Salt




Heel even had Phillip Noyce ons er van overtuigd dat hij, diep
in zijn hart, best wel een goede regisseur was. Tijdens de jaren
negentig stond hij vooral bekend als Hollywoodiaanse gun for
hire,
die de ene onopmerkelijke thriller na de andere
afleverde – werk dat varieerde van redelijk (‘Clear and Present
Danger’) tot effenaf afschuwelijk (‘Sliver’, ‘The Bone Collector’).
Maar toen, aan het begin van de nieuwe eeuw, keerde hij de
mainstream Amerikaanse filmindustrie heel even de rug toe
om zich toe te leggen op kleinere projecten. Ik was niet even sterk
onder de indruk van zijn Australische outback-drama
‘Rabbit-Proof Fence’ als de meeste mensen, maar het was wel een
goed verteld, intelligent verhaal, dat menselijk was, waar vrijwel
al zijn vorige projecten onpersoonlijke bandwerkjes waren. En met
‘The Quiet American’ leverde hij zowaar een onderschat,
kleinschalig pareltje af (dat overigens ook door mezelf onderschat
werd, moet ik toegeven; na hem een tweede en derde maal te bekijken
is mijn waardering voor die film alleen maar gegroeid). Enfin,
Noyce leek op de goede weg, en net daarom is het zo jammer dat hij
zich toch terug heeft laten verleiden door de grote
Hollywoodmachinerie voor ‘Salt’, een actiefilm die aanvoelt als een
paranoiathriller uit de tijden van de Koude Oorlog, maar dan
voorzien van een lobotomie en een oneindige stroom
hoofdpijn-inducerende CGI.

Angelina Jolie speelt Evelyn Salt, een CIA-agente die op een dag
een zelfverklaarde Russische overloper moet debriefen. (Bestaan die
eigenlijk nog, Russische overlopers? Nemen die tegenwoordig niet
gewoon het vliegtuig richting Amerika om daar geheel ongehinderd
een kraampje met borsjt te openen?) Anyway, die Rus weet haar te
vertellen dat er een mol in de Amerikaanse inlichtingendiensten
zit, die binnenkort de president van Rusland zal vermoorden tijdens
diens bezoek aan de VS. (Waarom zou een Russische infiltrant de
president van zijn eigen land omleggen? Een goeie vraag, die wel
degelijk een soort van uitleg krijgt in het verhaal, maar zo zonder
een computerprogramma voor technisch tekenen, twee sokpoppen en een
doosje Dafalgans begin ik er niet aan.) De naam van de mol: Evelyn
Salt. (En daar mag gerust een onheilspellend ta-ta-dààààm
bij.) Nog voor je “déjà-vu” kunt zeggen, gaat Salt op de loop en
begint ze onverbiddelijk ass te kicken, om daar
pas anderhalf uur later mee op te houden. Blijft er de vraag:
vlucht ze omdat ze onschuldig is en niet in een cel wil wegrotten,
of omdat ze écht een Russische spionne is? Iedereen die het wat kan
schelen, mag nu zijn hand opsteken.

Dat hele verhaal voelt vanaf het begin al aan als een
anachronistische terugverwijzing naar de Koude Oorlog-thrillers van
de jaren zeventig en tachtig, zij het dan (uiteraard) gecombineerd
met zeer hedendaagse special effects. In de intrige vind je sporen
terug van onder andere de (ietwat foute) eighties classics
‘No Way Out’ en ‘The Package’, net zoals van bijna elke actiefilm
waarin de slechteriken Yuri of Boris heetten. Het grote verschil:
waar die films op suspense mikten en altijd enigszins geworteld
bleven in de realiteit, gebruikt ‘Salt’ zijn uitgangspunt louter
als een excuus om de actie op gang te brengen. En eens dat gebeurt
(na ongeveer 20 minuten), is het hek van de dam en krijgen we
alleen nog een orgie aan CGI, hier en daar onderbroken door
plotwendingen die steeds absurder worden, tot ze ei zo na het rijk
van de pure waanzin bereiken.

Retro-eighties film zijn de laatste tijd natuurlijk
schering en inslag (de voorbije maanden hebben we ‘The A-Team’ en
‘Predators’ op ons bord gekregen), maar zelden werd een genre dat
20 jaar geleden populair was, zo humorloos benaderd. Het grootste
verwijt dat je ‘Salt’ kunt maken, is niet dat scenario compleet van
de pot gerukt is, maar wel dat de makers nergens eens een knipoog
aan het publiek durven te geven, om hen te laten weten dat het maar
om te lachen is. Noyce en scenarist Kurt Wimmer (de vermaledijde
die ook al ‘Equilibrium’ en ‘Ultraviolet’ schreef) houden de hele
tijd een pokerface, waardoor er verduveld weinig plezier
te beleven valt. En plezier, zelfrelativering, is nu net enige
manier waarop je een hersendood, derivatief filmpje als dit nog
enigszins genietbaar kunt maken.

Bij gebrek daar aan krijgen we actie, en veel ervan. Hoewel ik
niet de indruk kreeg dat Noyce of Wimmer veel van hun actiescènes
zelf hebben bedacht – ‘Salt’ is eerder een aardig spelletje “raad
de invloeden”. Angelina Jolie die à l’improviste een bom
maakt van een brandblusser: ‘MacGyver’! Jolie die over de muren van
een flatgebouw kruipt en zich vasthoudt aan de richels: ‘The Bourne
Identity’! Jolie die van de ene vrachtwagen op de andere springt:
‘The Matrix Reloaded’! Jolie die zich verkleedt als man (!) en
daarna haar latex gezicht aftrekt: ‘Mission: Impossible’! En zo
gaat dat maar door. Er zit letterlijk geen enkele actiescène in
‘Salt’ die niet rechtstreeks terug te voeren valt op één uit een
andere (en meestal betere) film. Voor een film die het echt van
niets anders dan zijn actie moet hebben, is dat behoorlijk
triestig. Hoewel er ook een beetje goed nieuws is (laat ik vooral
niet te negatief zijn: Noyce weerstaat aan de verleiding om het
hele gedoe met een shaky cam te zitten filmen, en houdt
ons meestal vrij goed georiënteerd binnen de actie. Meestal. Hij is
geen James Cameron, maar tot daar aan toe.

Angelina Jolie is wellicht de enige vrouwelijke actiester ter
wereld (de laatste ‘Alien’ dateert alweer van voor de
eeuwwisseling, dus Sigourney Weaver valt stilaan van de lijst), wat
haar keuze voor deze rol haast vanzelfsprekend maakt. Ze heeft een
sterke fysieke présence (nee, ik heb het niet over haar borsten) en
aangezien de prent daarbuiten niet al te veel van haar vereist
(veel diepzinnige dialoogscènes zitten er niet in), komt ze er dan
ook nog wel mee weg. Liev Schreiber en Chiwetel Ejiofor zijn
doeltreffend als altijd in de voornaamste bijrollen, maar echt: wat
komen zo’n klassebakken eigenlijk in deze film doen? Of wacht, nee,
niet antwoorden – ze deden het voor de pree.

Ik laat u graag achter met de eerste gedachte die door mijn
hoofd ging toen de lichten in de zaal weer aangingen: “hij was
tenminste niet in 3D”. Thank God for small favours, zeggen
ze dan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vier × 2 =