The Cinematic Orchestra :: In Motion #1

Beeld en geluid kunnen ontroeren, pas in de combinatie ontstaat magie. The Cinematic Orchestra flirt al meer dan een decennium met de intuïtieve verbondenheid tussen muziek en film. Aanvankelijk gebeurde dat met Man With the Movie Camera, vervolgens met Ma Fleur en nu met In Motion #1, een impressionante soundtrack van een reeks stille films.

En te bedenken dat het Britse collectief ooit nog als de wegbereider van de nu-jazz werd bestempeld. Het debuutalbum, Motion uit 1999, was een verstillend pareltje dat jazz, elektronica en orkestrale muziek naadloos wist te versmelten. Toen al schuilden er cineasten in Jason Swinscoe en de anderen, af te leiden uit de atmosferische pracht van de langgerekte composities. Zelf hebben ze nooit een film gedraaid, want hun fascinatie voor beeldtaal is louter een instrument om de muziek kracht bij te zetten. Alleen heeft The Cinematic Orchestra zich de voorbije jaren ook toegelegd op het creëren van passende soundtracks voor jonge en oude films. Hun wonderlijke muzikale wereld heeft op die manier ook een nieuwe betekenis gekregen, die verder reikt dan de kruin van de jazz.

Het lijkt nochtans dat de titel In Motion #1 nadrukkelijk een verbinding met het debuut uit 1999 maakt. De realiteit bewijst echter wel anders: van de langgerekte jazzcomposities blijft niet zo veel over. Het is te zeggen, The Cinematic Orchestra gaat nog een stap verder. Deze keer wagen Swinscoe en co zich aan kanjers van klassieke impressiestukken, die zonder al te veel moeite de tien minutengrens overschrijden. Slechts hier en der met een vleugje saxofoon. Het is wachten tot diep in de buik van “Outer Space” vooraleer we het blaasinstrument onrustig horen briesen.

Toch is het niet all things classic op deze plaat: de rustig voortkabbelende ritmes, elektronische drones en traag aanzwellende geluidsmassa’s zullen na al die jaren nog vertrouwd in de oren klinken. Openingsnummer “Necrology” heeft niet zomaar toevallig z’n naam gekregen. The Cinematic Orchestra heeft in die dertien jaar een volledige transformatie ondergaan en het acht minuten durend epos kan zowel als een reisverhaal als een afscheid van het verleden beschouwd worden.

Het gehele veranderingsproces doet hen een pak zelfverzekerder klinken. De composities zijn meer dan ooit fijne evenwichtsoefeningen geworden, waar nauwelijks vulsel in te bespeuren valt. De dreiging die bij de openingsminuten van “Lapis” in de lucht hangt, verdwijnt nooit helemaal tussen de zachte en melancholische tonen van piano en strijkers. Expressie is The Cinematic Orchestra’s nieuwe leidmotief: het gaat van klein en intiem tot groots en spektakelrijk, zonder ooit in de val van groteske Wagneropera’s te trappen. De atypische sprongetjes in de melodie, de dubbele bodem — zwevend tussen tragiek en dromerij — bewijzen dat het over meer dan slechts mooie melodietjes gaat. Swinscoe’s drijfveer is een oprechte appreciatie van muziek.

In Motion #1 is een werk dat meest tot z’n recht komt in de schemering, zonder ooit een uitgesproken stijl te hanteren of een rechtlijnige boodschap uit te spreken. “Dream Works” sleept een hele tijd aan zonder echt helemaal los te breken. Een saxofoon beperkt zich hier eveneens tot korte opwellingen, allesbehalve sterke erupties. Minutenlang teert de groep op een motief dat uit drie tonen bestaat, zonder de kaarten in de hand te laten zien. Pas in de zesde minuut drijft de onderliggende emotie naar boven, als een vrucht die pas in de lente haar bloemen laat zien.

De grootste vruchten van de jarenlange arbeid barsten pas in de tweede helft van het album open. Waar de eerste composities als losstaand gezien kunnen worden, zijn zowel “Entr’acte” als “Manhatta” moderne soundtracks voor gelijknamige stomme films uit de jaren twintig en dertig. De groep deed dit al eens succesval met Man With the Movie Camera, weliswaar op kleinere schaal en met minder diepgang. “Entr’acte” neemt twintig minuten in beslag en gaat in vergelijking een pak verder. In het magistrale epos beginnen we met een schemerende opbouw, vervolgens een grandioze totaalervaring die de grootsheid van mens en natuur in de verf zet, een volledige transformatie rond de zevende minuut die de algehele sfeer doet omslaan. Daarnaast een subtiele referentie naar “To Build A Home’, waaruit dan weer een moderne melodie uit groeit die zowel op rationeel als emotioneel vlak enkel maar kan overrompelen. “Entr’acte” is een aaneenschakeling van ontroerende momenten, waaiend van de ene naar de andere kant, afgewisseld door ritmische pulsen en traag groeiende melodieuze weefsels. Aan “Manhatta” kunnen er minstens evenveel woorden besteed worden, maar we beperken het tot dit: een hemelse compositie, sierlijk in al zijn aspecten.

Daar staan we dan, met onze mond vol tanden, na een uur en negentien minuten vol van overdonderende muziek. Een impressionante ervaring en een bekroning van het jarenlange werk? Een terecht oordeel, zonder twijfel, dat spijtig genoeg geen rekening houdt met wat de toekomst voor The Cinematic Orchestra nog inhoudt. In Motion #1 doet dromen, maar schept tegelijk ook huizenhoge verwachtingen, die misschien maar moeilijk te overtreffen vallen. Wordt het nog beter, dat weten we vooralsnog niet. Laat ons daarom deze plaat gewoon van de eerste tot laatste seconde koesteren, als een handgehouwen juweel dat grenzen en stijlen overstijgt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × twee =