Mogwai :: Hardcore Will Never Die, But You Will

Rock Action, 2011
PIAS

Dat postrock de laatste jaren z’n eigen graf heeft gedolven, is
ondertussen wel doorgedrongen tot de laatste bebrilde
bachelorstudent. Als er echter één band is die lange tijd geen
uitzaaiingen van formulaïsme en inspiratieloosheid vertoonde, is
het Mogwai. Helaas, met ‘The Hawk Is Howling
leken de jolige Schotten definitief over hun hoogtepunt heen en hun
nieuwste boreling is daar de jammerlijke bevestiging van. ‘Hardcore
Will Never Die, But You Will.’ laat een band horen die bezeten
tegen z’n eigen gebrek aan relevantie vecht, maar definitief het
onderspit moet delven.

Jammer, want Mogwai is jarenlang de roerganger geweest van een
boeiend genre dat geleidelijk aan tenonder ging aan plat
epigonisme. ‘Young Team’ geldt terecht als de iconische blauwdruk
van de postrock met die typische hard/zacht-dynamiek en zelfs
latere platen als ‘Happy Songs For Happy
People
‘ en ‘Mr. Beast’ sloegen gensters. Of het nu om een
intimistische parel als ‘Hunted By A Freak’ of viscerale furie als
‘We’re No Here’ ging, maakte niet uit: Mogwai klonk krachtig,
vitaal en vooral: bevlogen. Het zijn adjectieven waar deze plaat
enkel van kan dromen.

Niet dat dit album geen knappe composities meer bevat, maar we
hebben het gewoon allemaal al veel beter gehoord. Zo rukken ‘Rano
Pano’ en ‘Death Rays’ wel aan de ketting met logge riffs en potig
drumwerk, maar in vergelijking met een ‘Glasgow Mega-Snake’ zijn
het eerder ongemanierde puppy’s in plaats van schuimbekkende
bloedhonden. Ook de waterrimpels die traditioneel uitmonden in
draaikolken van gitaargeweld mochten niet ontbreken (opener ‘White
Noise’ en ‘How To Be A Werewolf’), maar nooit ga je als luisteraar
echt kopje onder als bij een ‘Ratts Of The Capital’, laat staan een
klassieker als ‘Like Herod’.

Toch weet Mogwai ook een paar keer echt te verrassen. In
‘Mexican Grand Prix’ jagen de Schotten Radiohead-gewijs een
tegendraadse stroomstoot elektronica door hun sound en ‘San Pedro’
schurkt zich zelfs tegen het format van de popsong aan.
Eén riff en mokerslagen van drums die op een dikke drie minuten
zoveel mogelijk schade aanrichten, meer moet dat soms niet zijn.
Ook ‘George Square Thatcher Death Party’ klinkt naar Mogwai-normen
verrassend rechttoe rechtaan.

Het zijn songs die smeken om gedraaid te worden op een volume
dat Joke Schauvliege wat extra witverlies bezorgt en zo hoort het
ook. Alleen zijn dergelijke verzengende vuurzeeën iets te dun
gezaaid op deze plaat en wordt hun impact al te snel gekelderd door
fletse, kleurloze stijloefeningen als ‘Too Raging To Cheers’.
Daardoor klinkt ‘Hardcore Will Never Die, But You Will.’ iets te
veel als een slecht gecementeerd amalgaam in vergelijking met de
consistente totaalervaring van bijvoorbeeld ‘Happy Songs For Happy
People’.

Op z’n beste momenten blijft Mogwai een ramp voor uw
trommelvliezen en balsem voor de ziel tegelijk (luister maar naar
de overrompelende afsluiter ‘You’re Lionel Richie’). Mits een
vernuftig gebruik van de skip-toets zullen de fans dan ook
weer likkebaardend genieten, maar de slotsom blijft dezelfde: het
vet is van de soep bij de Schotten en als totaalpakket kan deze
plaat het tij niet keren. Bugger!

http://www.mogwai.co.uk

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

19 + 19 =