True Mothers (Asa Ga Kuru)

De films van de Japanse cineaste Naomi Kawase omarmen je als kijker vol zachtheid en schoonheid. Dat was al eerder gebleken met haar speelfilm Suzaki (1997) waarvoor ze de Caméra d’Or ontving. En ook bij True Mothers, die tevens behoorde tot de officiële selectie van het Filmfestival Cannes, zien we haar stijl terugkomen. Naast Hikari Katakura (Aju Makita) en Satoko Kurihara (Hiromu Nagasaku), spelen ook de natuur, tijd en ware emoties opnieuw een belangrijke rol in dit intense drama over moederliefde waarin de ene moeder haar kind niet kan opvoeden en de andere geen kinderen kan krijgen.

Dat Naomi Kawase een meester is in het brengen van pure films waarin ze de tijd laat aan het verhaal om zich te ontwikkelen, is niet nieuw. Ook True Mothers gaat verder op dat elan, maar heeft ook nog de troef van de acteerprestaties van actrices Hiromi Nagasaku en Arata Iura. Ze incarneren beide moeders, maar de ene geeft de andere pas de kans moeder te worden door haar eigen kind af te staan, enigszins ongewild.  We zitten als kijker vast in een rollercoaster aan emoties, zonder dat Kawase daarom op zoek gaat naar goedkope dramatiek. We zijn deelgenoot van het verhaal van beide vrouwen, waarin vooroordelen plaats maken voor perspectief. En precies dat maakt van True Mothers een oprecht en zuiver verhaal, omdat de cineaste beide vrouwen aan het woord laat. Ze gunt ze evenveel tijd en vraagt dat ook van de kijker. Al kost dat voor deze laatste helemaal geen moeite.

Los van de sterke inhoud, is ook het vormelijke absoluut ‘on point’. Naast haar gebruikelijke fotogenieke beelden van pittoreske Japanse landschappen, weet Kawase – die ook zelf deels instond voor de cinematografie – optimaal te spelen met lichteffecten. Felle lichtinvallen vragen om de ogen te sluiten, maar dat doen Kawase haar personages niet. Ze sluiten hun ogen niet, ze kijken recht tegen het licht in. Beide moeders gaan de confrontatie aan met elkaar. Maar ook hier is kwaadheid uit den boze. Ze luisteren naar elkaar. Alsof hun moederhart verbonden is en één blik voldoende zegt. Zacht gezegd straalt deze film rust uit. Geen taboes, geen verwijten. Gewoon twee delicate onderwerpen en personages die met elkaar in dialoog gaan. Dialoog die hoop geeft voor de ene en waar de ander kracht kan uit putten. En precies dat is wat Kawase ons probeert te zeggen. Dit, ondersteund door hemelse, zuiverende pianoklanken.

Doorheen de film balanceert Kawase ook op de dunne grens van enkele ethische kwesties.
Had de moeder van een van de protagonistes het recht om aan zichzelf te denken door haar dochter een gedwongen adoptie voor te schotelen? Zit precies daar het verschil tussen beiden? Ook al tast Kawase deze en andere vragen af, toch kiest ze geen partij. En precies daardoor doen wij het als kijker ook niet. In meer dan twee uur, nodigt Kawase ons uit om begrip en empathie te tonen. En zonder dat we het weten, schuiven we onze eigen vooroordelen aan de kant en gaan we de laatste minuut van de film in met een traan die over onze wangen rolt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

13 − 9 =