Sinister

Dat horror als genre nog altijd weinig serieus genomen wordt door de cinefiele meerwaardezoeker, heeft veel te maken met de doorgaans weinig kwalitatieve output, maar, laat ons eerlijk zijn, ook met het doorsnee publiek dat zich het vaakst laat verleiden tot het bekijken van dit soort films. Dat deel van de kijkers dat niet bestaat uit lichtjes wereldvreemde horrorgeeks, zijn vaak weinig geïnteresseerde tienermeisjes die, in de geest van de pyjamafeestjes – een fenomeen dat we op een bepaald moment allemaal van dichtbij of van veraf hebben kunnen bestuderen – voor de standaard schrikfilm kiezen wanneer ze een avondje in de bioscoop doorbrengen. Enfin, om een lang verhaal kort te maken: de exemplaren die dezelfde voorstelling als ik bijwoonden. De luidop gegeven commentaar die ze spuiden, maakte duidelijk dat het niet evident is om je uit die canon van laagdrempelige schrikhorror voor tieners te onderscheiden. Sinister probeert het wel, en is op vele vlakken verrassend sterk, maar mispakt zich minstens even vaak aan dezelfde clichés die ontelbaar veel voorgangers misbruikten.

Het is dan ook verdomd moeilijk om geen heel diepe zucht te slaken wanneer blijkt dat Ellison Oswalt (Ethan Hawke), de protagonist van Sinister, het nobele ambt van misdaadschrijver-met-writers’-block vervult – klaarblijkelijk zijn er van dat soort personages altijd een hoop in de aanbieding op de horrormarkt. De boel wordt er niet meteen origineler op wanneer die, in de hoop het succes van zijn onheilspellend getitelde debuutroman Kentucky Blood, samen met zijn familie intrek neemt in de woonst van een recentelijk afgeslachte familie, om die moordzaak als uitgangspunt voor zijn nieuwe roman te nemen. Op zolder vindt Ellison een hoop home made Super 8-filmpjes, die afkomstig zijn van de moordenaar, een Gene Simmons-lookalike met, zo blijkt uit de titels van die snuff movies, gevoel voor flauwe woordmopjes – als u dacht dat wij daar een patent op hadden, had u het bij het verkeerde eind. Om een lang verhaal kort te maken: naarmate onze zelfverklaarde Truman Capote (‘This is going to be my ‘In Cold Blood’!’ beweert hij zelf) zich verder in de zaak verdiept, gebeuren er steeds vreemdere dingen, en met de hulp van een ambitieuze hulpsheriff en een specialist in occulte zaken, beseft Ellison dat er hier wel eens een bovennatuurlijke macht aan het werk kan zijn, waar weinig tegen te beginnen valt. Run, Forrest, run!

Alle scepsis over al die hemeltergende clichés daargelaten – er is ook nog de oude sheriff van de kleine, gesloten, community, die buitenstaanders als Oswalt en zijn familie liever ziet gaan dan komen, én dan heeft de zoon des huizes nog eens paranormale nachtmerries ook – valt er best nog wel veel te pruimen aan Sinister. Vooreerst heeft componist Christopher Young, die onder meer Sam Raimi’s Drag Me To Hell op zijn cv heeft staan, een heerlijk bevreemdende, desoriënterende soundtrack in elkaar gebokst, vaak voortgestuwd door een tegendraadse, pulserende percussie, die wel eens aan het filmwerk van Radioheadgitarist Jonny Greenwood (There Will Be Blood, We Need To Talk About Kevin) doet denken – er zijn slechtere referenties.

Dat er zoveel aandacht naar de soundtrack wordt getrokken, is een logisch gevolg van de focus die regisseur Scott Derrickson legt: liever dan zich te buiten te gaan aan eenvoudige schrikmomenten en zo in dezelfde val te trappen als ontelbaar veel voorgangers de afgelopen jaren, probeert hij zorgvuldig een onaangename, beklemmende sfeer op te bouwen. De found footage Super 8-beelden die hij gebruikt zijn daar het beste voorbeeld van; het is een eenvoudige, maar wel bijzonder creepy en bijgevolg ook uiterst effectieve manier om je als kijker deel te laten nemen in de gruwel die Hawke’s personage ervaart. Geen schokkerige, door adrenaline gestuurde shots voor Derrickson; wel angstaanjagend statisch vastgelegde beelden van heelder families die worden opgehangen, verdronken of levend verbrand.

Telkens wanneer je met die snuff movies geconfronteerd wordt, bekruipt je als kijker dus een behoorlijk ongemakkelijk gevoel, maar in zijn net iets te ver doorgetrokken hang naar sfeerschepping, gaat Derrickson wel op een cruciaal punt volledig de mist in. Sinister klokt af op 110 minuten, en dat zijn er een pak te veel. Dit soort films heeft zelden een goede reden om veel langer dan anderhalf uur van je tijd te vragen, en ondanks de verwoede pogingen om het geheel toch spannend en griezelig te houden, leiden de te vaak herhaalde scènes waarin Ellison zich ’s nachts in de zaak verdiept tot een veel te lang en ronduit saai middenstuk. Zelfs de obligatoire schrikmomentjes – af en toe moet er aan die tienermeisjes gedacht worden, hoor je de producenten denken – krijgen je dan niet wakker, en de film moet op die momenten z’n restje kwaliteit halen uit een zeldzaam mooi gecomponeerd shot van een zonsopgang achter het gordijn – en laat dat nu niet meteen zijn waarom wij naar horrorfilms gaan kijken.

In de laatste twintig minuten trekt Sinister zich gelukkig nog een klein beetje recht, door de plot van een soort noodlottigheid te voorzien die alles in een ander daglicht stelt, en de film op een behoorlijk eigenzinnige manier laat eindigen. Bovendien heb je niet alleen de indruk dat de makers zich eindelijk eens min of meer van de clichés ontdoen, maar ook dat dit gewoon de meest effectieve manier is om wat Ellison en zijn familie overkomt te laten aansluiten bij de filmpjes die hij de hele prent lang heeft zitten bestuderen.

Dat kan echter niet helemaal verhinderen dat er toch flink wat schort aan Sinister, hoewel er stevig wordt geprobeerd om een film te maken die zich verheft boven de in massa’s geproduceerde spookhuisrommel van de afgelopen jaren. Naast componist Christopher Young en Scott Derrickson doet immers ook Ethan Hawke aardig zijn best, temeer daar ook zijn carrière de laatste jaren wat in het slop is geraakt – dat soort carreer slumps zijn regelmatig de voorbode van een rol in horrorfilms, nietwaar, John Cusack? Dat ook hij vaak moeite heeft om op de juiste manier met de clichés om te gaan, is echter tekenend voor Sinister: een film met veel goede wil die zich soms ook weet te uiten in goede ideeën, maar te vaak blijft steken waar ook andere griezelprenten falen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

drie × 1 =