Black Dice:: Mr. Impossible

Niets is onmogelijk voor het paarse mannetje Mr. Impossible, het hoofdpersonage uit het gelijknamige boek van Roger Hargreaves. Hij kan werkelijk alles en bezit mysterieuze, magische krachten om mensen boven zichzelf te laten uitstijgen. Maar dat doet Black Dice op zijn tiende langspeler helaas niet.

Dat is geen voor de hand liggende vaststelling, want Eric Copeland en de zijnen vervellen met de regelmaat van de klok. De vroege singles van deze Brooklyn alchemists waren uit een mix van hardcore en noisy elektronica in elkaar gefoefelde splinterbommen, waarna de bandleden zich met het eerste full length– album Beaches & Canyons profileerden als ontdekkingsreizigers in de wereld van de psychedelische muziek. De aldaar opgediepte goudschatten werden vervolgens tegen een Chinese muur van blatante drones aangesmakt. En in de jaren na dat bovengenoemd pièce de résistance wierpen ze zich toe op een mengeling van bad vibes electronics, donkere humor, décalé beats en een hele hoop dope waardoor ze een geheel eigen muzikale wereld creëerden.

Met van op schroothopen opgeviste, ratelende percussie gecombineerd met kapotte synthbassen gemaakt in Calcutta klinkt het huidige Black Dice op zijn laatste worp als vanouds grootstedelijk. Nieuw is dat de band funkier klinkt dan op zijn voorgangers.

Zo is “Pinball Wizard” als een flipperkast die ons met zijn springerige ritme, absurdistische zanglijnen, door delay verhakkelde elektronica en Fisher-Priceachtige loopjes de bizarre wereld van Flying Lotus inslingert. Maar daar stopt het strooien met referenties, al doen de manie en euforie die in andere nummers weerklinken, wel eens denken aan Animal Collective. Zo maken de smurfachtige, geloopte zanglijn en warrige, knorrige achtergrondgeluidjes van “Rodriguez” een nummer waarvoor Bart De Wever maar al te graag zijn PronoKaldieet naast zich neer zou leggen om zijn Michelinbeentjes los te gooien op het hamerende ritme met een zweem van hiphop. En mocht de Red & Blue een morsig Pools poolcafé zijn waar bronstige belastingsinspecteurs vertier zoeken, dan weerklonk daar zeker de door een woest phaserpedaal volledig ontspoorde dancetrack “Pigs”.

En hebben ze er dan nog niet genoeg van, dan zijn er nog steeds de demonische zang en het bonkende ritme die van “Outer Body Drifter” de ideale track maken bij het spelen van het beest met twee ruggen in een peeskamertje. Op andere momenten gaat het er wat rustiger aan toe; zo dobbert “Carnita” voort op een een rist van vreemd aandoende drumaanslagen, waterige zanglijnen en saxinterrupties die van de song een meanderende en tegelijkertijd creepy soundscape maken.

Hoewel Mr. Impossible dus best een onderhoudend schijfje is, valt het tegenover een album als Broken Ear Record wat mager uit. Deze Brooklynhipsters tonen wel nog heel wat in hun mars te hebben, maar er zullen nog veel paarse mannetjes aan te pas moeten komen voor ze hun oude niveau weer halen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien + vier =