Fischer-Z :: Swimming In Thunderstorms

Oudere rockgoden op hun retour die een nieuw album uitbrengen? Wat denkt de zich zelfrespecterende muziekrecensent dan: ’t is hét moment om de kritische loep nog eens van onder het stof te halen? Fout, fout en nog eens, fout: niet elk album moet bulken van relevantie en vernieuwing: goed onderbouwde en catchy popsongs zijn soms een beter teken van de tijd. Op Swimming In Thunderstorms, de nieuwe Fischer-Z, staan er zo veertien.

Fischer-Z? Bestaan die nog? Eerste gedachte als we het album onder ogen krijgen. Ja dus, ook al is zanger en tekstschrijver John Watts het enig overblijvend lid van wat in de jaren zeventig een spitante punkrocksensatie was, gekend van hits als “Marlies”, “So Long” en “The Worker”. De man heeft gelukkig nog bakken inspiratie, en dat demonstreert hij hier met gusto! Na Building Bridges uit 2017 snijdt Watts op Swimming In Thunderstorms een aantal actuele onderwerpen aan: Brexit, de vluchtelingencrisis, het verrechtsen van de maatschappij.

In opener “Big Wide World” en afsluiter “Cardboard Street” krijgen we het verhaal van een dakloze ex-soldaat te horen. Heeft die in het eerste lied nog hoop, en droomt hij luidop over zijn zorgeloze kindertijd, dan is een klein uurtje later bijna alle hoop vervlogen, want de haveloze dakloze wordt door een ambulancier gereanimeerd. Een waargebeurd verhaal dat symbool staat voor wat onze maatschappij geworden is? Feit is dat Watts zijn maatschappijkritiek snoeihard laat blijken doorheen de overige twaalf songs, al kan het ook wel wat luchtiger, wanneer het over verloren liefde of de onmacht om de liefde bij de kraag te grijpen gaat, zoals in “Love Train Drama”, “The Heaven Injection” of nog “Films With Happy Endings”.

Maar terug naar de werkelijkheid van de 21ste eeuw. Sommige teksten zijn ernstig, zwaarmoedig en soms ronduit zwartgallig, zoals zijn tirade tegen de hypocrisie van de media in “Stamp It Out”. En in “Islamic American” vertelt hij het verhaal van een Syrische familie die tegen hun wil (en die van hun Amerikaanse buren) in Dallas terechtkwam (“First time in an aeroplane and we had to learn, Some leery Americans, Would like to send us home”). Ironische twist in dit waargebeurd verhaal: het tweede kind van het koppel is Amerikaans staatsburger, omdat het in de VS geboren is.

Maar gelukkig weet John Watts ook dat het niet allemaal te zwaar op de hand mag zijn, want de muziek klinkt meermaals luchtig, met een voorkeur voor rock, reggae en een zonnig jazzy popdeuntje hier en daar. Er zit trouwens ook een Belgische connectie in het album: op “No Bohemia” is een kleine rol vastgelegd voor trompettist Bart Maris, die samen met bassist Kristof Roseeuw en trombonespeler Frederik Heirman een heerlijk melancholisch sausje giet over deze surrealistische vertelling.

Eerlijk? We zijn blij dat de jongste zoon van John Watts zijn vader wist te overtuigen deze songs op te nemen en op de mensheid los te laten. Laat die criticasters maar zwijgen, Watts heeft een dijk van een plaat gemaakt, die ook live zal knallen. Gaat dat zien, gaat dat zien, bijvoorbeeld op 16 oktober in CC Zwaneberg in Heist-Op-Den-Berg en op 19 oktober in de Cactus Club in Brugge.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in