Metric :: Grow Up And Blow Away

Juicht en danst in het rond! Eindelijk ligt het debuutalbum van Metric in de winkel. Bijna acht jaar heeft het geduurd, maar een van de meest gegeerde cultobjecten uit de indiepop krijgt eindelijk een officiële release.

Simpel gesteld moet muziek maar één ding doen: ass kicken. Dat kan door, in nagedachtenis van wijlen Ziggy Pop, de luisteraar een serieuze schop onder de kont te geven. Of, iets subtieler, de luisteraar zachtjes in het oor te fluisteren dat alles in orde is of althans dra in orde zal komen. Metric is overduidelijk een band die onder de laatste categorie valt, zoals reeds bleek uit fijne platen als Old World Underground, Where Are You Now? en Live It Out.

Naast die twee platen is er echter nog eentje, dat voor een klein groepje devote fans zowat de status van heilige graal gekregen heeft. Grow Up And Blow Away heet het en het werd opgenomen in het gezegende jaar 1999, toen Metric zijn eerste muzikale passen ondernam als synthpopduo.
Restless Records zou het album toentertijd uitbrengen, maar voor het zover was, begon het te rommelen bij het label en tegen dat Ryko middels een overname tussenbeide was gekomen, lag de plaat al lang stof te vergaren in de kelder. Enkele exemplaren vonden echter hun weg naar de buitenwereld tijdens concerten en het illegaal downloaden deed de rest: een cultstatus werd opgebouwd.

Wie de plaat vandaag voor het eerst hoort, is niet alleen een technische nitwit òf lid van een auteursrechtenorganisatie, maar is vooral gedoemd om ietwat teleurgesteld te worden. In 1999 was Metric immers nog een duo dat volop op zoek was naar zijn eigen muzikale identiteit. Die zoektocht verliep niet zonder vallen en opstaan, zoals hier en daar op Grow Up And Blow Away te horen valt. Niet dat het eigenlijke debuut van Metric een slechte plaat is, maar vergelijk het met het ontdekken van g&ecircnante puberfoto’s van je lief. Je herkent overduidelijk een dierbare, maar met een verwarrend kantje.

Hetzelfde resultaat heeft Grow Up …, meer bepaald in nummers als "London Halflife" en het zelfs langdradige "White Gold". Achteraf bekeken hadden deze twee nummers gerust geschrapt mogen worden. Maar net zoals je je jeugdfoto’s niet vernietigt, morrel je ook niet aan je debuut, zelfs niet als het pas jaren na opname verschijnt, op een moment dat je al iets bewezen hebt.

Fans kunnen gelukkig ook likkebaarden bij fijns als het aanstekelijke titelnummer of het vaagweg aan het toen nog niet operationele CocoRosie refererende "The Twist". De heerlijke zachte pop van Shaw en Haines moest duidelijk nog tot volle wasdom komen, wat als resultaat heeft dat hij hier absoluut onschuldig en bijna kinderlijk naïef klinkt.
Grow Up And Blow Away is geen onmisbaar Metric-album. In dat geval raden we nog steeds Old World Underground, Where Are You Now? aan. Desondanks is het uiteraard fijn om een volledig overzicht van de nog steeds tamelijk prille carrière van de band te hebben. Nieuwe zieltjes zal Metric hier niet mee winnen, maar enkele fans een kortstondige warme gloed bezorgen, zit er zeker en vast in.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twintig + dertien =