Wild Billy Childish & The Musicians Of The British Empire :: Thatcher’s Children

In het voorjaar van 2007 lanceerde Billy Childish met Punk Rock At The British Legion Hall het debuut van een nieuw garageproject. Dat het project hem intussen menens is, blijkt uit het feit dat Wild Billy Childish & The Musicians Of The British Empire met Thatcher’s Children nog geen twee jaar later reeds een derde plaat klaar heeft.

Een punt van kritiek waar Billy Childish keer op keer mee te maken krijgt, is dat men hem ervan beschuldigt bepaalde riffjes telkens opnieuw te gebruiken. En dat is helemaal niet uit de lucht gegrepen, want op dit nieuwe album bewijst hij het nog maar eens: met "Rosie Jones" brengt hij immers haast een exacte kopie van "Father Christmas Is Dressed In Green" van de vorige plaat Christmas 1979, zij het met een andere tekst. Het verschil tussen Billy Childish en een groep als pakweg Oasis, is echter dat Childish toegeeft dat hij muzikaal tekort schiet. Meer nog: hij is er zelfs fier op. Muziek maken is voor hem immers een feest en op feestjes moet er vooral gelachen worden.

Op het nieuwe plaatje start hij dat feestje zoals het The Musicians Of The British Empire past: lachend met het beleid in het Verenigd Koninkrijk. Childish bezingt met titeltrack "Thatcher’s Children" namelijk het post-Thatchertijdperk, waarin het zogezegd beter had moeten gaan, maar waarin er nog evenveel en zelfs nieuwe problemen zijn. Daarbij spaart Childish werkelijk niets of niemand en gaat hij losjes over de neprock-’n-roll van Babyshambles en The Killers, om te eindigen bij het smelten van het poolijs en het overmatige gebruik van gsm’s. Dat hij daarbij nooit als een zeur maar steeds als een onvervalst feestvarken klinkt, is wat hem na twee Musicians Of The British Empireplaten en talloze platen met andere projecten nog steeds overeind houdt.

Dat Childish een expert is in het mengen van rammelende rock-’n-roll met Britse humor en een beetje maatschappijkritiek, bewijst hij met Thatcher’s Children nog maar eens. Probeert u bijvoorbeeld maar eens uw lach in te houden bij "Coffee Date", een nummer met een niets aan de verbeelding overlatende titel en al even onnozele lyrics. Dat het aansluitende "He’s Making A Tape" het liedje in al zijn disciplines evenaart, bevestigt dat Childish een hitmakende machine is en blijft: lanceer het nummer in de playlist van Studio Brussel en binnen enkele weken prijkt het ongetwijfeld ergens hoog in de Afrekening.

Childish zou zichzelf echter niet zijn als hij dat allemaal uit zijn pols zou schudden zonder hier en daar eens net iets té overduidelijk naar een van zijn grote voorbeelden te verwijzen. Dat is ook hier het geval: met "Dole Drums (The Wolf Howard Theme)" — dat eigenlijk "Dale Drums (The Wolf Howard Theme)" had moeten heten — haalt hij Dick Dale himself uit de kast en besluit hij zelfs geen vocals toe te voegen, om zijn verwijzing nóg meer te laten opvallen. Dat is echter nog klein bier in vergelijking met het vorige album, Christmas 1979, waarop Childish maar liefst The Ramones, Link Wray én The Who de revue liet passeren.

Het resultaat is dat Thatcher’s Children net als de eerste Musicians Of The British Empireplaat Punk Rock At The British Legion Hall een album met meer eigen karakter is. Of dat een juiste keuze is? Niet als u bedenkt dat het nóg schaamtelozer stelen van populaire riffjes van Christmas 1979 tegelijkertijd een unieke kerstplaat én een fantastische popplaat maakte. Maar ongetwijfeld wel indien u een purist bent en in Christmas 1979 niets meer dan een onschuldig avontuurtje ziet.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

3 × 3 =