Portico Quartet :: Art In The Age Of Automation

Beheerst en stijlvol zijn de heren van Portico Quartet zeker. Alleen heeft Art In The Age Of Automation meer nood aan een onbesuisde geestdrift die de grenzen van ambient jazz doorbreekt.

Welke boodschap schuilt er achter een naamsverandering? Kunnen we in dergelijk geval spreken van een groep die een nieuwe stijl wenst te verkennen of eerder ontevredenheid met het bestaande werk uit? In 2015 liet Portico Quartet met de release van Living Fields een deel van haar bandnaam vallen. Zo bleef er enkel Portico over, met de speculatie dat het Britse collectief een associatie met jazz beu was geworden. De eerste successen waren nochtans dankzij een kruising tussen jazz en elektronica, al leek de voorkeur nu voor dat laatste uit te gaan. Twee jaar later staat de kwartetformule echter opnieuw op het voorplan, zonder merkbare wijziging aan de groep. Niemand die weet of er iets meer aan de hand is. A sudden change of heart zullen we het maar noemen.

De makkelijkste manier om helderheid te scheppen, is met het beluisteren van Art In The Age Of Automation. De titel hoort als een vraag te worden beschouwd in plaats van een groots, ambitieus statement over de inhoud van het album. Op de oppervlakte lijkt er niet veel veranderd aan de formule waarmee Portico Quartet bekend is geworden: de hang doet opnieuw z’n opwachting, alsook een rijke waaier van samples en elektronisch behangpapier. Alleen laten klassieke instrumenten (saxofoon en trompet) ditmaal een krachtigere indruk na. In ‘’Endless’’ zorgt een Molvaeriaans trompetgeluid voor een snedige juxtapositie met een veelledig elektronisch weefsel. Een gelijkaardige spanning is te vinden in ‘’Objects To Place In A Tomb’’ waar de elegante saxofoonmelodie als een bedwelmend middel voor een fragmentaire compositie werkt.

Tot zover alles goed met Portico Quartet, al dringt na een drietal nummers de realisatie door dat Art In The Age Of Automation de luisteraar geen heldere raison d’être voor de voeten werpt. Enigmatische songtitels als ‘’S2000S5’’ en ‘’Lines Glow’’ bevatten geen aanwijzing over de thematische teneur van het album. Ook vormelijk rijzen er voornamelijk vraagtekens. Titeltrack ‘’Art In The Age Of Automation’’ ademt een strakke, lichtjes onderkoelde atmosfeer uit, zoals het merendeel van de composities. Hier opnieuw is een vormelijke mengeling tussen het oude werk van Portico Quartet (denk aan Isla) en het oeuvre van Nils Petter Molvaer. Een speelsere indruk laat zich in de details horen — let op die gevleugelde achtergrondgeluiden — maar breekt zelden of nooit uit een rigide vorm. Er is veel goede wil bij de heren van Portico Quartet om er een ervaring van te maken maar de kil aandoende bouwstenen schieten te kort om die ambitie te bewerkstelligen.

Het tweede deel van Art In The Age Of Automation ontbeert de assertiviteit van de eerste tracks en kondigt daarmee een vlucht inwaarts aan. ‘’RGB’’ is gestileerd maar voelt te klinisch aan en mist de soul die men zelfs bij het minimalistische werk van James Blake vindt. ‘’Beyond Dialogue’’ graaft in Portico’s muzikale verleden maar suggereert daarmee een gebrek aan inspiratie, terwijl ‘’Current History’’ een broodnodige groove injecteert, maar nooit tot uitbarsten komt. Misschien vinden elektronicaliefhebbers eerder hun gading in Art In The Age Of Automation. Voor een kwartet dat zich echter prijst voor het samenbrengen van jazz en elektronica, is het resultaat een kleine teleurstelling.

Misschien draait het in Art In The Age Of Automation allemaal om (zelf)controle en benadert Portico Quartet daarmee het beeld van een nabije toekomst. Voor een groep die zich opnieuw duidelijk als deel uitmakend van ambient jazz profileert, is het niettemin moeilijk om van een gedurfde, artistieke keuze te spreken. Art In The Age Of Automation blijft netjes binnen de krijtlijnen die The Cinematic Orchestra ruim een decennium geleden heeft getekend. Mag het een beetje meer zijn?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 5 =