Control




Als Morrissey Engelands nationale treurwilg is, dan moet Ian
Curtis het omgekliefde wilgje ernaast geweest zijn dat dat lag te
snikken in de dorre bladeren. Maar hoe triest het onverwachte einde
van de frontman van new wave-groep Joy Division ook was, de invloed
van Curtis en zijn makkers is momenteel nog actiever dan toen de
molenwiekende zanger nog op het podium van een groezelig keldertje
in Noord-England stond. Zowat elke post-punkband van het moment is
geïnspireerd door het werk van de band met de droefgeestige
teksten. Ook rockfotograaf Anton Corbijn zat in het getormenteerde
kielzog van Curtis en legde de groep op iconische wijze vast op
korrelige zwartwitfoto’s. Nu, bijna dertig jaar later, zit Corbijn
nog altijd gebonden aan de mythe van Curtis. Voor het eerst waagt
de fotograaf en videoclipmaker (hij zou graag hebben dat we hem
video artist noemen) zich aan een langspeelfilm. ‘Control’
gaat over – hoe kon het ook anders – Ian Curtis, de sad
fucker
die met zijn niet geheel onvoorziene daad Corbijns
carrière in een stroomversnelling bracht. Het portret van een
getroebleerde geest die geboren was om te sterven, om daarna eeuwig
te blijven voortleven.

Macclesfield, eind jaren zeventig. Een jonge Ian Curtis
(nieuwkomer Sam Riley) loopt verloren en verveeld rond in zijn
grijze omgeving. Op zijn kamer zoekt hij toevlucht in het op een
pickup draaiende wereldje van The Sex Pistols, David Bowie en Lou
Reed. Tijdens een legendarisch optreden van die Pistol boys in
Manchester maakt hij kennis met de mannen die later door het leven
zouden gaan als New Order. Ze zoeken een zanger voor hun groepje en
Ian Curtis lijkt de geschikte figuur. Joy Division is bijna een
feit (eerst lopen ze nog even rond met de naam Warsaw). Ians unieke
grafstem en pikzwarte maar poëtische teksten vallen op, en de
gloomy bastards krijgen een in bloed geschreven contract
bij Tony Wilson, de peetvader van de Manchesterse muziekscene. Maar
terwijl Joy Division stilletjesaan doorbreekt, worstelt Curtis met
een zwaarbewolkt privéleven. Een veel te vroeg voltrokken huwelijk
waar de fut al lang uit is (Samantha Morton speelt z’n vrouw
Deborah), een epilepsie-aandoening die hem de slaaf maken van
afstompende medicijnen en een affaire met de Belgische Annik Honoré
(Alexandra Maria Lara) zorgen ervoor dat Curtis verscheurd wordt
door schuld, wanhoop en eindeloze tristesse. En toen kreeg
de groep de kans om op tournee te gaan naar Amerika…

De erfenis van Joy Division en Ian Curtis is springlevend. Je
moet de radio maar aanzetten en afwachten tot ze de meest populaire
followers van het moment, Interpol en The Editors, voor de
elvendertigste keer afspelen. Corbijn had veel tijd nodig om zijn
psychologische biopic van de grond te krijgen, maar nu ‘Control’ er
eindelijk is, kon de timing niet gepaster zijn. De
post-punk-revival (of moeten we al post-post-punk zeggen?) zit de
laatste jaren weer volledig in de lift, zowel commercieel als
artistiek, en bewijst nog maar eens het belang van de invloedrijke
groep. Corbijn heeft niet gekozen voor een traditionele (lees
saaie) biografie, maar schildert eerder een diepsomber portret af
van een jongen met evenveel innerlijke demonen als muzikaal talent.
Demonen die hij overigens ongelooflijk hard nodig had om de
muzieklegende te worden die hij vandaag is. Met ‘Control’ geeft de
Nederlanse fotograaf geen verklaring voor de kopzorgen van Curtis,
maar laat hij wel een impressionistische glimp zien van zowel het
genie als het monster achter z’n ogen.

Als muziekbiografie vervalt ‘Control’ nooit in blinde adoratie
voor z’n onderwerp, maar het valt niet te ontkennen dat Corbijn wel
degelijk een diepgewortelde sympathie koestert voor de te vroeg
gestorven muziekgod. ‘Control’ is op die manier niet zo zeer
conventioneel, als wel ‘voorzichtig’. Dit is een film ‘for
Ian’
, waardig en met veel respect gebracht, maar ook een
tikkel te veilig en te braaf. Ian is de ongrijpbare, enigmatische
antiheld, terwijl zowel zijn vrouw, zijn minnares als zijn
bandleden er maar aan de zijlijn bijstaan om machteloos toe te
kijken. Maar was zijn vrouw (gevoelig en emotioneel vertolkt door
Samantha Morton) wel echt zo’n doodbraaf huisseutje die alleen het
beste met haar Ian voorhad? En zullen Hooky en de andere leden niet
een paar keer zwaar pissig geweest zijn door de kuren van hun
onmisbare zanger? Ongetwijfeld, maar verwacht niet dat die dingen
uitgebreid aan bod zullen komen in ‘Control’. Corbijn heeft zijn
prent gemaakt om te zalven, niet om te analyseren en
confronteren.

Gelukkig was Curtis effectief een complex en fascinerend
vraagteken, dat genoeg mysterie biedt om een intrigerend relaas
rond te bouwen. ‘Control’ begint bij de minder sombere jaren, met
leuke anekdotes en een onvermijdelijke zijsprong naar Tony Wilson
(voor zijn verhaal, zie het poster dan postmoderne ’24 Hour Party
People’), maar het gemoed van Curtis weegt steeds zwaarder door en
zijn existentiële vraagstukken zouden iedereen al snel naar de fles
doen grijpen. Hoe meer successen Joy Division boekt, hoe lastiger
de frontman het krijgt. Veel, zo niet alles, had uiteraard te maken
met zijn driehoeksverhouding, die hem naar die donkere afgrond
dreef. De mensen rond Curtis missen diepgang en nuancering, maar
alles over hem is krachtig en vaak hypnotiserend mooi in beeld
gebracht. Vooral de muziekoptredens (She’s Lost Control!
Transmission!) springen eruit, net zoals de pakkende eindscène waar
het bloedmooie Atmosphere even ontroerend als verlossend wordt
ingezet. En toen daalde de geest van Ian neer op Sam Riley.

Sam Riley speelt Ian Curtis niet, hij incarneert hem. Niet
alleen lijkt hij er fysiek erop, de stem en tics zijn akelig
overtuigend en zorgen voor weergaloze kippevelmomenten (de acteurs
spelen en zingen trouwens live). Wanneer een in trance verkerende
Riley Transmission begint te zingen, inclusief de spastische
jogbewegingen van Curtis, dan overstijgt de acteur het aardse en
komt hij heel even in contact met de schemerzone waar mister Ian
ongetwijfeld nog af en toe in vertoeft. Voel het haar in uw nek
rechtspringen wanneer hij net zoals Curtis zijn moegetergde ogen
laat wegrollen terwijl hij de microfoon zijn donkere songteksten
laat absorberen. Als ‘Control’ door merg en been gaat dan is dat
niet zo zeer door de prachtige, grauwe fotografie van Corbijn, maar
door de ontzagwekkende tour de force van Sam Riley.
Ongelooflijk.

‘Control’ laveert subtiel tussen de realiteit en mythe omtrent
Ian Curtis, en zijn muzikale relevantie en persoonlijke tragedie.
Deels realistisch kitchen sinkdrama, deels
hartverscheurende poëzie, gevangen in prachtige, uitgepuurde
zwartwitfotografie. Corbijn had gerust iets persoonlijker en
gewaagder mogen gaan (wat is zijn standpunt nu eigenlijk?), maar
waar de regisseur iets teveel afstand neemt van het onderwerp,
neemt Sam Riley de kijker helemaal mee in de trieste onderwereld
van Ian Curtis. En wanneer The Killers hun versie brengen van
Shadowplay tijdens de aftiteling, besef je maar al te goed wat het
belang en de invloed van Curtis en Joy Division betekent voor de
jonge muziekhonden van vandaag. Einde transmission.

PS: Voor meer over Joy Division en hun klassieker ‘Unknown
Pleasures’,verwijs ik met veel plezier en passie door naar een
geweldig schrijfstuk van de collega’s van hiernaast. link: http://www.digg.be/articles.php?id=1012

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 − vijf =