Peter Evans Quartet :: Live In Lisbon

Wie de experimentele jazz intensief of vanop afstand volgt, heeft ongetwijfeld al gehoord van trompettist Peter Evans, die op enkele jaren tijd is uitgegroeid tot een van de meest bejubelde jonge stemmen uit de avant-gardehoek. Met zijn eigen kwartet en het recent verschenen Live In Lisbon wordt nogmaals onderstreept wat een monstertalent de man is, ook al leidt het vaak tot muziek die meer dan gemiddelde weerstand biedt.

De trompet is jarenlang wat ondervertegenwoordigd geweest in de free jazz. Bij een vorige generatie had je wel figuren als Dave Douglas en Roy Campbell, maar dat waren dan knallers die zelden moesten vrezen om nergens aan de bak te komen. De laatste jaren is echter een nieuwe Amerikaanse generatie opgestaan, met kerels als Taylor Ho Bynum, Nate Wooley en Peter Evans, die aardig op weg zijn om de trompet opnieuw een centrale rol te geven binnen de marge van de hedendaagse jazz en improvisatie.

Meest in het oog springend van al zijn daarbij Evanss onwaarschijnlijke technische virtuositeit en veelzijdigheid. Hij speelt niet enkel vrije improvisatie (hij bracht zelfs twee goed onthaalde soloalbums uit op Evan Parkers gerenommeerde Psi-label) en free jazz, maar ook klassieke recitals en diep in het verleden gewortelde jazz. Zo is hij al zeven jaar lid van Mostly Other People Do The Killing, een van de meest opwindende kwartetten van vandaag en een band waarbij hij kan laten horen dat hij kan schetteren als Freddie Hubbard, swingen als Lee Morgan en inventief zijn als Don Cherry toen die naast Ornette Coleman stond.

Je zou verwachten dat hij met z’n eigen kwartet (met pianist Ricardo Gallo, bassist Tom Blancarte en drummer Kevin Shea) ook zo’n melange van stijlen zou presenteren, maar dat is dan buiten zijn inventiviteit gerekend. In plaats van al die stijlen naast elkaar te laten passeren wil Evans de muziek grondig doorlichten en afbreken tot op zijn fundamentele bouwstenen, om van daaruit tactieken te ontwikkelen om die muziek opnieuw op te bouwen. De aanstekelijkheid van MOPDTK is hier volledig afwezig. Zo is het eigenlijk ook wat ironisch dat veel van de immens complexe en grillige muziek op Live In Lisbon eigenlijk vertrekt van bronmateriaal dat al decennia mee gaat in de jazzwereld.

Billy Strayhorns “Lush Life”, Cole Porters “What Is This Thing Called Love” en Jerome Kerns “All The Things You Are” worden hier gebruikt als aanleidingen om een evenwicht te vinden tussen compositie en improvisatie, structuur en vrijheid, waarbij de vier muzikanten de lat immens hoog leggen voor zichzelf én de luisteraar. Valt een stuk als “Palimpsest”, dat teert op “Lush Life” en Charles Mingus’ minder bekende “Duke Ellington’s Sound Of Love” nog te klasseren onder de ingetogen nachtversie van het genre, dan laat “All” een kwartet horen dat een geheime agenda lijkt te delen, stukken aan elkaar naait op onvoorspelbare wijze, en doet raden naar het tempo dat nu gaat komen. Bij “For ICP” geeft de titel dan weer een idee wat verwacht kan worden: een grillig, maar tegelijk ook luchtiger parcours.

De discipline die daarbij aan de dag wordt gelegd is werkelijk indrukwekkend. Evans trekt dan wel het grootste deel van de aandacht naar zich toe met z’n brede waaier aan stijlen en technieken (helse arpeggio’s, circular breathing (!), breed uitgesmeerde thema’s en minder bekende geluidsexperimenten), voor de resterende drie geldt evenzeer die ongedurige aanpak. Het gaat vooral drummer Kevin Shea goed af. De man staat sowieso al bekend omwille van z’n pseudochaotische aanpak en hier kan hij zich helemaal laten gaan in doolhofstructuren, tempowisselingen en onvoorspelbaarheid.

Op Live In Lisbon wordt ontegensprekelijk enorm inventief gespeeld en wat Evans presteert, daar hebben muziektheoretici vast een kluif aan waar ze een tijdje zoet mee zijn. Zowel de langere stukken als de kortere ‘interludes’ zorgen voor momenten waarbij je mond spontaan open valt. En dat is meteen ook het (potentiële) knelpunt. Net als bij een generatiegenoot als Steve Lehman heb je te maken met een muzikant die niet enkel een erg expressieve stijl en aanpak heeft ontwikkeld, maar ook een zeer grondige kennis van muziektheorie heeft en die dan ook in de strijd wil gooien, getuige daarvan deze hypercomplexe muzikale puzzels.

Dit leidt tot experimentele hoogstandjes en een erg intellectualistische aanpak die soms ten koste gaat van het buikgevoel (zo sterk aanwezig bij veel free jazz) en het eenvoudige luisterplezier. Als je weet wat te verwachten, dan kan deze concertregistratie enorm veel uitdagingen schenken. Op andere momenten zal het echter een opgave zijn om deze muziek te beluisteren. M.a.w.: Live In Lisbon is vooral een must voor ADHD’ers voor wie het allemaal niet zot en complex genoeg kan. Wie houdt van een avondje onderuit zakken met een cocktail binnen handbereik (ook een prima idee), die haalt best een oude klassieker van onder het stof.

Op zaterdag 25 september vindt in De Singer (Rijkevorsel) een clash plaats tussen de Nederlandse en Amerikaanse avant-garde: Eric Boeren ‘Boerenbond’ feat. Peter Evans, met Eric Boeren (cornet), Tobias Delius (sax/klarinet), Jason Adasiewicz (vibrafoon) en Peter Evans (trompet). Meer info op de website van De Singer.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien − 14 =