Elvis Costello :: National Ransom

Universal, 2010.

IJverig ventje, die Declan Patrick Aloysius MacManus. ‘National
Ransom’ is ondertussen al het drieëndertigste album van alter ego
Elvis Costello, dus is het hem vergeven dat ‘ie af en toe de
mosterd ergens anders gaat halen. Op ‘Secret, Profane and
Sugarcane
‘ verkende de Brit vorig jaar samen met partner in
crime
T-Bone Burnett al uitgebreid het countrygenre. Met
‘National Ransom’ gaat hij netjes op dat elan verder, om er
tegelijk ook aardig wat toetsen bluegrass, rock-n’-roll en folk
tegenaan te gooien.

Opener en titelsong ‘National Ransom’ is nochtans old
school
Costello. Een stevig wegrockend nummer waarin hij
uithaalt naar de recente bankcrisis, maar eigenlijk gewoon het
kapitalisme sinds de crash op Wall Street van meer dan een halve
eeuw geleden een serieuze uppercut verkoopt. “1929 to the present”
situeert Costello het nummer in een voetnoot, maar gek genoeg is
het zowat het enige ‘moderne’ accent op een plaat die verder een
duik in de muziekgeschiedenis is.

Een anachronisme op tijd en stond kunnen wij wel smaken en ‘A
Slow Drag With Josephine’, dat Costello vaagweg “under the
Napoleonic Code” situeert, is alvast het vrolijkste nummer dat wij
in tijden gehoord hebben. Het leent niet alleen de heerlijk lome
atmosfeer van die tijd, maar met vondsten als “skeddle-daddle-doo”
en “my little ballyhoo” ook het jargon. Het gefluit op het einde
volstaat zowaar om eigenhandig de opkomende herfstblues weg te
jagen.

Op zo’n muzikale tijdreis moet je onvermijdelijk ook je helden
eren. ‘Dr. Watson, I Presume’ is naast een geniale titel en een
historische verwijzing voor de quizzers onder ons ook een ode aan
bluegrass-legende Doc. Watson. Het is ook een ijzersterke song waar
Costello als rasechte verteller een heel universum schetst, summier
maar doeltreffend toongezet op enkele rake gitaarslagen.

Ook ‘Bullets for the New-Born King’ is zacht en ingetogen, maar
raakt toch de kern van onze ziel als het relaas van een moordenaar
met spijt. ‘Jimmie Standing in the Rain’ is ten slotte een novelle
hors catégorie, waar de warme gloed van Costellos stem en de
subtiele toetsen viool en trompet perfect het refrein – “Forgotten
man, indifferent nation, waiting on a platform in a Lancaschire
station” – begeleiden.

Helaas kruipt niet elk verhaal dat Costello vertellen wil even
hard onder de huid. Een droge voetnoot – “The London Underground,
is. Het relaas van de Braziliaan
die in volle terreurparanoia in de Londense metro werd
neergeschoten, heeft een soort inherente dreiging in zich –
versterkt door Costello die naarstig op de snaren plengt – maar
leidt uiteindelijk nergens naar.

Ook bij ‘That’s Not the Part of Him You’re Leaving’ is dat ene
vage lijntje waar Costello het nummer situeert – “On the Road
Between Dismal and Discouraged. Right Now” – veelzeggender dan de
muziek zelf. Het is een mindere versie van ‘Stations of the Cross’,
dat met zijn minimalistische spatten piano zelf ook al een eerder
flauw afkooksel was van oudere kleppers als ‘Shipbuilding’. Of wat
dan te denken van ‘I lost You’ en ‘The Spell That You Cast’, die
allebei verraderlijk vrolijk klinken, zonder ooit maar in de buurt
van een climax te komen? Een normaal mens zou na gedumpt te worden
ook niet meteen uitbarsten in een partijtje line dance,
maar ons aller Elvis blijkbaar wel.

Volgens de legende hebben Costello en co. het hele album in een
schamele 11 dagen ingeblikt in een studio in Nashville, en ergens
is dat er ook aan te merken. Niet dat het één zootje ongeregeld is
of dat er enkel slechte nummers op staan – verre van zelfs – maar
all in all lijkt het meer een gezellig potje jammen onder
vrienden dan een voorzichtig uitgekiend geheel. ‘National Ransom’
is een overweldigend kleurrijk mozaïek van muzikale stijlen, maar
dan wel ééntje waar je niet te lang naar kan staren zonder er
koppijn van te krijgen.

www.elviscostello.com

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

een × 5 =