummer enkel maar schrijnender. McMurtry is niet de man van de grote slogans, of de boze woorden. Hij maakt zijn punt met kleine verhalen vol inleving en begrip. 

Tweemaal baseert hij zich op teksten van andere schrijvers. Wendell Berry vormde de inspiratie voor “Decent Man”, waar hij in de huid kruipt van een berouwvolle moordenaar, terwijl “Blackberry Winter” de mosterd haalde bij Robert Penn Warren. Hoewel het album grotendeels bestaat uit mid-tempo nummers, trekt McMurtry op het fel rockende titelnummer wat steviger van leer. Al mag het af en toe wat luchtiger. “Ft. Walton Wake-up Call” is met z’n parlando verwant aan z’n eigen meesterwerk “We Can’t Make It Here” maar de tragikomische tekst vanuit het oogpunt van een knorrige boomer zorgt voor een luchtiger intermezzo. 

Zeggen dat McMurtry in ons land niet echt de naam en faam heeft die hij verdient  zelfs in het rootswereldje  is een open deur intrappen. Zijn laatste concert in België trok niet meer volk dan er in een kleine, weliswaar goed volgelopen, bruine kroeg in de Koningin der Badsteden binnen kan. Het is twijfelachtig dat deze The Horses And The Hounds daar verandering in zal brengen, en dat is jammer want het is een album vol hoogstaand vakmanschap.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × een =