Letters From Iwo Jima




138
min. /
USA / 2006

‘De carrière van Clint Eastwood geeft ons allemaal
hoop’, zei Steven Spielberg een tijdje geleden, ‘want hij levert
zijn beste werk na zijn zeventigste.’ Melige PR-praat van een man
die, niet toevallig, fungeerde als producent van Eastwoods twee
laatste projecten? Misschien, maar het is niet ver bezijden de
waarheid. De krasse knar is behoorlijk aan de gang de laatste
jaren, met eerst het bloedmooie ‘Million Dollar Baby’ en
vervolgens zijn ambitieus tweeluik over de slag rond Iwo Jima.
Enkele maanden geleden viel het eerste deel daarvan, ‘Flags of Our Fathers’,
nog een beetje in het verdomhoekje “interessant, maar niet echt
memorabel”, maar nu slaat Eastwood steenhard terug met ‘Letters
From Iwo Jima’, zijn indrukwekkende follow up. Alle
sceptici die na ‘Flags’ beweerden dat
het hele Iwo Jima-project een slag in de lucht zou zijn, mogen nu
officieel hun mond houden.

Eastwood belicht ditmaal de Japanse kant van het conflict: het
verhaal (voor zover je daarvan kunt spreken) begint aan het einde
van 1944, wanneer de humane generaal Kuribayashi (Ken Watanabe) op
Iwo Jima aankomt om er het bevel over te nemen. De legerleiding
vermoedt dat het kleine vulkanische eiland wel eens het eerste
doelwit van een Amerikaanse inval zou kunnen zijn en de soldaten
bereiden zich dan ook voor: loopgrachten graven, geweren en
kanonnen installeren en al die andere bezigheden waar de betere
jeugdbeweging in gespecialiseerd is. In de aanloop naar de
Amerikaanse aanval volgen we Saigo (Kazunari Ninomiya), een gewone
soldaat die nogal aan z’n hachje gehecht is, en baron Nishi
(Tsuyoshi Ihira), een paardencoureur die in de jaren dertig een
olympische medaille won in Los Angeles.

Het eerste half uur van ‘Letters From Iwo Jima’ is een rustige,
meditatieve bespiegeling over de aard van elke oorlog, die soms
herinneringen oproept aan Terrence Malicks ‘The Thin Red Line’. Je
krijgt minder waaiend gras te zien (méér zou moeilijk zijn), maar
wel een gelijkaardig kabbelend ritme en een vergelijkbaar gebruik
van voice-over, waarin we flarden horen van de brieven die de
soldaten naar huis schrijven. Eastwood gebruikt die tijd niet
alleen om zijn personages te introduceren (hoewel dat natuurlijk
het belangrijkste is vanuit narratief oogpunt), maar ook om een
bepaalde sfeer op te roepen. Het wordt duidelijk dat de regisseur
van plan is om er zijn tijd voor te nemen, om ons op methodische
wijze binnen te sleuren in de claustrofobische wereld van de
soldaten, die voornamelijk lijkt te bestaan uit grotten en
benauwende ondergrondse tunnels. En dàn, wanneer we voldoende zijn
voorbereid, barst de hel los met het naderen van de immense
Amerikaanse vloot.

Inhoudelijk heeft Eastwood al bij al niet zoveel nieuws te
vertellen. ‘Letters From Iwo Jima’ maakt twee belangrijke punten,
die geen van beiden erg spectaculair zijn. Ten eerste wil hij de
aandacht vestigen op de twee conflicterende mentaliteiten van
soldaten tijdens een oorlog: de hard-liners, die het een
eer vinden om te mogen sterven voor de Keizer en zichzelf nog
liever aan stukjes blazen met een granaat dan gevangen genomen te
worden. En aan het andere uiteinde van het spectrum de meer
menselijke, rationeel ingestelde soldaten die het zinvoller vinden
om in leven te blijven en hebben ingezien dat eer niet automatisch
samenhangt met de dood. Het is hier dat er een duidelijke parallel
te trekken valt met ‘Flags of Our Fathers’:
die film ging helemaal over het concept “heldendom”. Wanneer ben je
een held en bestaat er tout court wel zoiets? In ‘Letters
From Iwo Jima’ zie je mensen die hun leven lang geïndoctrineerd
zijn om heroïek op een bepaalde manier te interpreteren (sterven,
nooit opgeven, banzai!), en die nu geconfronteerd worden met de
grenzen van hun eigen normale, menselijke gevoelens. Hoe moeilijk
is het om een hard-liner te blijven als het er écht op
aankomt en het een zekere dood betekent?

En ten tweede heeft Eastwood het over de volslagen absurditeit
van elke oorlog, omdat iedereen, overal ter wereld, uiteindelijk
toch maar hetzelfde wilt en droomt. De brieven van de soldaten op
Iwo Jima verschillen geen haar van de brieven die Amerikaanse
soldaten naar huis stuurden. Ze zijn allemaal bang, ze willen
allemaal naar huis en dat is dat. En toch schieten ze elkaar
af.

Die ideeën hebt u al wel eens gehoord, maar Eastwood geeft ze
vorm in een indrukwekkende, meeslepende en vaak ook aangrijpende
film. De regisseur heeft er de laatste jaren een kunst van gemaakt
om intens emotionele films te maken waarvan je zelden de indruk
krijgt dat ze het sentiment in je gezicht duwen, en zo ook hier. De
kleuren zijn zodanig afgebleekt dat je voor alle praktische
doeleinden naar een zwart-wit prent zit te kijken. De
camerabewegingen zijn over het algemeen subtiel en situaties worden
langzaam, zorgvuldig opgebouwd. Let op een scène waarin één van de
hard-liners weigert om zich terug te trekken en dan maar
een peloton soldaten de opdracht geeft om zelfmoord te plegen. En
dat doen ze – één voor één trekken ze de pin uit een granaat en
laten ze zichzelf ontploffen, met al het goor dat daarbij hoort.
Maar Eastwood zet het allemaal zó droogjes en onsensationeel in
beeld dat die scène op geen enkel moment exploiterend overkomt. De
regisseur gebruikt een anoniem registrerende stijl. Zijn camera
dringt zich nergens op, en het resultaat daarvan is dat je als
kijker alleen overblijft met de personages en hun emoties: de stijl
kan nergens als buffer fungeren tussen ons en de situaties.
Conclusie: hoe minder je openlijk probéért om iets emotioneel te
maken, hoe beter het lukt. Als je situatie op zichzelf sterk genoeg
is, natuurlijk.

En dat wil over het algemeen wel lukken. Eastwood zet meer dan
anderhalf uur lang (alles vanaf de landing van de Amerikanen) de
éne krachtige sequens na de andere in elkaar. Saigo die tussen de
fluitende kogels naar een gevallen strontemmer ligt te graaien of
een flash-back naar een soldaat die bevel krijgt een hond neer te
schieten – scènes die tot het beste behoren dat we dit jaar kunnen
hopen te zien. Af en toe gaat de regisseur dan toch overboord –
wanneer baron Nishi een brief van een Amerikaanse soldaat
voorleest, komt de stroop plotseling even vervaarlijk dichtbij –
maar dat is een uitzondering. In de regel is de beheersing van
Eastwood weinig minder dan voorbeeldig.

‘Letters From Iwo Jima’ is duidelijk gemaakt door iemand die
heeft geleerd hoe hij zijn emoties in filmische vorm kan gieten
zonder gratuit of melig te worden. Kanonnen bulderen en
kogels gieren, maar waar je mee buitengaat is het intrieste gevoel
van zinloosheid en verlatenheid dat de motor is van zowel deze
‘Letters’ als ‘Flags’. Voor de
vernieuwende ideeën hoef je het niet te doen, maar als
intelligente, doorleefde illustratie van een gekend thema kan dit
tellen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × een =