De herhalingsoefening Bob Dylan

Een mens staat er niet bij stil, maar Nirvana is meer dan “Smells Like Teen Spirit” uit de Tijdloze 100. En Neil Young heeft meer nummers gemaakt dan “Heart Of Gold” en “Rockin’ In The Free World”. Zo lijkt ook Dylan verengd te worden tot hetzelfde lijstje van een dozijn nummers.

Of Bob Dylan al dan niet een protestzanger is, is een discussie die de die hards waarschijnlijk tot aan de Apocalyps op hardnekkige wijze zullen blijven voeren. Zelf beweert de man van niet, maar die bewering staat dan weer in schril contrast met nummers als “Masters Of War” of “A Hard Rain’s A Gonna Fall”. Toch is ’s mans bewering nog zo gek niet. Welke protestzanger of, ruimer gesteld, anti-establishmentfiguur zou immers optreden voor de paus, een concert dat zowel in roomse als Dylanologe kringen commotie veroorzaakte en tot vandaag een heikel onderwerp blijft.

Ergens is het verbazingwekkend dat één man zo’n herrie kan veroorzaken. Bob Dylan is namelijk vooralsnog een singer-songwriter, en occasioneel radio-dj, geen controversiële politicus. Een bepaalde generatie mag hem in een ondertussen alweer lang vervlogen tijdperk dan wel als haar spreekbuis gezien hebben, iets dat de man overigens niet zo leuk vindt, dan nog is het vreemd dat de figuur Dylan anno 2007 nog zo vaak onderwerp van discussie is.

Over generatiegenoten als Mick Jagger zijn de meningen minder verdeeld: het is best komisch dat de man nog optreedt, maar algemeen wordt aanvaard dat we het beste wel gehad hebben. Wie na een concert van Bob Dylan eventjes rondhangt aan de uitgang, sprokkelt in een handomdraai debatoren bij elkaar wiens meningen als dag en nacht verschillen. Algemeen wordt het genie Dylan wel erkend in de muziekwereld, maar de muziek — en meerbepaald de manier waarop er gezongen wordt — wordt door de ene Dylanoloog even hard verketterd als door de andere adept opgehemeld. Het is alleen wachten tot iemand opnieuw “Judas!” schreeuwt wanneer “Like A Rolling Stone” in nog maar eens een andere versie op de toehoorders wordt losgelaten.

Wat willen de fans eigenlijk? In steeds grotere getallen zakken ze elke twee jaar opnieuw af naar Vorst om hun held te aanschouwen, maar nooit doet hij wat zij zouden willen. Het is een probleem waar uiteraard elke artiest mee te maken krijgt, maar zelden op deze schaal en van zo’n lange duur.

Kameleongedrag

Niet dat Dylan vrij van schuld is. Net zoals Neil Young durft de man al eens kameleongedrag vertonen en doet hij geregeld net het omgekeerde van wat verwacht of gehoopt wordt, wat op zich redelijk dubbelzinnig is: mensen houden net van eigenzinnige artiesten, maar als ze het ook werkelijk zijn, is het weer niet goed.

In die optiek is het interessant eens te kijken naar Dylan, de nieuwe en zoveelste definitieve verzamelaar die zopas van de man verschenen is. De plaat heeft overigens een redelijk verwarrende titel: in 1973 bracht Dylan al eens een gelijknamige, interessante coverplaat uit. Maar waar hij op die plaat zelf de hand had in de keuze van de tracks, werd dat op de nieuwste worp aan de fans overgelaten. Op een speciale website konden fans hun keuze doorgeven en het resultaat daarvan is een tracklist die, hoeft het gezegd, niet als verrassend omschreven kan worden.

De plaat biedt weliswaar een mooie dwarsdoorsnede van ’s mans carrière, maar het is jammer dat deze nieuwe verzamelaar, net als zijn voorgangers, de kans onbenut laat om cruciale nummers op te pikken. Zo zijn “Stuck Inside Of Mobile With The Memphis Blues Again” en “Changing Of The Guards” maar enkele van de opvallende, zeg maar bekendere afwezigen. Daarnaast is het, hoewel met “Things Have Changed” van de Wonderboys-soundtrack een fijne aanzet gegeven is, ook vruchteloos zoeken naar belangrijke, maar minder bekende nummers. Daarmee laten dezelfde fans die Dylans veelzijdige en indrukwekkende oeuvre bezingen de kans liggen om de platgetreden paden te verlaten en aan Dylan-leken de gelegenheid te bieden om eens met andere nummers in contact te komen dan, om er maar eentje uit te pikken, “Knockin’ On Heaven’s Door.”

Misschien moeten liefhebbers die dieper willen graven in het fenomeen Bob Dylan deze piste wel verlaten en zich helemaal overgeven aan Theme Time Radio Hour. Deze radioshow, die om onduidelijke redenen vooralsnog niet door een snuggere jongen van de vaderlandse radiozenders is aangekocht, laat een nieuwe, fascinerende kant zien van His Bobness. Het concept is waarschijnlijk algemeen bekend: elke uitzending wordt aan één thema opgehangen en tussen die fijne keuze aan platen door laat Dylan zijn licht schijnen over de nummers en verbindende thema’s en behandelt hij e-mails van luisteraars.

Dat alles doet de man op uiterst sfeervolle wijze en de commentaren op het stemgebruik tijdens de uitzendingen is alvast positiever dan dat van ’s mans concerten. Hoewel zijn muzikale inbreng in de show uiteraard nihil is ten opzichte van zijn eigen platen, biedt Theme Time Radio Hour een boeiende muzikale inkijk in de man. Misschien was een best of van dit radioprogramma wel een interessantere release geweest dan een zoveelste verzameling hele en halve protestsongs. Ook voor zijn platenfirma zou dat, mits er handig gebruikt wordt gemaakt van de productnaam ‘Dylan’, een lucratieve operatie kunnen worden.

Bizar fenomeen

Zo’n zet zou ook een verrijking zijn voor de fans die Dylan samengesteld hebben. Want wat heeft hen eigenlijk gedreven in hun keuze? Het lijkt zeer onwaarschijnlijk dat ze de door hen geselecteerde nummers niet reeds, soms zelfs veelvuldig, in hun platenkast hebben staan. Waarom iemand steeds op zoek blijft gaan naar dezelfde muziek, is een uiterst bizar fenomeen dat dringend eens onderzocht en uitgeklaard moet worden. Zou er geen publiek zijn dat eens iets nieuws wil? Waarom wordt er bijvoorbeeld niet geput uit Slow Train Coming? Hoewel dat album nagenoeg algemeen verguisd is, vormt het een cruciaal deel van Dylans carrière doordat het de neerslag vormt van zijn zogenaamde bekeringsperiode. Hoewel muzikaal misschien niet even interessant als Nashville Skyline is het evenzeer een belangrijk deel in de ontwikkeling van Bob Dylan als artiest én als mens en is het daardoor onbegrijpelijk dat zo’n cruciale periode niet aan bod komt in een carrière-overzicht.

Goed, er bestaat van de nieuwe retrospectieve plaat ook een versie die drie schijfjes telt en waar bijvoorbeeld “Gotta Serve Somebody” wél opstaat, maar er is geen kristallen bol nodig om te raden of een jongmens die Dylan wil leren kennen zal starten met drie cd’s dan wel één. En daarmee is een kans die waarschijnlijk “slechts” eens in de tien jaar opduikt weeral verkeken. Misschien zou het geen slechte zaak zijn mochten de Dylanfans die Dylan samenstelden en vaak zoveel van hun idool, hun Messias, vragen voor een keer meer van zichzelf dan van de man vragen. Misschien krijgen ze er vervolgens ook meer voor terug?

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

17 − negen =