SJ Esau :: Wrong Faced Cat Feed Collapse

Er zijn hondenmensen en kattenmensen, zo wil de legende. Sommigen vinden honden trouwe en gezagsvolle dieren, en katten anarchistische en eigenzinnige dieren zonder een greintje respect voor wie dan ook. Anderen zijn het daarmee eens maar zien dat net als een argument pro katten en contra honden. Volgens die theorie is SJ Esau duidelijk een kattenmens.

SJ Esau is het pseudoniem van Samuel Wisternoff uit Bristol. Hoewel Wrong Faced Cat Feed Collapse zijn debuutalbum op Anticon is, bracht hij onder de naam SJ Esau eerder al twee lp’s uit op een eigen label (ook dit album was eerder al in beperkte oplage verkrijgbaar) en is hij ook actief geweest onder het pseudoniem Esau. Daarnaast is hij nog lid van Onanist Homework Robot, The Guano Ignoramus en Jeremy Smoking Jacket. Tot voor enkele jaren speelde hij bovendien mee bij The Pudding.

En voor wie van deze opsomming nog niet tureluurs wordt, is het misschien fijn om te weten dat Wisternoff als tienjarige samen met zijn broer onder de naam True Funk Posse een single uitbracht op Smith & Mighty’s Three Stripe Label, en dat hij onder meer met 3D (Massive Attack) en Tricky samengewerkt of opgetreden heeft. Maar dat was toen, en dit is nu. Als SJ Esau bekwaamt Wisternoff zich tegenwoordig in rammelrock (denk bijvoorbeeld aan de (jonge) Beck), die hij mixt met slowcore à la Low en gitaaruitbarstingen waar Mogwai en Slint een patent op hadden.

Wrong Faced Cat Feed Collapse is dan ook geen album geworden dat zich al te gemakkelijk laat kennen. Wisternoff speelt met genres en conventies om zo een eigen wereld te creëren waarbij onder meer katten als houvast dienen om de waanzin van het geheel toch te kunnen vatten. Het hele album is al even wispelturig en onvoorspelbaar als het dier waaraan ook Wisternoff zich zo gehecht heeft. Het ene moment spint het album rustig en tevreden, maar nog geen vijf seconden laten haalt het venijnig uit met scherpe klauwen, zonder dat daar een reden voor hoeft te zijn.

Soms klinkt SJ Esau als een jonge Mogwai (“The Wrong Order”) die ontdekt heeft dat zijn uitbarstingen beter tot hun recht komen als alles lo-fi opgenomen wordt, dan weer wil hij Low naar de kroon steken, maar kan hij het toch niet laten de song voller te proppen dan strikt noodzakelijk is (“Wears The Control” en “Lazy Eye”). Op “I Got A Bad” en “Halfway Up The Pathway” komen zelfs door blues geplaagde singer-songwriters om de hoek piepen, zij het met een meer dan gemiddelde dosis waanzin. Daniel Johnson is nooit ver weg.

Een aantal nummers kiest zelfs doelbewust geen richting of genre, en huppelt vrolijk van het ene moment naar het andere, zonder ooit een duidelijk afgebakende weg te (willen) kiezen. Zo laat “All Agog” poppy melodieën kapot lopen op avanthopritmes en gruizige gitaren, en geeft “Cat Attack (He Has No Balls)” al helemaal niet thuis: Syd Barret wordt aanvankelijk nog treffend geëerd, maar dan barst de song al open en krijgen strijkers vrij spel om even plots terug baan te ruimen. “Queezy Beliefs” kiest voor een gelijkaardige schizofrene aanpak door vreemde uitbarstingen te koppelen aan ingetogen momenten, met als enige constante puur surrealisme.

Een slordige zeventien jaar en verschillende projecten na zijn debuut als MC krijgt Sam Wisternoff opnieuw de kans om zich bij een groter publiek kenbaar te maken. Net zoals de kat is SJ Esau een intrigerende persoonlijkheid die slechts met mondjesmaat, en alleen als hij daar zelf zin in heeft, iets van zichzelf kenbaar maakt. Benieuwd of ook hondenliefhebbers hier iets aan zullen vinden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

achttien − 9 =