The Rones :: Nonsense & Crackwhores

Een jaar of drie geleden op een Limburgs podium: The Rones, een stelletje snotneuzen dat niet goed wist van welk hout pijlen maken, slechts een dozijn albums in de platenkast had staan, en daar gretig leentjebuur ging spelen, maar duidelijk ook al verstand en ballen aan de dag legde. Nu, een aardig parcours verder, is er eindelijk die eerste release, die de verwachtingen die we destijds koesterden grotendeels inlost.

Het ging nochtans niet van een leien dakje. Toen het vijftal anderhalf jaar geleden aan de haal ging met de Limbomania-overwinning werd hen dat door velen niet gegund, of zelfs kwalijk genomen. Het leek wat aan de vroege kant, wat bewezen werd door soms onsamenhangende optredens die een gebrek aan eigen ideeën niet konden verhullen. Maar er was energie, er was koppigheid, en vooral: de drang om al die criticasters de mond te snoeren. Samen met producer Luuk Cox trokken de vijf naar de Ardennen om daar voor eens en altijd komaf te maken met de verwijten van recyclage en melkmuilschap. De zes songs die terug te vinden zijn op Nonsense & Crackwhores behoren nog steeds niet tot het origineelste dat we dezer dagen te horen krijgen, maar we zijn wel opnieuw overtuigd van een toekomst voor The Rones.

Wat een paar jaar geleden vooral iets had van een krampachtig met de grote jongens willen meedoen, kan nu namelijk kracht bijgezet worden met een snedige, door adrenaline bezwangerde mix van industrial en grooverock die bewijst dat de band het voorbije jaar een grote stap vooruit heeft gezet. Al dat gedoe over crackhoeren, crossdressing, cocaïne en vunzigheid allerhande is nog steeds wat té dik in de verf gezet, maar hey, Johnny Cash wandelde nooit rond met een schietijzer in Reno, en zover wij weten is Daan ook niet écht een uit de hand gelopen grap. Het verschil is: Nonsense & Crackwhores heeft daadwerkelijk de ballen in huis om de argeloze luisteraar ervan te overtuigen dat het jonge grut opgroeide tussen gerecycleerde heroïnenaalden, aftandse pawnshops en achterbuurthotels met manke neonreclames.

Hun geluid situeert zich nog altijd op die geliefdekoosde axis of evil, zijnde ’Queens Of The Stone Age’ – ’Millionaire’ – ’iets met Mauro erin’. De lijzige zang op "Scissors" is vintage Josh Homme; dat gitaarlijntje doet ons dan weer denken aan iets van Songs For The Deaf. De geesten van Vanhamel en Pawlowski zijn dan weer aanwezig in de contraire ritmes, de moderne, met ontucht flirtende grooves en vreemde accenten. "Touch y’r Body" is een verre verwant van "B.A.B.Y." van the Evil Superstars, terwijl de riff van opener "Nonsense" ook op Much Against Everyone’s Advice van die andere met electro smodderende rockhelden had kunnen staan. Dat verandert echter niets aan het feit dat The Rones hier op de proppen zijn gekomen met een lekker wegscheurende lap turborock met een knoert van een refrein en naar alle kanten schietend gegier.

Bij de liveoptredens kregen we het gevoel dat voorman Lenn Van Meeuwen en zijn compagnons zich al te vaak verstopten achter een muur van lawaai en geluidsmanipulaties. Nonsense & Crackwhores gaat daar even ver in, en blijft erop los beuken tot je er bijna genoeg van hebt, ware het niet dat er met verve wordt geacteerd: "Scissors" is wise-ass cool van kop tot teen, en "Contradictions" heeft een forse dosis 80’s electro weten om te buigen in iets wat gewoonweg wérkt. Bij afsluiter "Cocotte" wordt het duidelijk dat de band stilaan door z’n voorraad goede ideeën zat, maar ondanks dat misogynisme en die overbodige geluidssoep aan het einde blijven we toch luisteren.

Met Nonsense & Crackwhores geven The Rones geen trap in de kloten zoals we die een jaar of dertien geleden kregen van The Evil Superstars en hun Hairfacts, maar de release overtreft moeiteloos onze verwachtingen én bevestigt nog maar eens ons vermoeden dat er in de Limburgse grond of lucht iets zit dat rockbands ten goede komt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

7 − vijf =