The Queen




97

Sterven was wellicht de beste carrièrezet die Lady Di ooit had
kunnen maken. Toen ze in de nacht van 31 augustus 1997 om het leven
kwam in een auto-ongeluk, luidde de klap van metaal op beton het
begin in van de officiële mythe van Diana. The queen of hearts,
the people’s princess.
De heilige die aidspatiënten uit het
verdomhoekje haalde, weeskindjes overal ter wereld hielp en
hoogstpersoonlijk door een mijnenveld liep om oorlogsslachtoffers
te helpen. De schurken van het hele verhaal waren prins Charles,
die als enige verantwoordelijk werd gesteld voor het mislukken van
hun huwelijk, en zijn moeder, queen Elizabeth zelve, die bij
consensus werd afgeschilderd als ongenadige takkenteef die Diana
nooit het in licht in haar ogen had gegund. Dat de waarheid
misschien iets complexer lag dan dat, en dat ook Lady Di zelf af en
toe fameus het varken had uitgehangen in haar huwelijk, was iets
wat de wereld (en zeker de Engelse bevolking) niet wilde horen op
dat moment.

Ik weet nog dat toen ik het nieuws hoorde van het ongeluk, ik
enkel reageerde met een soort van afstandelijke, obligate
interesse: je kijkt naar het nieuws tot je dat na een half uurtje
wel weer gehad hebt, en je gaat verder met hetgeen je aan het doen
was. Als ze me hadden verteld dat een beroemd acteur het hoekje was
omgegaan, had ik er waarschijnlijk even veel bij gevoeld. Maar dan
die publieke reactie: het leek wel alsof de hele Britse natie een
collectieve kreet van wanhoop slaakte, met rouwbetuigingen die
haast surrealistisch werden. Die reactie snapte ik toen niet, en
ze blijft ook één van de meest fascinerende aspecten van ‘The
Queen’, Stephen Frears’ film over koningin Elizabeth tijdens de
week tussen de dood en de begrafenis van Diana. Terwijl het hele
land zichzelf opvreet van verdriet, verbergt de koningin zich in
haar buitenverblijf. Er komt geen officiële verklaring, de vlaggen
worden niet halfstok gehangen en aanvankelijk is het zelfs de
bedoeling om Di in strikte privésfeer te begraven. Naarmate de tijd
verstrijkt, gaan het volk en de pers zich afvragen waar die
ijskoude reactie van de royals goed voor is. Kersvers premier Tony
Blair (hier gespeeld door Michael Sheen) moet proberen om volk en
vorstenhuis te verzoenen.

Frears probeert vooral na te gaan waarom het zo lang duurde
voordat de koningin ook maar in het minst reageerde op de
gebeurtenissen. Ze moest toch hebben geweten wat er zich afspeelde
voor de poorten van haar paleis, waarom sprak ze zich niet uit? De
regisseur is echter zeer efficiënt in het schetsen van de traditie
waar Elizabeth uit afstamt: een typisch Britse manier van leven,
waarin de upper lip ten alle tijden stiff hoort
te zijn, en waarin je stilletjes dient te werken voor je volk,
zonder daarom jezelf in de aandacht te brengen of je emoties te
tonen. Tja, en dan was daar Diana, die zowat elke emotie openlijk
en luidruchtig toonde aan de verzamelde wereldpers, die regelmatig
interviews gaf en in het algemeen gewoon verdomd goed wist hoe ze
met camera’s en mensen moest omgaan. Diana was een kind van een
generatie die zich zeer bewust was van de kracht van de media.
Elizabeth daarentegen, zat al vijftig jaar lang in een vastgeroest
protocol waarin gevoelens automatisch als zwaktes worden gezien. En
dat verschil laat zich voelen. De koningin kijkt naar de
Diana-bedevaarders op tv en vraagt zichzelf luidop af: “Waarom doen
ze zo gek voor iemand die ze niet kenden?” Haar mentaliteit is
simpel: Diana is dood, dat is misschien erg voor haar familie, maar
voor de rest heeft eigenlijk niemand er zaken mee. Borst vooruit en
verdergaan. En voor het overige lijkt ze Diana vooral een kwekmadam
te hebben gevonden die beter wat meer waarde aan de tradities had
gehecht.

Het is eigenaardig dat ‘The Queen’ door sommige kijkers werd
omschreven als propaganda voor het Britse koningshuis, terwijl
Frears toch duidelijk vragen oproept over de relevantie van de
monarchie indien ze zo ver verwijderd staat van haar onderdanen.
Wanneer de koningin het verdriet van haar eigen volk zo
verschrikkelijk onderschat, wat is dan nog haar nut? Het
koningshuis wordt hier afgeschilderd als een archaïsche circustent
vol eeuwenoude rituelen en gebruiken die niemand gelukkig maken –
ook de individuen in dat paleis niet. Elizabeth wordt door Helen
Mirren gespeeld als een tragische figuur, die misschien gelukkiger
zou zijn geweest als ze de kans had gehad om een normaal leven te
leiden. Prince Philip is dan weer een pathetische figuur die liever
gaat jagen dan dat hij naar Di’s begrafenis gaat en prins Charles
komt hieruit naar voren als een gefrustreerd gevoelsmens, die nooit
echt contact heeft kunnen leggen met zijn moeder. Pro-monarchie
propaganda? Dat dacht ik niet, alleen worden de mensen achter de
officiële facades wél tijdelijk belicht, om onthuld te worden als
feilbare, soms irritant kortzichtige, maar wel zeer menselijke
personen.

Als de film al érgens uit de bocht gaat, dan is het wel in de
afbeelding van Tony Blair. Michael Sheen speelt hem goed, maar de
Labour-leider wordt gelijk afgeschilderd als de redder van de
monarchie en als een “frisse, liberale, moderne wind” door de
regering. Een sympatiek burgermannetje, kortom, die liever heeft
dat iedereen hem gewoon Tony noemt en die thuis braafjes de afwas
doet terwijl zijn vrouw de kinderen in bed stopt. Natuurlijk speelt
de film zich af in een periode vóór Blair zo controversieel werd
als hij nu is, en natuurlijk zal hij destijds wel een goeie job
hebben gedaan als de facto PR-verantwoordelijke tussen het
koningshuis en de media, maar teveel is trop. Deze Tony Blair is zo
instinctief incapabel om fouten te maken dat je op den duur zit te
wachten op een aureool en vleugeltjes.

Frears heeft ‘The Queen’ oertraditioneel opgebouwd, wat
enerzijds wel past bij het onderwerp (hier moet je geen hysterische
montages gaan maken, want wat zouden die hier komen doen?), maar
wat er anderzijds ook toe leidt dat de prent na een tijdje
behoorlijk klinisch gaat aanvoelen. Frears probeert gebeurtenissen
te registreren zonder op de melo-knopjes te drukken, en dat siert
hem. Maar hij zet alles zo afstandelijk in beeld dat het zeer
moeilijk is om er echt met mee te leven.

Maar goed, de acteurs zijn uitstekend, met een geniale Helen
Mirren op kop (een oscar en wel nu!), en de prent weet in ieder
geval continu boeiend en onderhoudend te blijven. Alleen jammer dat
er niet iets meer passie achter schuilgaat.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

14 − tien =