Delicatessen




Dominique
Pinon
, Marie-Laure
Dougnac
, Jean-Claude
Dreyfus
, Karin Viard
Silvie Laguna
e.a.
95 min. / Frankrijk /
1991

Heel lang geleden, lang voor de froufrou aan zijn
revival begon dankzij het pagekopje van Amélie Poulain,
bestond er een regisseursduo dat voor meer dan vuurwerk zorgde:
Marc Caro en Jean-Pierre Jeunet. De wegen van de twee heren van
talent overkokende heren zijn inmiddels gescheiden, maar ze
leverden samen alvast een briljante film af: ‘Delicatessen’. De
prent is alweer 16 lentes oud, maar wonderboy Jean-Pierre Jeunet
maakte er een tijdloos, absurd vertellinkje van over een gevoelig
onderwerp: kannibalisme. Waar haalde Jeunet dit morbide idee
vandaan? Er wordt gefluisterd dat hij inspiratie kreeg voor
‘Delicatessen’ in de tijd toen hij nog boven een slagerij woonde.
Elke ochtend, klokslag zeven uur, hoorde hij de slager zijn messen
slijpen. Zijn vriendin zei dat hij de buren aan het slachten was en
dat zij volgende week aan de beurt zouden zijn…

Eten of opgegeten worden, daar gaat het in ‘Delicatessen’ om.
Ergens in een postapocalyptisch universum, heeft de beenhouwer
meneer Clapet een delicatessenzaak. De tijden zijn hard, het
voedsel is schaars en de inwoners van het gebouw boven de zaak
proberen te overleven. De slager heeft zo zijn eigen truc gevonden
om toch vlees op de plank te krijgen: hij neemt steeds een jongeman
in dienst voor klein technisch onderhoud in ruil voor kost en
inwoon en als de tijd rijp is, slacht hij hem en verkoopt hem in
lapjes/schijfjes/botjes aan de bewoners. Wanneer op een dag Louison
(Dominique Pinon), een vriendelijke circusartiest zich als hulpje
komt aanbieden, beginnen de dorpsbewoners al bij voorbaat te
watertanden. Maar de slagersdochter Julie, een bijziende onhandige
seutebees (die veel weg heeft van Eddy’s dochter uit ‘Absolutely
Fabulous’) wordt hondsdol op Louison. Ze ziet maar één uitweg om
haar geliefde van de oppeuzelingsdood te redden en dat is de hulp
inschakelen van de Troglodieten, een groep fanatieke vegetariërs
die het kannibalisme afzweren en ondergronds leven van graan en
rijst. Ze zijn bereid om Julie te helpen en beramen een plan op
basis van Allo-Allo geheimtaalboodschappen via een
koffiemolen.

Een mens is tot veel in staat in moeilijke tijden. We zagen het
al eerder in ‘Alive’, maar wat zou jij doen? Stel dat er helemaal
niets meer te eten valt en je sterft van de honger? Zou je je dan
zondigen aan kannibalisme of zou je je aansluiten bij de
vegetarische vrijheidsstrijders? Denk er maar rustig een andere
keer over na, ‘Delicatessen’ snijdt dit filosofische vraagstuk niet
aan, maar biedt zijn premisse aan als simpelweg een te accepteren
uitgangpunt. Jeunet wil geen diepzinnige boodschap meegeven, het is
gewoon een geweldig entertainend, volledig losgeslagen filmpje,
waarin toevallig mensen wel eens een lekker schouderpartijtje
lusten.

Ook aan een sterk plot zal het niet liggen – het is vrij snel
duidelijk dat er niet zal gerust worden vooraleer de zondvloed komt
en de hele boel is ingestort. De film is vooral indrukwekkend
omwille van de visuele kwaliteiten (belichting, kleur, kadrering),
leuke vondsten en de gedoseerde situatiehumor die voortkomt uit de
combinatie van de onvergetelijke personages die het slagershuis
bewonen: twee gebroeders die van die beuh!
koeiengeluiden-in-doosjes ineenflansen en daar hun beroep hebben
gemaakt, ‘suicidale Aurore’ (mijn favoriet!), die een arsenaal aan
zelfmoordpogingen bovenhaalt en de ‘kikkerman’ die zijn appartement
heeft omgebouwd tot een moeras waarin hij kikkers en slakken kweekt
en in de leer is om zelf kikker te worden. En geef toe, in welke
film is er een rol weggelegd voor een ‘détecteur de connerie’, een
toestel dat van zijn oren maakt als je het blaasjes probeert wij te
maken?

‘Delicatessen’ is een enorm grappige film. Dat is altijd een
beetje een moeilijke stelling, omdat nu eenmaal niet iedereen
dezelfde fratsen smaakt. Maar als we het eens zijn dat films als
‘Madagascar’
(humor noem je dat?) eerder om van te huilen zijn, dan zal dit u
wel bevallen. De acteurs moeten zich alleszins geamuseerd hebben op
de set. Jeunet staat ervoor bekend dat hij bij de keuze van de
acteurs en figuranten duidelijk voor hun ongewone, karikaturale
uiterlijk gaat. Het is geen verrassing dat acteur Dominique Pinon,
(zou die zijn onderlip over zijn neus kunnen trekken?) weer van de
partij is.

Voor deze film werkte Jeunet samen met artistiek directeur Marc
Caro, waarmee hij eerder al kortfilms had gemaakt en hij na
‘Delicatessen’ nog het macabere sprookje ‘La Cité des Enfants
Perdus’ zou maken. Hun samenwerking is als een chemische proef: je
zet twee vakmensen samen en soms gebeurt er niets, soms treedt er
een reactie op en soms is er ontploffingsgevaar. Jeunet en Caro
geven echt vonken. Ze maakten samen de ontwikkeling van de film
door, met elk hun afgelijnde taken: Jeunet regisseert de acteurs,
Caro bedwingt vooral de esthetische kant. Het levert cinema van het
charmantste soort op, zoals bijvoorbeeld de perfect gemonteerde
scène waarin mademoiselle Plusse haar fijne vleeswaren door de
slager laat keuren en de twee op het bed aan het rollebollen gaan,
waarna iedereen in het huis het ritme van de piepende bedvering
overneemt. Mijn lievelingsscène is echter die waarin doe-het-zelver
Louison samen met miss Plusse op het bed zit om uit te vissen welke
vering nu precies zoveel van zijn oren maakt, terwijl ze een soort
van ‘Nederlandse Amerikaan’ -choreografie (van voor naar achter,
van links naar rechts) ten beste geven… Kan u mijn glimlach door
uw computer voelen gloeien?

Ook de rest van de film is perfect uitgewerkt en de
chocoladebruine filter geeft het geheel iets grimmigs en vooral
lekker surrealistisch. Na ‘La Cité des Enfants Perdus’ stopte de
tandem Caro-Jeunet met draaien, maar ook zonder Caro bleef Jeunet
het uiteraard goed doen, al dateert ‘Un Long Dimanche de
Fiançailles’
ondertussen ook weer van 2004. Terwijl ik
schuimbekkend zit te wachten op een nieuwe film van zijn hand, voed
ik mij ondertussen afwisselend met ‘Delicatessen’, ‘Amélie’ en ‘La Cité’,
waarbij het ‘Delicatessen’ is die uit de bus komt als winnaar. Deze
film toont aan dat poëtisch realisme niet altijd zo lieflijk als de
heiligverklaarde ‘Amélie’ hoeft te zijn. Een heerlijk amusante,
fantastische film. Om op te eten! Aan tafel! Nu! Uitroepteken!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 × vijf =