The Adjustment Bureau




Science fiction schrijver Philip K. Dick mag bij de fans van het
genre dan wel steevast voor een nerdgasm van
heb-ik-jou-daar zorgen, in de filmwereld heeft hij al een even
wisselvallig parcours doorlopen als pakweg Stephen King. Net zoals
Kings horrorverhalen maar al te vaak vervielen in onnozelheid eens
ze werden toevertrouwd aan pellicule, werd ook Dicks geniale
paranoïde geest regelmatig verkracht door filmproducenten die
gewoon wilden scoren met een actiefilmpje. Voor iedere ‘Blade
Runner’ was er wel een ‘Screamers’, voor iedere ‘Minority Report’
een ‘Paycheck’. ‘The Adjustment Bureau’ kondigde zich, ondanks de
aanwezigheid van Matt Damon en rijzende ster Emily Blunt,
aanvankelijk twijfelachtig aan. De studio legde de film bijna een
jaar lang op de plank, wat doorgaans wijst op ofwel een gênant
slechte film waarvan ze niet weten wat ze ermee moeten aanvangen,
of anders een goede film die als “te moeilijk” wordt beschouwd voor
het grote publiek. Nu de prent dan toch eindelijk uitkomt, blijkt
onze vrees echter ongegrond: ‘The Adjustment Bureau’ is misschien
geen meesterwerk, maar wel een degelijk thriller-drama, dat een
interessant concept te pakken heeft en het vrij goed weet uit te
werken.

Matt Damon speelt David Norris, een populaire politicus die na
een klein schandaal (hij heeft ooit zijn bloot gat laten zien op
een studentenfeestje, big deal) weer overeind krabbelt en
serieus kans maakt op een zitje als senator voor de staat New York.
Bonus: tegelijk maakt hij ook kennis met de danseres Elise
(Blunt), een niet onaantrekkelijke dame met wie het perfect klikt.
Alles lijkt dus goed te gaan, tot Damon wordt aangesproken door een
stel heren in retro jaren vijftig-kostuums. Zij werken voor The
Adjustment Bureau, een soort bovennatuurlijk agentschap dat ervoor
moet zorgen dat mensen het leven leiden waarvoor ze voorbestemd
zijn. En Davids relatie met Elise stond niet in de boeken. David
krijgt de keuze: uit Elise’s buurt blijven of het risico lopen
gereset te worden en zijn hele persoonlijkheid kwijt te
spelen.

‘The Adjustment Bureau’ wordt, enigszins misleidend, gepromoot
als een achtervolgingsthriller om meer volk naar de zalen te
lokken, maar laat je niets wijsmaken: de science fiction-elementen
en chase scenes staan allemaal ten dienste van een
romantisch verhaal dat met verrassend veel humor wordt verteld. Het
eerste half uur van de prent laat zich zelfs bekijken als een
charmante romcom, waarin de chemie tussen Damon en Blunt
echt voelbaar is. Pas daarna komen we in herkenbaar Philip K.
Dick-gebied, met een scifi-twist die de vertrouwde thema’s van de
schrijver naar boven halen. Net als ‘Minority Report’ stelt ‘The
Adjustment Bureau’ immers de vraag in welke mate mensen over een
vrije wil beschikken. Bestaat er zoiets als predestinatie? David en
Elise besteden het grootste deel van de film aan pogingen om aan
hun lotsbestemming te ontsnappen, maar zelfs gesteld dat dit lukt –
wil dat dan niet gewoon zeggen dat ze eigenlijk al de hele tijd
voorbestemd waren om tóch bij elkaar te blijven? Wat meer is: voor
wie werkt het Bureau? Zelf noemen ze hun opdrachtgever “the
chairman”, maar het is duidelijk dat dit alleen maar een andere
naam is voor God. Dus dan kan je dezelfde vraag anders formuleren:
gesteld dat er een God bestaat en hij bepaalt hoe we ons leven
leiden, kunnen we dan tegen zijn wil ingaan? Of dénken we dat
alleen maar, terwijl onze rebellie tegen God eigenlijk net zo goed
in zijn plan past?

Verblindend originele ideeën zijn dat weliswaar niet. Dick had
zo zijn dada’s, die je telkens opnieuw ziet terugkeren, en het hele
idee van vrije wil versus voorbestemming werd – met name in
‘Minority Report’ – nog net iets sterker behandeld. Maar dat neemt
niet weg dat debuterend regisseur George Nolfi (die als schrijver
al betrokken was bij de Matt Damon-projecten ‘Ocean’s 12’ en ‘The
Bourne Ultimatum’) op zichzelf bekeken best een fascinerende
illustratie geeft van die zelfde thema’s. Wat ‘The Adjustment
Bureau’ zo boeiend maakt, is precies hetzelfde waardoor hij vanuit
commercieel oogpunt zo moeilijk te marketen is: de film laat zich
niet vastpinnen op een genre, maar levert een frisse mix van
romantische komedie, achtervolgingsthriller, science fictionfilm en
zelfs een vleugje existentieel drama. Op die manier vermijdt Nolfi
dat zijn film al te voorspelbaar wordt en slaagt hij er ook in om
het hele verhaal te blijven grondvesten in de realiteit – de humor
en menselijkheid van het liefdesverhaal tussen Damon en Blunt zorgt
ervoor dat je ook de scifi-elementen makkelijker accepteert, omdat
de personages op dat moment al een sterk eigen karakter hebben
meegekregen.

Dat alles wordt gepresenteerd in een prent die goed zit qua
tempo en visueel zelden of nooit toegevingen doet aan zijn science
fiction-roots. Opvallende CGI-effecten zijn er nauwelijks te
bekennen, en Nolfi voelt ook niet de behoefte om continu met zijn
camera te staan zwieren om toch maar te bewijzen dat hij het kan.
De beeldvoering is relatief sober, maar dient het verhaal zonder
dat je er een slecht woord over kunt zeggen. Veel mensen zullen het
heiligschennis vinden, maar ik vond het understatement van
Nolfi makkelijker te verteren dan het bombast van Christopher Nolan
in ‘Inception’. Oké, wat Nolan deed was enorm knap vanuit technisch
standpunt en je mond viel af en toe open door de wonderlijke
special effects – maar ‘The Adjustment Bureau’ vertelt in feite een
verhaal met evenveel diepgang (of gebrek daaraan), met veel minder
prestatiedrang of pretentie. Ook hier gaat het over de realiteit en
in welke mate die gemanipuleerd kan worden. Maar waar ‘Inception’
je verzadigd achterliet tot op het randje van een cinematografische
indigestie, laat ‘The Adjustment Bureau’ je hongerig achter naar
méér. Oké, ‘Inception’-nerds, kom maar op met die rotte
tomaten.

Matt Damon speelt hier één van zijn traditionele
everyman-rollen. Het script voorziet hem van een nogal
clichématig trauma om hem toch iets van motivatie mee te geven,
maar in feite is hij gewoon het generisch sympathieke
hoofdpersonage, die bestaat om charmant te zijn en te reageren op
de vreemde dingen die er plots gebeuren. Damon kan dit met zijn
ogen dicht, en laat zich hier dan ook moeiteloos genieten. Vooral
omdat ook Emily Blunt erg aardig uit de hoek komt als danseres met
een hoek af, en de twee een reële chemistry met elkaar
hebben. In de meest memorabele bijrollen zien we John Slattery uit
‘Mad Men’ (die er dus enorm herkenbaar uitziet in zijn
fifties Bureau-pak) en Terence Stamp als Thompson, Gods
bad ass-wraakengel. Geen valse noot te bespeuren in hun
vertolkingen, dat zou eigenlijk voor zich moeten spreken.

Naar het einde toe legt Nolfi zijn boodschapje er wat al te dik
bovenop en in zijn geheel beschouwd vrees ik dat ‘The Adjustment
Bureau’ niet indrukwekkend genoeg zal zijn om te blijven plakken.
Maar het is een onderhoudende prent, die op een aardige manier met
genres speelt en zowaar nog inhoud heeft ook.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 + zes =