The Escapist




Er zijn een aantal zinsneden die elke filmliefhebber
achterdochtig zouden moeten maken: “een ode aan”, bijvoorbeeld, is
een notoir eufemisme voor “een onuitstaanbaar melige lofrede aan
het adres van” (zoals ‘Ray’ een ode aan Ray Charles was, en ‘World
Trade Center’ een ode aan de moed van de ordediensten die erbij
waren op 9/11). “Een authentieke blik op” is er nog zo één, en wilt
meestal zeggen dat we een “oersaaie, kabbelende weergave krijgen
van het leven van mensen met wie we in de werkelijkheid niets te
maken zouden willen hebben”. (Zo circuleren er heel wat authentieke
weergaves van het leven van de eskimo’s, Maori’s en andere
premoderne culturen in videotheken overal ten lande.) En een
zinnetje dat misschien nog het meeste te vrezen valt: “een nieuwe
benadering van een gekend genre”. Wat dat meestal wilt zeggen is:
“de producers hebben de gebruikelijke clichés genomen, ze hebben er
een beetje mee geschud, ze hebben er een flashy montage aan gegeven
en nu proberen ze het te verkopen alsof het iets nieuws is”. ‘The
Escapist’, van regisseur Rupert Wyatt, kondigt zich zo aan – een
nieuwe benadering van de gevangenisfilm – maar er is goed nieuws:
het resultaat valt erg mee. Het principe blijft nochtans overeind.
Wyatt heeft inderdaad een beetje gefoefeld met de clichés van het
genre en voegt er een paar slimme trucs met de structuur aan toe,
maar eigenlijk is er lang niet zoveel nieuws onder de zon als hij
je graag zou willen doen geloven. Blijft er wel het feit dat, los
van dat alles, ‘The Escapist’ nog steeds een onderhoudende
misdaadfilm is, waarbij niemand zich hoeft te vervelen en die zelfs
een paar verrassingen te bieden heeft.

Brian Cox speelt Frank Perry, een crimineel die levenslang heeft
gekregen en al twaalf jaar lang achter de tralies zit. Hij heeft
schijnbaar een manier gevonden om te overleven in de bak – hij
werkt in de wasserij van de gevangenis en houdt zich voor het
overige zoveel mogelijk afzijdig, een toeschouwer van het geweld
dat overal om hem heen plaatsvindt tussen de jongere gevangenen.
Wanneer Frank echter te horen krijgt dat zijn dochter in
levensgevaar is na een drugoverdosis, besluit hij dat hij haar moet
opzoeken. Samen met enkele anderen, waaronder kluizenkraker Lenny
(Joseph Fiennes) en drugdealer Batista (Seu Jorge), onderneemt hij
een ontsnappingspoging.

Klassieker kan een verhaal niet worden, maar Wyatt weet er toch
een extra dimensie aan te geven door te spelen met zijn structuur.
Als rode draad doorheen de film krijgen we immers flash-forwards
naar de ontsnapping zelf, zodat we continu een afwisseling krijgen
tussen de set-up (het leven in de bak, het voorbereiden van de
vluchtpoging) en de climax van het verhaal. Aanvankelijk lijkt die
structuur weinig meer dan een gimmick, een manier om de
conventionaliteit van de plot enigszins te maskeren (“kijk eens,
het is echt wel meer dan zomaar een ontsnappingsfilm, we doen rare
dingen met onze chronologie!”). Maar dan, aan het einde, krijgen we
een plotwending die aantoont dat die structuur toch een reële
betekenis had. En dat is best wel knap gedaan – een parallelle
montage die bij de meeste andere regisseurs gewoon willekeurig
gebruikt zou worden om interessant te doen, blijkt hier echt iets
toe te voegen aan de inhoud van de film.

Wyatt toont zich ook erg sterk in het creëren van een
geloofwaardige omgeving. Ver verwijderd van de romantiek van pakweg
‘The Shawshank Redemption’, krijgen we hier een vunzige, vieze
gevangenis, waarin het vocht van de stenen muren sijpelt, het verf
van het plafond bladdert en alles wat maar van metaal is, al lang
geleden verroest is. De nor van ‘The Escapist’ is typisch een
gebouw waar de overheid nooit genoeg geld in heeft gepompt, zodat
het gaandeweg is beginnen afbrokkelen. Wyatt maakt die omgeving
haast tastbaar, niet alleen met een goed oog voor setting, maar ook
met zijn fotografie. Grijze en groenige kleuren domineren alles, en
sterke contrasten tussen donker en licht benadrukken hoe bleek
Frank en de andere gevangenen wel zijn geworden. Dit zijn mensen
die zo goed als nooit daglicht zien, de gevangenis een soort
spookhuis waar zij de geesten zijn.

De clichés zijn echter wel weer aanwezig, natuurlijk: Damian
Lewis speelt een sterke bijrol als de chef van de bajes, die zijn
medegevangenen zoveel angst aanjaagt dat ze nog liever hun eigen
duim afsnijden dan met hem te moeten afrekenen. Lewis geeft een
redelijk geloofwaardige arrogantie aan die rol, maar zoals hij
geschreven is, blijft hij natuurlijk wel een plotconventie zoals
die al vijftig jaar of langer terug te vinden is in
gevangenisfilms. Ook de verwijzingen naar seksueel geweld (nooit de
zeep laten vallen!) komen obligaat over, de verplichte nummertjes
waar je nu eenmaal niet omheen kunt.

Niet dat dat zoveel uitmaakt: ‘The Escapist’ heeft een sterke
drive, die voor een gedeelte ook weer ontleend wordt aan
de heen-en-weer-structuur. Omdat we regelmatig korte stukjes van de
ontsnapping te zien krijgen, wordt het hele verhaal als het ware
naar dat moment toe gekatapulteerd: we weten waar de plot naartoe
gaat, wat erg veel urgentie aan het verhaal geeft. Wyatt legt het
tempo vanaf het begin hoog, en weet dat perfect vol te houden tot
aan het einde.

Brian Cox, één van de beste karakteracteurs die er tegenwoordig
rondlopen, speelt hier een zeldzame hoofdrol als Frank, en doet dat
met moeiteloze autoriteit. Je ziet aan zijn gezicht dat hij al veel
heeft meegemaakt – zijn leeftijd en zijn track record zijn
de redenen waarom ze hem in de nor meestal met rust laten, en door
de zichtbare levenservaring van Cox aanvaard je dat ook. Hij heeft
niet zoveel tekst, maar domineert de hele prent, gewoon door er te
zijn. Naast hem zien we Dominic Cooper (onlangs nog in ‘Mama Mia’)
met een “oké-maar-weinig-opmerkelijk” bijrolletje als Franks
getergde celgenoot, en vooral Joseph Fiennes, die hier een harde
rol speelt, allicht om te breken met zijn wat al te knuffelbare
imago. In vergelijking met zijn broer Ralph, zal Joseph altijd wel
het kneusje van de familie blijven, maar hij speelt hier in ieder
geval één van zijn betere rollen (het helpt dat hij zijn
wenkbrauwen ditmaal stilhoudt, in plaats van er zijn gebruikelijke
acrobatie mee uit te voeren).

De kans dat je jezelf ‘The Escapist’ volgend jaar nog herinnert
lijkt me vrij klein – dit is een bescheiden film, die zijn ambitie
waarmaakt (iets interessants doen met een overbekend genre), maar
ook niets meer dan dat. Twee uur lang is hij onderhoudend en aan
het einde gooit nog een clevere twist gratis bovenop. That’s
it,
maar dat is al heel wat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf × 3 =