28 Weeks Later




Zombies zijn de max. Vooral de nieuwe generatie die tot leven
werd gewekt door Zack Snyder en Danny Boyle is behoorlijk
kickass in het kwadraat. De trage tamzakken van Romero
moesten opeens plaats maken voor schuimbekkende sprintmachines die
effectief gevaarlijk waren. De tijd dat je nog op het gemak een
boterhammeke met choco kon smeren en opeten vooraleer zo’n
hersendood geval in je buurt kwam, was voorgoed voorbij. De
upgrades uit ‘Dawn of the Dead’ en
’28 Days Later’
zijn opgefokte motherfuckers die al schreeuwend
rondcrossen en springen tot ze hun tanden in een sappig stuk
mensenvlees kunnen zetten. ’28 Days Later’ was een verrassingshitje
en een sequel kon uiteraard – we zitten nog altijd met een genre
dat grossiert in sequels, prequels, remakes – niet uitblijven. De
verrassing zet zich verder want de opvolger, ’28 Weeks Later’, is
niet alleen beenhard en tandenknarsend intens, maar ook iets beter
dan zijn voorganger. Hoera voor de zombies! Excuseer,
‘geïnfecteerden’.

Het verhaal situeert zich 28 weken nadat Cillian Murphy in een
desolaat Londen werd achternagezeten door mensen die besmet waren
met een virus dat bloeddorstige razernij opwekte. Het Amerikaanse
leger heeft zich in de hoofdstad geïnstalleerd om de situatie onder
controle te krijgen en er is al een ‘groene zone’ waar mensen terug
kunnen wonen. Eén van de nieuwe Londenaars is Don (Robert Carlyle),
die zijn vrouw (Catherine McCormack) heeft achtergelaten toen de
infected hun schuilplaats binnenvielen. Hij wacht er op
zijn kinderen, Andy en Tammy, die overkomen uit Spanje. Terwijl
sluipschutters en helikopterpatrouilles alles in de gaten houden,
probeert Don een nieuw leven op te bouwen voor z’n kinderen. Maar
het zal toch even moeten wachten, want ondanks de strenge
veiligheidsmaatregelen breekt het virus opnieuw uit en moeten de
inwoners van Londen weer vluchten voor hun leven. Het lot van een
militair met een geweten (Jeremy Renner, die van ver een beetje op
Daniel Craig lijkt), een hoopvolle doker (Rose Byrne) en Dons
kinderen raakt verstrengeld in een bikkelharde overlevingstocht
waar zowel de besmette slachtoffers als het Amerikaanse leger een
bedreiging vormen. Begin maar al te lopen.

Slim van regisseur Danny Boyle en scenarist Alex Garland om een
stap achteruit te zetten voor deze sequel en jong talent
Fresnadillo (‘Intacto’) zijn gang te laten gaan. ’28 Days Later’ was goed,
vooral de eerste helft, maar ook niet geweldig. De digitale look
verhoogde inderdaad de intensiteit, maar zag er vaak ook gewoon
goedkoop uit. Daarnaast verloor de film in de finale de pedalen
door opeens een sociale commentaar over seksuele rolpatronen in te
lassen. Het was met andere woorden onsamenhangend. ’28 Weeks Later’
hangt beter en minder geforceerd aan elkaar en ziet er bovendien
aantrekkelijker uit, zonder de gladde Hollywoodtoer op te gaan. De
verrassing van het origineel is weg, maar wanneer je met de
bilspleet toegeknepen zit te kijken naar Robert Carlyle die over
een grasvlakte de benen vanonder zijn lijf rent om de besmette
fuckers te ontlopen, doet dat er bitter weinig toe. Als
actiehorror is ’28 Weeks Later’ een snoeiharde voltreffer die de
kijker meermaals met de harteklop in de keel laat meezweten in het
zeteltje.

Zoals dat hoort bij moderne horror, zit er ook een weinig
subtiele politiek-sociale laag onder de oppervlakte. Waar ‘The Hills Have Eyes II’
nog een betekenisloze analogie naar de oorlog in Irak tussen de
gortigheden stak, is de referentie van ’28 Weeks Later’ niet alleen
sterker en beter uitgewerkt, maar ook relevanter voor het verhaal.
De beelden van Amerikaanse snipers in een
postapocalyptisch Londen doen onmiddelijk denken aan de
oorlogsbeelden uit het Midden-Oosten. Maar Fresnadillo gaat verder
en creëert een grimmig sfeertje dat een akelige evocatie brengt van
holocausttaferelen. De brandende lijken, de gasaanval, de
agressieve douchescène, de opsluiting in een ondergrondse bunker;
harde beelden die aan de fantasierijke fictie een realistische
context en setting geven en de ongemakkelijkheid laat stijgen.
Ergens deed het me denken aan wat Cuarón vorig jaar deed met
‘Children of
Men’
. Zeker wanneer ’28 Weeks Later’ zich tijdens de tweede
helft ontpopt tot een bloedstollende chase movie. Enkel
Clive Owen op teenslippers ontbreekt er nog aan.

Maar Fresnadillo (ik krijg trouwens ongelooflijk veel zin in
exotische ijscrème elke keer als ik die vent zijn naam moet
schrijven) laat de politieke referenties nooit de bovenhand halen.
Dit blijft in de eerste plaats een duizelingwekkende
horror-uppercut waar de psychologische terreur en splattergore (die
laagvliegende helikopter!) elkaar evenwichtig aflossen. Na een
schitterende openingssequentie moet de film even het tempo zoeken,
maar eenmaal de verrassende plotwending eraan komt, is ’28 Weeks
Later’ een pulserende adrenalineopstoot zonder weerga. Ja, er zijn
een paar plotgaatjes (de beveiliging van de Amerikanen is bij
momenten echt wel te laks) en de personages hebben evenveel
diepgang als de geïnfecteerden, maar de verrassingen (probeer maar
eens een hoofdprotagonist te vinden) en retestrak gemonteerde
set-pieces maken veel goed. Van de katalyserende outbreak
over de meedogenloze sluipschutterscène tot de wilde achtervolging
met de Volvo, het is allemaal bijzonder spannend en met veel
goesting in beeld gezet door Fresnadillo. Dat de
ongeïnspireerde geesten van de banale torture porn er maar
eens gaan aanstaan.

’28 Weeks Later’ doet wat een vinnig in elkaar gestoken
genrefilm moet doen en dan nog iets meer. Een rauwe en bloederige
biefstuk waar de liefhebbers van opgefokte horror hun tanden in
kunnen zetten. En als u me nu even wilt excuseren, ik moet het
zweet nog uit m’n handpalmen wringen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zes − zes =