Kit :: Broken Voyage

Het is genoegzaam geweten dat Japan bekend staat om zijn kopieerdrang en perfectionisme: een Japanner kopieert een product en levert er dan een hoogwaardigere versie van af. Of het nu om consumentenproducten gaat of om culturele uitingen, de gelijkenis is haast griezelig te noemen.

Maar het land van de Rijzende Zon is meer dan zomaar een menselijke reproductiemachine. Wanneer er cultuureigen elementen binnensluipen in de technologie of in de creatieve uitingen, ontstaat een vreemde symbiose die met verwondering en verbazing gadegeslagen wordt. Groepen als Zeni Geva, Ultra Bidé, The Boredoms of Melt Banana konden dan ook alleen maar in Japan ontstaan; hun mix van Westerse en Japanse elementen is immers ongehoord en fascinerend. Geen wonder dat er vooral in het Westen een publiek voor bestaat.

De "overstap" naar het Westen zorgt niet alleen voor een fascinatie maar ook voor een kruisbestuiving. Artiesten als John Zorn en Mike Patton werden door deze groepen beïnvloed, maar evenzeer oefenden ze zelf hun invloed uit. Nergens wordt dat zo duidelijk als op Kits debuut Broken Voyage, dat klinkt als een niet-perfecte, maar net daarom geslaagde kopij van Japanse avant/noisecore. Niet minder dan elf songs worden er doorgejaagd, terwijl de groep van hardcore naar pop naar noise huppelt, en dat allemaal binnen de tijdspanne van één minuut.

Nog voor iemand weet wat er gebeurd is, is "Tethered Wings" gestart en alweer voorbij. Een loopse bas, een hysterische zang en een frenetieke drum, in nog geen minuut heeft Kit zich geprofileerd als een Westerse versie van Melt Banana die één van de trutjes van Shampoo (herinner u "Trouble") ingelijfd heeft. Ook "Maps" snelt voorbij, maar de hysterie is hier minder beladen, de drum zweert bij het betere cimbalenwerk en de gitaren klinken opvallend helder.

"Flat Earth" is trager maar noisier. De geluidsmuur en Deerhoof-gitaarlijntjes maken hier het mooie weer. "Forest" haalt net de twee minuten niet maar incorporeert opnieuw Deerhoof-gitaren, die netjes clashen met popgezang en uitmonden in een metalige gitaarbrij. "Star Sign" klinkt opvallend poppy en gecondenseerd, alsof een vrouwelijk poppunkbandje samengeperst werd tot het formaat van een noisecombo. Ook "Coast Of Arms" heeft die poppy kant maar ditmaal wordt er een experimenteel gitaarelement aan toegevoegd. "Petty Tiger Tells" gebruikt dan weer stonergitaren en heeft geen boodschap aan lang uitgesponnen nummers. Een verhaal kan ook onder de twee minuten verteld worden.

Met "Fake Broken Legs" komt het eerste "volwaardige" nummer aan bod en maakt Kit duidelijk dat het ook in langere nummers de aandacht weet te houden. De grillige gitaarpartijen en kinderlijke keyboardklanken vormen een mooi paar en koppelen een noisecoresong aan een zacht klinkend D.A.F.-uitstapje in het midden van het nummer. "Night Time" is een van de toegankelijkere songs. De rechttoe rechtaan avant/noiserock met een aan het genre eigen intermezzo biedt geen verrassingen: Deerhoof op speed dat alle liflafjes achterwege laat.

Ook op "Nautical Lament" worden korte sfeerstukjes ingelast die nergens voor nodig zijn maar evenmin storen of de vaart uit de song halen. Scheurende gitaren en gedeclameerde zang mogen op gepaste tijden onderbroken worden door akoestische gitaren en ander fraais. "Fixed Compass" wil het wat rustiger aan doen, zelfs al lijkt het alsof de drums gewoon van de trappen gegooid werden en de gitaren met schroevendraaiers te lijf werden gegaan. Pop, hardcore, noise en avantrock worden net zoals op de rest van het album in gelijke dosissen geserveerd.

Met Broken Voyage zoekt Kit veel meer aansluiting bij de Japanse "avantrock"-scene dan bij de Westerse gitaarhelden. De Oosterse gekte wordt evenwel nergens ook maar benaderd, in het bijzonder doordat het popelement zo anders is in beide contreien. Kit is dus minder extreem, maar daarom niet minder interessant.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeventien + 8 =