Feist :: Metals

Na het commerciële succes van The Reminder hield Leslie Feist de benen even stil, kwestie van de pedalen niet te verliezen. Ruim vier jaar later treedt ze met "Metals" uit de schaduw: een schaduw die als een donker randje aan de plaat blijft kleven. Geen hits, maar wel veel fun.

De kennismaking met een miljoenenpubliek — wat wil je, als je "1234" laat opdraven in een Apple-reclame — zorgde voor veel druk en verwachtingen en dus moest Feist het zaakje even van op een afstand bekijken. De samenwerkingen met onder andere Wilco, Grizzly Bear en Beck bewijzen dat ze nog altijd een graag geziene muzikante is, maar gelden toch eerder als vakantie dan als ambitieuze carrièreplanning. Pas toen James Blake eerder dit jaar met het merendeel van de pluimen van "Limit To Your Love" ging lopen, vroegen we ons af: tiens, hoe zou het zijn met Feist?

Wel, goed zo blijkt. In een verlaten hut (waar hebben we dat verhaal nog gehoord) nabij het dunbevolkte plaatsje Big Sur aan de Californische kust werd "Metals" ingeblikt, een prima nieuw album met minder hitpotentieel dan The Reminder — dat lijkt ons een bewuste keuze — maar met minstens even veel replay value. Metals klinkt donkerder maar nooit grimmig, hier en daar gebald en stevig, maar met de nodige afwisseling. En Feist is nog altijd Feist: samenzangen zijn een must, ritmes een speeltuin en de arrangementen copieus.

Eerste single "How Come You Never Go There" ligt dicht bij de sound van de vorige plaat, wat op zich geen verrassing is met Chilly Gonzales en Mocky opnieuw achter de knoppen, aangevuld met Valgeir Sigurðsson. De wow wow wo-how’s blijven al na een halve luisterbeurt hangen, het nonchalante jazzy ritme en de sobere inkleding van het nummer verbergen het talent dat erin schuilt. Het is vooral opener "The Bad In Each Other" die je de plaat in zuigt. De stompe drums en diepe bastonen zijn getuigen van een gammele folkriff die naadloos overgaat in een stroperig refrein: ze is terug en ze is in vorm.

Het is een eerste indicatie dat enkele poppy momenten van op The Reminder zijn ingeruild voor meer intensiteit. Meer stompe drums met staccato strijkers krijgen we in "A Commotion". Hier gebeurt iets: een mannenkoor met een paar baarden in de keel, melodielijnen die als staalkabels rond elkaar worden gedraaid en saxofoonklanken die verward kunnen worden met bronstige elanden. Nog straffer en een van de absolute hoogtepunten is "The Undiscovered First" met een ronduit geweldige opbouw, verschillende lagen van Feists stem over elkaar heen en een theatrale finale die klinkt als een kudde geketende olifanten die geblinddoekt door een servieswinkel marcheren.

Het contrast kan niet groter zijn met het daaropvolgende "Cicadas & Gulls", waarin Feists subtiele stem een instrument op zich is en daarvoor ook de ruimte krijgt. Een vaatje waar ook "The Circle Married The Line" en "Anti-Pioneer" uit tapt en waaruit blijkt dat Feist nog altijd een dijk van een songschrijver is die geen moeite heeft om een hele plaat te boeien. Voedingsbodem is nog altijd de wondere wereld van de menselijke relaties en dan liefst de kleine of pijnlijke kantjes ervan. "When the flag changes colours, the language knows / When the month changes numbers, it’s time to go".

"Is this the right mountain for us to climb?", klinkt het in "The Undiscovered First". Wees daar maar zeker van. Geen idee of er zoiets was als een ’gemakkelijke’ opvolger voor The Reminder, maar met Metals maakte Feist in ieder geval wel de plaat die ze wilde maken. Uit het oog van de storm en met genoeg tijd en ruimte om de ideeën uit te rollen. Warm aanbevolen!

Feist speelt op 19 oktober in het Koninklijk Circus. Wie nog geen ticket heeft, komt jammerlijk te laat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

acht + 18 =